Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » Een Kroon van Zwarden
Een Kroon van Zwarden - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

Een Kroon van Zwarden

Электронная книга - «Een Kroon van Zwarden». Краткое содержание книги:

Een Kroon van Zwarden
1 ... 58 59 60 61 62 63 64 65 66 ... 217
Перейти на страницу:

Heel even wenste Egwene dat ze minstens één keertje de dromen van de gevangen Moghedien had verkend, zodat ze nu de droom van de Verzaker kon herkennen. Maar zelfs een herkenning zou niet onthullen waar Moghedien zich thans bevond. Bovendien bestond de mogelijkheid dat ze er tegen haar wil in werd getrokken. Ze vond Moghedien buitengewoon verachtelijk en de Verzaker koesterde zeker een grenzeloze haat voor haar. Wat in een droom gebeurde, was niet zo echt als in Tel’aran’rhiod, maar je herinnerde het je wel zo. Een nacht in Moghediens macht betekende een nachtmerrie die ze de rest van haar leven bij het in slaap vallen opnieuw zou doormaken. Wellicht ook overdag.

Nog een rondje. Wat was dat? Een donkere, koninklijk knappe vrouw met een hoofdkapje van parels en een kamerjas vol kant schreed uit de schaduwen en verdween. Een slapende Tyreense, een Hoogvrouwe of iemand die droomde dat ze er een was. Misschien was ze overdag een eenvoudige ontevreden boerin of koopvrouw.

Ze had beter Logains droom kunnen bespieden dan die van Moghedien. Ook van hem zou ze niet zien waar hij zich bevond, maar ze zou enig zicht op zijn plannen krijgen. Als zij zijn droom werd ingesleurd zou dat echter uiteraard niet veel plezieriger zijn dan bij Moghedien. Hij haatte alle Aes Sedai. Zij had zijn ontsnapping geregeld en het was een van die noodzakelijke dingen geweest; ze hoopte maar dat de prijs ervoor niet te hoog zou zijn. Vergeet Logain. Moghedien was het gevaar, Moghedien die naar haar op jacht was, zelfs hier, zeer zeker hier. Moghedien die...

Opeens besefte ze dat ze ontzettend zwaar rondstapte en ze maakte een geërgerd, bijna kreunend geluid in haar keel. Haar prachtige gewaad was een metalen harnas geworden zoals de zware ruiterij van Garet Brin droeg. Op haar hoofd droeg ze een helm die haar gezicht vrijliet met erbovenop een kam in de vorm van de Vlam van Tar Valon. Ze ergerde zich verschrikkelijk. Zo’n armzalige beheersing had ze nu toch wel overwonnen.

Ze veranderde de metalen kleren ferm in wat ze bij eerdere ontmoetingen met de Wijzen aanhad. Het was een kwestie van denken. Een lange rok van donkere wol en een los wit algoedhemd, net zoals ze in haar leertijd in de tenten had gedragen. Het geheel werd afgemaakt met een omslagdoek met zulke donkergroene franje dat die wel zwart leek, en een opgerolde hoofddoek om haar haren bijeen te houden. Ze bootste natuurlijk niet hun opsmuk na, de vele, vele kettingen en armbanden. Ze zouden haar uitlachen. Een vrouw verzamelde zoiets in de loop der jaren, niet in de oogwenk van een droom.

‘Logain is onderweg naar de Zwarte Toren,’ zei ze hardop. Ze hoopte tenminste dat hij dat was. Dan zou hij hopelijk in toom worden gehouden en als hij werd gevangen en gestild, kon Rhand geen enkele zuster uit Salidar de schuld geven. ‘En Moghedien kan op geen enkele manier weten waar ik ben.’ Ook dat probeerde ze zo zeker mogelijk uit te spreken.

‘Heb je reden om de Schaduwzielen te vrezen?’ vroeg een stem achter haar en onwillekeurig sprong Egwene een eind omhoog. Dit was Tel’aran’rhiod en zij was een droomloopster, en daarom hing ze al zo’n vijf voet boven de vloertegels voor ze zichzelf beheerste. Jazeker, dacht ze zwevend. Ik heb allang elke beginnersfout onder de knie. Als dit zo doorging, zou ze nog opspringen bij een ‘goedemorgen’ van Chesa.

Ze hoopte dat ze niet al te rood was en liet zich langzaam omlaag zakken. Misschien kon ze iets van haar waardigheid terugwinnen. Misschien ja, maar Bairs oude gezicht had meer rimpeltjes dan anders door een grijns die zowat haar oren bereikte. In tegenstelling tot de twee vrouwen die haar vergezelden, kon ze niet geleiden, maar dat had niets te maken met droomlopen. Daar was ze even kundig in als de anderen, en op sommige terreinen zelfs beter. Ook Amys glimlachte, zij het niet zo breed, maar de zonblonde Melaine wierp haar hoofd in de nek en brulde het uit.

‘Nooit eerder heb ik iemand zo...’ kon Melaine nog net uitbrengen. ‘Net een konijn.’ Ze hupte even omhoog en steeg ruim een pas de lucht in.

‘Ik heb Moghedien onlangs wat pijn bezorgd.’ Egwene was heel trots op haar zelfbeheersing. Ze mocht Melaine – de vrouw was veel minder prikkelbaar sinds ze in verwachting was, van een tweeling – maar nu zou Egwene haar met plezier wurgen. ‘Een paar vriendinnen en ik hebben haar trots beschadigd, wellicht meer dan dat. Ik denk dat ze het me graag betaald zal zetten.’ Er viel haar wat in en ze veranderde haar gewaad in rijkleding van weelderig groene zijde, zoals ze de laatste tijd elke dag droeg. De Grote Serpent-ring glansde in goud aan haar vinger. Ze kon hun niet alles vertellen, maar ze was bevriend met deze vrouwen en ze hoorden haar verhaal te kennen.

‘Wonden die de trots hebben bezeerd, blijven langer in de herinnering dan wonden van het vlees.’ Bairs stem was dun en hoog, maar sterk als riet van ijzer.

‘Vertel eens,’ zei Melaine met een gretige glimlach. ‘Hoe heb je haar voor gek gezet?’ Bairs gezicht stond even opgewonden. In een wreed land leerde je ofwel om wreedheid te lachen of je huilde je hele leven lang. In het Drievoudige Land hadden de Aiel al heel lang geleden geleerd erom te lachen. Bovendien werd het te kijk zetten van een vijand beschouwd als een kunst.

Amys nam kort de nieuwe kleren van Egwene op en zei: ‘Dat kan later, denk ik. We moeten praten, zei je.’ Ze gebaarde naar de plek midden in de ruimte, waar de Wijzen graag onder de enorme koepel praatten.

Waarom ze die plek verkozen, was een ander raadsel dat Egwene niet kon oplossen. De drie vrouwen zetten zich in kleermakerszit neer en spreidden netjes hun rok uit, slechts op enkele pas van wat een flonkerend kristallen zwaard leek dat uit de vloertegels omhoog stak. Ze schonken er geen enkele aandacht aan – het maakte geen deel uit van hun voorspellingen – even weinig als aan de mensen die flitsend in de enorme ruimte zichtbaar werden, en toch was dit de plaats waar ze altijd kwamen.

Het befaamde Callandor kon ondanks zijn breekbare uiterlijk als zwaard dienen, maar in feite was het een van de sterkste mannelijke sa’angrealen uit de Eeuw der Legenden die ooit was vervaardigd. Ze voelde zich wat huiverig, denkend aan mannelijke sa’angrealen. Het was anders geweest toen alleen Rhand er was. En Verzakers als Sammael natuurlijk, maar nu waren er ook die Asha’man. Met Callandor kon een man zoveel van de Ene Kracht grijpen dat hij een stad in een oogwenk met de grond gelijk kon maken en alles vele spannen in het rond verwoesten. Ze liep er met een grote boog omheen en hield haar rok nadenkend opzij. Rhand had Callandor in het Hart van de Steen opgenomen ter vervulling van de Voorspellingen en het daarna om zijn eigen redenen in de vloer teruggestoken, waarna hij er met saidin vallen om had geweven. Die vallen zouden eveneens een weerspiegeling hebben die misschien even krachtig zou dichtslaan als de echte wanneer de verkeerde weefsels werden uitgeprobeerd. Sommige zaken in Tel’aran’rhiod waren al te echt.

Ze trachtte niet te denken aan het Zwaard dat geen zwaard is, en ging voor de drie Wijzen staan. Die sloegen hun omslagdoeken om het middel en knoopten vervolgens hun hemden open. Op die wijze zaten Aielvrouwen bij hun vriendinnen in de tent onder een brandende zon. Zij ging niet zitten en als ze daardoor een smekeling leek die hun oordeel afwachtte, dan mocht het zo zijn. In zekere zin was ze dat in haar hart ook. ‘Ik heb jullie niet verteld waarom ik werd opgeroepen en jullie hebben het niet gevraagd.’

‘Je zegt het ons wanneer je er klaar voor bent,’ zei Amys welwillend. Ze leek even oud als Melaine ondanks haar haren die even wit waren als die van Bair en tot haar middel neervielen. Haar haar was wit geworden toen ze iets ouder was dan Egwene nu, maar zij was de leidster van het drietal, niet Bair. Voor het eerst vroeg Egwene zich af hoe oud ze was. Zoiets vroeg je een Wijze evenmin als je dat een Aes Sedai vroeg.

‘Toen ik vertrok, was ik een Aanvaarde. Jullie hebben gehoord van de breuk in de Witte Toren.’ Bair schudde met een grimas haar hoofd. Ze wist ervan, maar ze begreep het niet. Geen van hen. Voor de Aiel was het even onwerkelijk als strijd tussen stamgenoten of leden van een krijgsgenootschap. Wellicht was het in hun ogen ook een bevestiging dat de Aes Sedai lager stonden dan ze hoorden te zijn. Egwene sprak verder, verbaasd dat haar stem zo beheerst en vast klonk. ‘De zusters die tegen Elaida zijn opgestaan, hebben mij tot hun Amyrlin verheven. Na het afzetten van Elaida neem ik in de Witte Toren de Amyrlin Zetel in.’ Ze voegde de zevenkleurige stola aan haar kleren toe en wachtte. Eenmaal had ze hen voorgelogen; een ernstige misstap binnen ji’e’toh en ze was er niet zeker van wat ze zouden doen, nu ze de verheimelijkte waarheid vernamen. Als ze het tenminste maar wilden geloven. Ze keken haar aan.

1 ... 58 59 60 61 62 63 64 65 66 ... 217
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)