De Grote Jacht
- Автор: Джордан Роберт
- Серия: Het Rad des Tijds #2
- Год: 2005
- Язык: голландский
- Переводчик: Jo Thomas
- Жанр: Фэнтези
Электронная книга - «De Grote Jacht». Краткое содержание книги:
Rhand trok zijn hand los. De brandwond leek nu al een week oud of meer en bijna geheel genezen. ‘Wat bedoel je?’ wilde hij weten. Ze schonk hem een glimlach en hij voelde zich beschaamd over zijn uitbarsting. ‘Wat... o, de Hoorn natuurlijk,’ zei ze kalm en deed haar balsem weg. Haar merrie, die naast Rood voortstapte, was zo groot dat haar ogen bijna recht in die van Rhand konden kijken. ‘Als je de Hoorn van Valere vindt, is grootsheid niet meer af te wenden. Maar wordt die jou opgedrongen of neem je die zelf? Dat is de vraag.’ Hij bewoog zijn hand. Ze klonk net als Moiraine. ‘Ben je een Aes Sedai?’
Selene trok haar wenkbrauwen op; haar donkere ogen glinsterden hem toe, maar haar stem was zacht. ‘Aes Sedai? Ik? Nee.’ ik wilde je niet beledigen. Het spijt me.’
‘Mij beledigen? Ik ben niet beledigd, maar ik ben geen Aes Sedai.’ Haar lippen vertrokken honend; zelfs dat was mooi. ‘Zij koesteren zich in hun veiligheid, of denken dat althans, terwijl ze zoveel zouden kunnen doen. Ze dienen terwijl ze horen te heersen, laten mannen in oorlogen vechten terwijl zij de wereld op orde kunnen houden. Nee, noem me nooit een Aes Sedai.’ Ze glimlachte en legde haar hand op zijn arm, om te tonen dat ze niet boos was – haar aanraking deed hem slikken – maar hij was opgelucht toen ze de merrie inhield en naast Loial ging rijden. Hurin zat haar toe te knikken alsof hij een oude getrouwe van haar familie was. Rhand voelde zich opgelucht, maar tegelijk miste hij haar, hoewel ze slechts twee stap van hem vandaan was. Hij draaide zich om in zijn zadel, zodat hij naar haar kon kijken terwijl ze naast Loial reed. De Ogier zat half voorovergebogen, zodat hij met haar kon praten. Maar het was niet hetzelfde als dat zij zo vlak naast hem reed dat hij haar geur kon ruiken, zo dichtbij dat hij haar kon aanraken. Boos ging hij weer gewoon zitten. Eigenlijk wilde hij haar helemaal niet aanraken. Hij hield zichzelf voor dat hij van Egwene hield en voelde zich schuldig dat dit nodig was. Maar ze was zo mooi en ze dacht dat hij een heer was en ze zei dat hij een groot man kon worden. In gedachten zat hij ruzie met zichzelf te maken. Moiraine zegt ook dat je een groot man kunt zijn; de Herrezen Draak. Selene is geen Aes Sedai. Nee, zij is een edelvrouwe uit Cairhien en jij bent een schaapherder. Dat weet ze niet. Hoe lang laat je haar die leugen geloven? Nou, tot we hier vandaan zijn. Als we hier nog vandaan komen. Als. Bij dat idee gingen zijn gedachten onder in een doffe stilte. Hij probeerde goed op te letten tijdens het rijden. Als Selene zei dat er nog meer van die dingen waren... die grolms... dan nam hij dat maar aan. Hurin had het te druk met het spoor om nog iets anders te zien en Loial was te zeer verdiept in zijn gesprek met Selene om iets te zien tot het hem in zijn hiel beet. Het viel hem moeilijk waakzaam te zijn. Als hij zijn hoofd te snel omdraaide, sprongen de tranen in zijn ogen; een heuvel of een bosje kon, als je er vanuit de ene hoek naar keek, een span ver lijken en slechts een paar honderd pas als je er van de andere kant naar keek.
De bergen werden hoger toen ze dichterbij kwamen, dat wist hij in ieder geval zeker. Therins Dolk rees nu op naar de hemel, een lang-getande zaag van besneeuwde toppen. Het land om hen heen voerde omhoog naar de heuvels die de echte bergen aankondigden. Ze zouden het gebergte ruim voor het donker bereiken, misschien over een span of zes. Meer dan honderd roede in minder dan drie dagen. Nog erger. Het grootste deel van een dag hebben we doorgebracht in de echte wereld ten zuiden van de Erinin. Hier dus ruim honderd roede in minder dan twee dagen. ‘Zij zegt dat je gelijk hebt over deze plek, Rhand.’ Rhand schrok op en zag dat Loial naast hem was komen rijden. Hij zocht Selene en zag haar naast Hurin rijden. De snuiver zat grijnzend te knikken en raakte vaak met zijn knokkels zijn voorhoofd aan als ze wat zei. Rhand keek de Ogier van opzij aan. ‘Het verbaast me dat je haar liet gaan. Jullie zaten met de hoofden zo dicht bij elkaar te praten. Wat bedoel je met dat ik gelijk had?’
‘Een geweldige vrouw, nietwaar? Zij weet meer over geschiedenis dan sommige Ouderen – vooral over de Eeuw der Legenden en over... o ja. Ze zegt dat je gelijk had met de saidinwegen, Rhand. Sommige Aes Sedai hebben werelden als deze bestudeerd en die studie vormde de grondslag voor de wijze waarop ze de wegen lieten groeien. Zij zegt dat er werelden zijn waar eerder de tijd verandert dan de afstand. Als je een dag in zo’n wereld doorbrengt, kun je bij terugkeer in de echte wereld ontdekken dat er een jaar voorbij is, of twintig. Of het kan net andersom zijn. Die werelden, deze en alle anderen, zijn afspiegelingen van de echte wereld, zei ze. Deze maakt op ons een vale indruk omdat het een zwakke weerspiegeling is, een wereld die weinig kans maakt ooit echt te bestaan. Andere werelden zijn bijna als die van ons. Die zijn zo stevig als onze wereld en bevolkt. Dezelfde mensen, zegt ze, Rhand. Stel je voor! Je zou naar zo’n wereld toe kunnen gaan en jezelf kunnen tegenkomen. Het Patroon kent on-eindige varianten, zegt ze, en iedere variant die kan zijn, zal zijn.’ Rhand schudde het hoofd en wou dat hij het niet had gedaan, want het landschap trilde heen en weer. Zijn maag speelde op. Hij haalde diep adem. ‘Hoe weet ze dat allemaal? Jij weet meer over veel zaken dan iemand anders die ik heb ontmoet, Loial, en alles wat jij van deze wereld wist, komt eigenlijk neer op een vermoeden.’
‘Ze komt uit Cairhien, Rhand. De Koninklijke Librije in Cairhien is een van de grootste ter wereld, misschien wel de grootste buiten Tar Valon. De Aiel hebben hem met opzet gespaard toen ze Cairhien in brand staken, weet je. Zij vernietigen geen boek. Wist je dat ze...’
‘Ik maal niet om Aielmensen,’ zei Rhand verhit. ‘Als Selene zoveel weet, hoop ik dar ze heeft gelezen hoe we hier weer uit kunnen komen. Ik wou dat Selene...’
‘Jij wou dat Selene wat?’ De vrouw lachte toen ze zich bij hen voegde.
Rhand staarde haar aan of ze maanden was weggeweest; zo voelde het. ‘Ik wou dat Selene wat langer naast me bleef rijden,’ zei hij. Loial grinnikte en Rhand voelde zich rood worden. Selene glimlachte en keek Loial aan. ‘Vind je het erg, alantin?’ De Ogier maakte een buiging in zijn zadel en liet zijn grote paard terugvallen; de toefjes op zijn oren hingen aarzelend omlaag. Een tijdlang bleef Rhand zwijgend doorrijden, genietend van haar aanwezigheid. Nu en dan keek hij haar vanuit zijn ooghoeken aan. Hij wou dat hij zijn gevoelens voor haar op een rijtje kon zetten. Kon ze ondanks haar ontkenning toch een Aes Sedai zijn? Iemand die door Moiraine was gestuurd om hem verder te duwen op het pad dat hij volgens de plannen van de Aes Sedai diende te volgen? Moiraine had nooit kunnen weten dat hij naar deze vreemde wereld zou worden verplaatst en geen Aes Sedai zou hebben geprobeerd het beest met een stok af te houden terwijl ze het met de Ene Kracht kon doden of verjagen. Nou ja. Aangezien zij hem voor een heer aanzag en niemand in Cairhien het tegendeel wist, mocht ze dit blijven denken. Ze was zeker de mooiste vrouw die hij ooit had gezien, intelligent en geleerd, en ze vond hem dapper. Wat kon een man nog meer verlangen van een vrouw? Dat is ook dwaas! Ik zou met Egwene trouwen als ik met iemand kon trouwen, maar ik kan geen vrouw vragen te trouwen met iemand die gek wordt en baar misschien pijn zal doen. Maar Selene was zo mooi.
Ze bestudeerde nu zijn zwaard, zag hij. In gedachten bereidde hij zijn
antwoord voor. Nee, hij was geen zwaardmeester, maar zijn vader had hem het zwaard gegeven. Tham. Licht, waarom kon je niet echt mijn vader zijn? Hij vermorzelde die gedachte genadeloos. ‘Dat was een prachtig schot,’ zei Selene.
‘Nee, ik ben geen...’ begon Rhand en knipperde toen met zijn ogen. ‘Een schot?’
‘Ja. Een klein doel, dat oog, bewegend en op honderd pas. Je kunt uitstekend met die boog omgaan.’
Rhand bewoog zich ongemakkelijk. ‘Eh... dank je. Dat kunstje heeft mijn vader me geleerd.’ Hij vertelde haar over de leegte en over hoe Tham hem had geleerd de boog te gebruiken. Hij merkte zelfs dat hij haar over Lan zat te vertellen en over zijn zwaardoefeningen. ‘De Eenheid,’ zei ze, voldaan klinkend. Ze zag zijn vragende blik en voegde eraan toe: ‘Zo wordt het genoemd... op sommige plaatsen. De Eenheid. Als je het volledig wilt benutten, moet je het voortdurend om je heen wikkelen. Je moet er te allen tijde in ronddwalen, zoiets heb ik tenminste gehoord.’