Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » Een Kroon van Zwarden
Een Kroon van Zwarden - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

Een Kroon van Zwarden

Электронная книга - «Een Kroon van Zwarden». Краткое содержание книги:

Een Kroon van Zwarden
1 ... 76 77 78 79 80 81 82 83 84 ... 217
Перейти на страницу:

Nicola en Areina draaiden zich van de kar om en zagen Siuan aankomen, waarop ze stokstijf stilstonden. Dat was geen wonder, aangezien Siuan op hen afkwam alsof ze dwars door de twee jonge vrouwen én de kar wilde stappen. Areina’s hoofd schoot zoekend heen en weer, maar voor ze bedacht had ervandoor te gaan, schoten Siuans handen uit en had ze ieder bij een oor beet. Haar woorden waren te zacht om gehoord te worden, maar Areina staakte meteen haar geworstel om zich los te trekken. Met haar handen hield ze Siuans pols vast maar ze leek die te gebruiken om zich overeind te houden. Er golfde zo’n blik van puur afgrijzen over Nicola’s gezicht dat Egwene zich afvroeg of Siuan wellicht te ver ging. Aan de andere kant, onder deze omstandigheden misschien wel niet. Ze zouden inderdaad vrij rondlopen na hun misdrijf. Het was jammer dat ze geen manier kon bedenken om hun aanleg voor het ontdekken van verborgen dingen in te zetten voor de Amyrlin en geen manier om hen veilig te muilkorven.

Ze wist niet wat Siuan had gezegd voor ze de oren van het tweetal losliet, maar ze wendden zich meteen naar Egwene en maakten een diepe knix. Die van Nicola kwam zo laag dat haar gezicht bijna de grond raakte en Areina tuimelde zowat om. Siuan klapte eenmaal fel in haar handen en de twee vrouwen schoten overeind en struikelden gehaast naar twee ruige karrenpaarden om ze los te maken. Ze zetten zich schrijlings op de ongezadelde dieren en galoppeerden zo snel de ondiepte uit dat ze wel vleugels leken te hebben.

‘Die zullen er zelfs in hun slaap niet over mompelen,’ zei Siuan zuur bij haar terugkeer. ‘Novices en schavuiten kan ik tenminste nog aan.’ Haar ogen bleven op Egwene gericht en vermeden de twee andere zusters volkomen.

Egwene onderdrukte een zucht en wendde zich tot Mijrelle en Nisao. Ze moest nodig iets aan Siuan doen, maar dat was van later zorg. De Groene zuster en de Gele sloegen haar behoedzaam gade. ‘Het is heel eenvoudig,’ zei ze ferm. ‘Zonder mijn bescherming zullen jullie waarschijnlijk je zwaardhanden kwijtraken en bijna zeker wensen dat jullie levend gevild waren, tegen de tijd dat de Zaal klaar is met jullie. Bovendien zullen jullie eigen Ajahs ook wel wat te zeggen hebben. Het kan jaren duren voor je je hoofd weer hoog kunt houden, jaren voor er geen zuster meer vlak naast je staat, die je voortdurend op de vingers ziet. Maar waarom zou ik jullie beschermen tegen de gerechtigheid? Het legt mij verplichtingen op. Jullie kunnen hetzelfde weer doen of nog erger.’ De Wijzen hadden hun aandeel erin, hoewel dit eigenlijk niet geheel ji’e’toh was. ‘Als ik die verantwoordelijkheid op me wil nemen, dienen jullie eveneens een verplichting te hebben. Ik moet in staat zijn jullie volkomen te vertrouwen en ik zie maar één manier om dat te bereiken.’ De Wijzen, vervolgens Faolain en Theodrin. ‘Jullie gaan me trouw zweren.’

Ze hadden fronsend staan luisteren, zich afvragend waar ze heen wilde, maar wat ze ook gedacht hadden, dit was volslagen onvermoed. Hun gezichten waren de moeite van het aanzien waard. Nisao’s mond viel open en Mijrelle keek alsof ze met een moker tussen de ogen was geraakt. Zelfs Siuans mond stond ongelovig half open.

‘Dat k... k... kan niet,’ sputterde Mijrelle tegen. ‘Nooit eerder heeft een zuster...! Een Amyrlin heeft nog nooit... U denkt toch zeker niet...!’

‘O, hou je mond, Mijrelle,’ snauwde Nisao. ‘Dit is helemaal jouw schuld! Ik had nooit naar jou...! Nou ja, wat gedaan is gedaan, en wat is, blijft.’ Met diep omlaag getrokken wenkbrauwen gluurde ze Egwene aan en mompelde: ‘U bent een gevaarlijke jonge vrouw, Moeder. Een heel gevaarlijke vrouw. Wellicht breekt u de Toren in nog kleinere stukken dan die al is, voor u ermee klaar bent. Als ik daar zeker van was, en de moed had mijn plicht te doen en onder ogen te zien wat ons wellicht nog te wachten staat...’ Toch knielde ze soepel neer en drukte haar lippen op Egwenes Grote Serpent-ring. ‘In het Licht en bij mijn hoop op wedergeboorte en redding...’ Niet dezelfde bewoordingen als van Faolain en Theodrin, maar tot de laatste letter even sterk. Sterker eigenlijk. Door de Drie Geloften kon geen enkele Aes Sedai iets zweren wat ze niet meende. Behalve de Zwarte Ajah natuurlijk. Blijkbaar hadden die een manier ontdekt om te kunnen liegen. Maar het probleem of een van deze twee vrouwen een Zwarte zuster was, mocht later worden opgelost. Siuans ogen leken uit te puilen en haar mond bewoog zonder dat ze iets zei. Ze leek een vis die op een modderige oever was aangespoeld.

Mijrelle probeerde nog verder tegen te sputteren, maar Egwene stak enkel haar rechterhand met de ring uit, waarna Mijrelles knieën zich als vanzelf bogen. Ze zwoer verbitterd de eed en keek toen op. ‘U hebt gedaan wat nooit eerder is gedaan, Moeder. Dat is altijd gevaarlijk.’

‘Jullie zullen niet de laatsten zijn,’ maakte Egwene haar duidelijk. ‘Feitelijk... Mijn eerste bevel aan jullie is, dat jullie niemand zeggen dat Siuan anders is dan wat iedereen denkt. Mijn tweede is dat jullie elk bevel van haar opvolgen, alsof het van mij komt.’

Hun hoofden draaiden zich met uitdrukkingsloze gezichten naar Siuan. ‘Zoals u beveelt, Moeder,’ mompelden ze tegelijk. Nu leek Siuan bereid flauw te vallen.

Ze staarde nog steeds in het niets, toen ze de weg bereikten waar ze hun paarden naar het oosten wendden, naar het kamp van de Aes Sedai en van het leger. De zon was nog steeds onderweg naar het hoogste punt en het was dus bijna middag. Het was een ochtend vol gebeurtenissen geweest, net als de andere dagen. Net als de vorige weken trouwens. Egwene liet Daishar de vrije teugel.

‘Mijrelle had wel gelijk,’ mompelde Siuan eindelijk. Nu de berijdster aan andere dingen dacht, draafde de merrie veel vlotter en beter door. Ze zorgde zelfs dat Siuan een redelijk paardrijdster leek. ‘Trouw! Niemand heeft dat ooit gedaan. Niemand! Zelfs in de geheime verslagen wordt zoiets niet aangeduid. En zij, die mij gehoorzamen! U verandert niet enkele dingen, u kalefatert de boot op midden in een storm! Alles verandert. En Nicola! In mijn dagen plaste een novice nog eerder in haar broek dan aan afpersing van een zuster te denken.’

‘Het was niet hun eerste poging,’ maakte Egwene haar duidelijk, terwijl ze de gebeurtenis in spaarzame bewoordingen vertelde.

Ze had gedacht dat Siuan in woede zou ontploffen maar in plaats daarvan zei de vrouw heel kalm: ‘Ik vrees dat die twee avontuurlijke meiden weleens een ongeluk zou kunnen overkomen.’

‘Nee!’ Egwene trok zo fel de teugels aan dat Siuans merrie nog zo’n vijf passen verder draafde voor Siuan het dier kon beheersen en haar keerde, terwijl ze al die tijd binnensmonds zat te vloeken. Ze bleef Egwene geduldig aankijken en overtrof daarmee Lelaine ruimschoots.

‘Moeder, ze houden een knuppel boven uw hoofd, als ze ooit slim genoeg zijn geworden om dit alles op een rijtje te zetten. Zelfs als de Zaal u geen boetvaardigheid afdwingt, kunt u alle hoop die u op hen stelt aan de verre einder zien wegzeilen.’ Een en al afkeer schudde ze het hoofd. ‘Ik wist dat jullie het zouden doen, toen ik jullie erop uitstuurde – ik wist dat je wel moest – maar ik had nooit gedacht dat Nynaeve en Elayne zo onverstandig zouden zijn om iemand mee terug te nemen die het wist. Die twee meiden verdienen alles wat hun toekomt, als dit bekend wordt, maar u kunt het niet bekend laten worden.’

‘Er overkomt Nicola of Areina niets, Siuan! Als ik goedkeur dat ze gedood worden vanwege hun kennis, wie is dan de volgende? Romanda en Lelaine, omdat ze het niet met me eens zijn? Waar houdt het dan op?’ In zekere zin voelde ze zich verdrietig om zichzelf. Vroeger zou ze niet hebben begrepen waar Siuan op doelde. Kennis was altijd beter dan onwetendheid, maar soms betekende onwetendheid wel veel meer gemak. Ze spoorde Daishar aan en zei: ‘Ik wil een dag van overwinning niet bederven door praatjes over moord. Mijrelle was niet eens het begin, Siuan. Vanmorgen stonden Faolain en Theodrin op me te wachten...’ Siuan stuurde de dikke merrie wat dichter naar haar toe om alles tijdens de rit goed te horen.

Het nieuws verminderde Siuans bezorgdheid over Nicola en Areina niet, maar Egwenes plannen veroorzaakten zeker een vonk in haar ogen en een glimlach van verwachting rond haar lippen. Tegen de tijd dat ze het Aes Sedai-kamp binnenreden, wilde ze zich al gretig op haar volgende taak storten, die een boodschap aan Sheriam en Mijrelles andere vriendinnen inhield: tegen de middag werden ze verwacht in de werkkamer van de Amyrlin. Ze kon zelfs in alle waarheid zeggen dat van hen niets zou worden gevergd dat andere zusters al niet eerder hadden gedaan.

1 ... 76 77 78 79 80 81 82 83 84 ... 217
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)