Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » Een Kroon van Zwarden
Een Kroon van Zwarden - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

Een Kroon van Zwarden

Электронная книга - «Een Kroon van Zwarden». Краткое содержание книги:

Een Kroon van Zwarden
1 ... 71 72 73 74 75 76 77 78 79 ... 217
Перейти на страницу:

‘Rij jij voorop, Siuan?’ vroeg ze, toen hij een tiental schreden verder was.

Siuan keek hem woest na, alsof hij haar de hele rit had lastig gevallen. Snuivend trok ze haar strohoed recht waarna ze haar merrie wendde – nou ja, rondsleurde – en het dikke dier aanspoorde verder te stappen. Egwene gebaarde Mijrelle te volgen. Net als Brin had de zuster geen andere keus.

Aanvankelijk wierp Mijrelle haar telkens zijdelingse blikken toe. Ze verwachtte duidelijk dat Egwene het over de zusters zou hebben die naar de Witte Toren waren gestuurd. Ze was kennelijk verontschuldigingen aan het verzamelen waarom dit zelfs voor de Zaal geheim was gehouden. Hoe langer Egwene in stilte verder reed, hoe ongeruster de ander in het zadel heen en weer schoof. Mijrelle maakte steeds vaker haar lippen nat en fijne barstjes werden in de Aes Sedai-kalmte zichtbaar. Stilte was een héél nuttig gereedschap.

Een tijdlang was het hoefgetrappel het enige geluid, afgezien van een eenzame roep van een vogel in de struiken. Naarmate beter te zien was welke kant Siuan uit reed, iets westelijker dan het pad terug naar het kamp, schoof Mijrelle steeds vaker heen en weer, tot ze op brandnetels leek te zitten. Misschien zat er inderdaad meer achter al die kleine feitjes die Siuan bij elkaar had geharkt.

Nadat Siuan nog wat meer naar het westen reed, tussen twee vreemd gevormde heuvels door die zich naar elkaar toebogen, trok Mijrelle de teugels aan. ‘Daarginds... Daar, in die richting, is een waterval,’ zei ze naar het oosten wijzend. ‘Niet zo groot, ook vóór de droogte niet, maar heel lieflijk, zelfs nu nog.’ Siuan hield eveneens in en keek met een glimlachje om.

Wat had Mijrelle te verbergen? Egwene was nieuwsgierig. Ze wierp een blik op de Groene zuster en schrok van de druppel zweet op het voorhoofd van de vrouw, glinsterend op het schaduwrandje onder haar grote grijze hoed. Nu wilde ze echt graag weten waardoor de Aes Sedai zo van slag was dat ze ervan moest zweten.

‘Ik denk dat Siuans richting een nog veel belangwekkender uitzicht zal bieden, denk je niet?’ zei Egwene terwijl ze Daishar wendde. Mijrelle leek in elkaar te storten. ‘Ga je mee?’

‘U weet alles, nietwaar?’ mompelde Mijrelle beverig terwijl ze tussen de twee vreemde heuvels doorreden. Haar gezicht vertoonde nu meer zweetdruppels. Ze was geschokt tot in het merg van haar botten. ‘Alles. Hoe hebt u...’ Opeens schoot ze overeind in het zadel en staarde naar Siuans rug. ‘Zij! Vanaf het eerste begin bent u door Siuan geholpen.’ Het klonk bijna verontwaardigd. ‘Hoe hebben we zo blind kunnen zijn? Maar ik begrijp het nog steeds niet. We zijn uiterst voorzichtig geweest.’

‘Als je iets verborgen wilt houden,’ zei Siuan verachtelijk omkijkend, ‘probeer dan zo diep in het zuiden geen muntpepers te kopen.’

Wat ter wereld waren muntpepers? En waar hadden ze het over? Mijrelle beefde. Dat ze op Siuans toon geen enkele snauw teruggaf, verried dat ze te ontdaan was om de voormalige Amyrlin op haar nummer te zetten. In plaats daarvan streek haar tong langs haar lippen alsof die opeens heel droog waren.

‘Moeder, u dient te begrijpen waarom ik het heb gedaan... waarom we het hebben gedaan.’ Met zo’n uitzinnige klank in haar stem kon ze zelfs in haar onderkleren de helft van de Verzakers aan. ‘Niet alleen omdat Moiraine het me vroeg, niet alleen omdat ze mijn vriendin was. Ik verafschuw het hen te laten sterven. Ik haat het! Onze overeenkomst is soms hard voor ons, maar voor hen nog harder. U moet het begrijpen. Dat moet!’

Net op het ogenblik dat Egwene dacht dat ze alles zou onthullen, stuurde Siuan haar dikke merrie rond en keek hen aan. Egwene had haar een klap kunnen geven. ‘Het zal gemakkelijker gaan, Mijrelle, als jij het laatste stuk voorop rijdt,’ zei Siuan kil, afkeurend feitelijk. ‘Medewerking kan het wat verminderen. Een beetje.’

‘Ja,’ knikte Mijrelle terwijl haar handen druk langs de teugels heen en weer schoven ‘Ja, natuurlijk.’

Ze leek op het punt in tranen uit te barsten, terwijl ze voorop ging rijden. Siuan sloot zich aan en leek eventjes opgelucht. Egwene had nu helemaal kunnen ontploffen. Wat voor afspraak. Met wie? Wie laten sterven? En wie waren die ‘wij’? Sheriam en de anderen? Maar dan zou Mijrelle het hebben opgevangen en was haar eigen onwetendheid gebleken. Dat leek hier nauwelijks raadzaam. Een onwetende vrouw die baar mond houdt, wordt wijs geacht, luidde het spreekwoord. Er was er nog een: Het eerste geheim betekent altijd tien volgende geheimen. Ze kon slechts volgen, ondertussen alles opzoutend. Maar Siuan zou wat van haar te horen krijgen. De vrouw werd niét geacht voor haar iets geheim te houden. Knarsetandend probeerde Egwene de indruk van onbezorgd geduld te wekken. Verstandig.

Ze waren bijna terug op de weg naar het kamp, een paar spannen ten westen ervan, toen Mijrelle een lage heuvel met een vlakke top op reed, begroeid met pijnbomen en lederbladen. Twee enorme eiken in een grote ondiepte bij de heuveltop hielden de groei van al het andere tegen. Onder dikke vervlochten takken stonden drie oude puntdaktenten. Naast een kar stonden paarden aan een lijn, waaronder vijf grote krijgsrossen die opzettelijk een eind van de andere paarden waren vastgezet. Nisao Dachen, in eenvoudig gesneden, bronskleurige rijkleding, stond onder een tentluifel, alsof zij gasten verwelkomde. Naast haar stond Sarin Hoigan in de olijfgroene jas die zoveel gaidin droegen. Nisao’s zwaardhand was een kale gedrongen man met een dikke zwarte baard, maar stak wel boven haar uit. Enkele passen verder keken twee van Mijrelles drie gaidin behoedzaam toe, terwijl ze de ondiepte inreden. Croi Makin, slank en hoogblond, en Nuhel Dromand, donker en gezet met een baard die zijn bovenlip vrijhield. Niemand leek ook maar een tikkeltje verbaasd. Blijkbaar had een zwaardhand op wacht gestaan en een waarschuwing doorgegeven. Er was echter niets te zien dat deze heimelijkheid kon verklaren, of waarom Mijrelle nog steeds langs haar lippen likte. Trouwens, als Nisao daar stond voor een welkomstgroet, waarom streken haar handen dan steeds langs haar broekrok? Ze keek of ze nog liever tegen een afgeschermde Elaida wilde vechten.

Twee vrouwen gluurden om een hoekje van een tent en doken haastig weg, maar Egwene had hen al herkend. Nicola en Areina. Plotseling voelde ze zich niet op haar gemak. Waar had Siuan haar heengebracht? Siuan leek zeker niet zenuwachtig bij het afstappen. ‘Laat hem naar buiten komen, Mijrelle. Nu.’ Ze leek zo wraakzuchtig dat ze meer en meer zichzelf werd. Een vijl leek glad vergeleken met haar toon. ‘Nu kan niets meer verborgen blijven.’

Mijrelle kon nog net een frons opbrengen, dat ze op zo’n toon werd aangesproken maar het leek moeite te kosten. Ze zocht zichtbaar inwendig naar kracht, rukte ruw haar hoed af, stapte zwijgend van haar paard, gleed naar een van de tenten en verdween. Nisao’s grote ogen volgden haar en werden elke tel groter. Ze leek op de plek vast gevroren.

Nu kon alleen Siuan haar horen. ‘Waarom onderbrak je haar?’ wilde Egwene zachtjes weten terwijl ze afsteeg, ‘Ik weet zeker dat ze op het punt stond alles – wat het ook is – toe te geven... en ik snap er nog steeds niets van. Muntpepers?’

‘Heel geliefd in Shienar en Malkier,’ zei Siuan even zachtjes. ‘Ik hoorde het pas nadat ik van Aeldene kon wegkomen. Ik moest haar voorop laten rijden, want ik kende de weg niet precies. Het zou ons amper veel goeds hebben opgeleverd als ze dat had ontdekt, nietwaar? Dat van Nisao wist ik ook niet. Ik dacht dat ze nauwelijks met elkaar spraken.’ Ze wierp een blik op de Gele zuster en schudde geërgerd het hoofd. Iets niet te weten komen was een fout die Siuan zichzelf heel kwalijk nam. ‘Tenzij ik blind én stom ben geworden, hebben deze twee...’ Haar gezicht vertrok alsof er een rotte vrucht in haar mond zat, en ze mummelde wat alsof ze naar de juiste woorden zocht. Opeens greep ze Egwene bij de mouw vast. ‘Daar komen ze. Nu kun je het zelf zien.’

1 ... 71 72 73 74 75 76 77 78 79 ... 217
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)