Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » De Grote Jacht
De Grote Jacht - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

De Grote Jacht

Электронная книга - «De Grote Jacht». Краткое содержание книги:

De Grote Jacht
1 ... 50 51 52 53 54 55 56 57 58 ... 203
Перейти на страницу:

Volgens Rhand kon je het niet echt een dorp noemen. Hij zat in de opkomende zon op zijn paard tussen de bomen op een heuveltop die over de rivier uitzag en tuurde naar een handvol kleine huizen met houten daken en overhangende dakranden die zowat tot de grond reikten. Hier trokken maar weinig mensen langs. Ze hadden hun kamp slechts een paar uur geleden opgebroken, maar ditmaal waren de Trolloks van hun gebruikelijke patroon afgeweken en hadden ze geen verborgen plekje gevonden met de overblijfselen van een Duistervriend. Ze hadden helemaal niets gevonden. De rivier zelf had niet veel weg van de machtige Erinin uit de verhalen, zo dicht bij haar bron in de Rug van de Wereld. De rivier was zo’n twintig pas breed. Tussen de bomen stroomde het water snel voorbij en aan de andere oever lag een pontje dat op een bark leek; het zat vast aan een touw dat beide oevers verbond. Deze keer had het spoor hen rechtstreeks naar een nederzetting geleid. Recht naar de huizen op de heuvel. Niets bewoog op het zandpad tussen de huisjes. ‘Hinderlaag, heer?’ zei Uno zacht.

Ingtar gaf de nodige bevelen en de Shienaranen maakten hun lansen los en verspreidden zich om de huizen te omsingelen. Na een handgebaar van Ingtar galoppeerden ze van vier kanten tussen de huizen door. Onder het donderende geweld van de hoeven keken ze waakzaam rond en hielden hun lansen gereed, terwijl het stof opwolkte. Niets bewoog, alleen zij. Ze trokken de teugels aan en het stof begon te zakken.

Rhand stak de aangelegde pijl terug in de koker en hing de boog weer over zijn rug. Mart en Perijn deden hetzelfde. Loial en Hurin hadden gewoon gewacht op de plek waar Ingtar hen had achtergelaten. Niet op hun gemak keken ze toe.

Ingtar wuifde en Rhand en de anderen reden naar voren om zich bij de Shienaranen te voegen.

‘De geur van deze plek bevalt me niet,’ bromde Perijn toen ze tussen de huizen kwamen. Hurin keek hem aan en hij staarde terug tot Hurin zijn ogen neersloeg. ‘Het ruikt verkeerd.’

‘Vervloekte Duistervrienden en Trolloks zijn er recht doorheen getrokken, heer,’ zei Uno. Hij wees naar de paar sporen die niet door de Shienaranen waren omgewoeld. ‘Recht naar die gore veerboot die ze aan de gore overkant hebben laten liggen. Bloed en bloedvuur! We mogen bloedblij zijn dat ze hem niet hebben losgesneden om hem weg te laten drijven.’

‘Waar zijn de mensen?’ vroeg Loial.

De deuren stonden open en de gordijnen wapperden in openstaande ramen, maar ondanks het hoefgetrappel was er niemand naar buiten gekomen.

‘Doorzoek de huizen,’ beval Ingtar. Mannen stegen af en voerden hollend het bevel uit, maar ze kwamen hoofdschuddend terug. ‘Ze zijn gewoon weg, heer,’ zei Uno. ‘Gewoon opgelost, bloedvuur! Alsof ze besloten hebben hun handel op te pakken en midden op de bloeddag op te rotten.’ Hij zweeg plotseling en wees haastig naar een huis achter Ingtar. ‘Er staat een vrouw in dat venster. Hoe heb ik haar voor de donder over...’ Hij rende naar het huis voordat iemand een stap kon zetten.

‘Maak haar niet bang!’ riep Ingtar. ‘Uno, we hebben inlichtingen nodig. Het Licht verblinde je, Uno, maak haar niet bang!’ De eenogige man verdween door de open deur. Ingtar verhief zijn stem opnieuw. ‘Wij doen u geen kwaad, goede vrouw. Wij zijn heer Agelmars gezworenen, uit Fal Dara. Wees niet bevreesd! Wij willen u geen kwaad doen.’

Een raam op de eerste verdieping vloog open. Uno stak zijn hoofd naar buiten en keek verwilderd rond. Met een vloek trok hij zijn hoofd terug. Gedreun en gekraak kondigden zijn terugkomst aan, alsof hij zich woest schoppend afreageerde. Uiteindelijk verscheen hij weer in de deuropening.

‘Weg, heer. Maar ze was er. Een vrouw in het wit, bij het raam. Ik zag haar. Ik dacht zelfs dat ik haar even binnen zag, maar toen was ze weg, en...’ Hij haalde diep adem. ‘Het huis is leeg, heer.’ Dat hij niet eenmaal vloekte, gaf aan hoe opgewonden hij was. ‘Gordijnen,’ bromde Mart. ‘Hij schrikt van een paar rottige gordijnen.’ Uno keek hem vuil aan en liep terug naar zijn paard. ‘Waar zijn de bewoners heen gegaan?’ vroeg Rhand aan Loial. ‘Denk je dat ze weggevlucht zijn toen de Duistervrienden kwamen?’ Plus Trolloks en een Myrddraal. En dat wat Hurin zo erg vindt. Slimme mensen als ze zo snel mogelijk gevlucht zijn.

‘Ik ben bang dat de Duistervrienden ze te pakken hebben genomen, Rhand,’ zei Loial langzaam en zijn gezicht vertrok. ‘Voor de Trolloks.’ Rhand slikte en wou dat hij het niet gevraagd had; het was nooit plezierig om aan hun eetgewoonten herinnerd te worden. ‘Wat hier ook gebeurd is,’ zei Ingtar, ‘onze Duistervrienden hadden er de hand in. Hurin, werd hier geweld gebruikt? Moord? Hurin!’ De snuiver schoot recht in zijn zadel en keek wild om zich heen. Hij had naar de overkant van de rivier gekeken. ‘Geweld, heer? Ja. Moord? Nee. Nou ja, niet precies.’ Hij gluurde even naar Perijn. ‘Ik heb nog nooit zoiets geroken, heer. Maar er is kwaad begaan.’

‘Weet je zeker dat ze overgestoken zijn? Zijn ze niet op hun spoor teruggekeerd?’

‘Ze zijn overgestoken, heer.’ Hurin keek niet op zijn gemak naar de overkant. ‘Maar wat ze aan de overkant deden...’ Hij haalde zijn schouders op.

Ingtar knikte. ‘Uno, ik wil die pont aan onze kant hebben. En ik wil dat de andere kant verkend wordt voor we oversteken. Dat er aan deze kant geen hinderlaag was, wil niet zeggen dat ze niet zullen aanvallen als we door de rivier verdeeld zijn. Dat pontje lijkt niet groot genoeg om ons allemaal in één keer over te zetten. Zorg dat het gebeurt.’

Uno boog en even later hielpen Ragan en Masema elkaar uit hun wapenrusting. In niet meer dan een lendedoek waar hun dolk in stak, liepen ze naar de oever en waadden de rivier in. Hand over hand trokken ze zich verder langs het dikke touw van de pont. In het midden zakte het touw door, zodat ze tot aan hun middel in de rivier stonden. De sterke stroom probeerde hen mee te sleuren, maar in minder tijd dan Rhand had verwacht, hesen ze zich over de houten zijkant van de pont. Ze trokken hun dolk en verdwenen tussen de bomen.

Het leek een eeuwigheid te duren voor ze weer te voorschijn kwamen en de pont langzaam naar de overkant begonnen te trekken. De schuit bonsde tegen de dorpskade en Masema legde de boot vast, terwijl Ragan naar Ingtar liep. Het litteken op zijn wang stak scherp af tegen zijn bleke gezicht en zijn stem klonk geschokt. ‘Aan de overkant... Aan de overkant is geen hinderlaag, heer, maar... Hij boog diep, nat en huiverig. ‘Heer, u moet het zelf gaan zien. De grote steeneik, vijftig pas ten zuiden van de aanlegplaats. Ik kan het niet beschrijven. U moet het zelf gaan zien.’

Ingtar keek fronsend van Ragan naar de overkant. Ten slotte zei hij: ‘Goed werk, Ragan. Allebei.’ Zijn stem werd krachtiger. ‘Zoek in de huizen naar iets waarmee deze twee zich kunnen droogwrijven, Uno. En kijk of iemand nog schoon water heeft voor thee. Zorg dat we wat warms binnenkrijgen. Zet dan de tweede groep en de pakpaarden over.’ Hij wendde zich tot Rhand. ‘Klaar om de zuidoever van de Erinin te bekijken?’ Hij wachtte niet op antwoord maar reed met Hurin en de helft van zijn lansiers naar de pont. Rhand aarzelde maar even voordat hij hen volgde. Loial ging met hem mee. Verbaasd zag hij Perijn grimmig voorop rijden. Een paar lansiers maakten wat ruwe grappen terwijl ze afstegen om de pont aan het touw over te trekken.

Mart wachtte tot het allerlaatst, tot een Shienaraan de veerboot losmaakte; pas toen zette hij zijn paard aan en stapte aan boord. ‘Vroeg of laat moet ik toch over, nietwaar?’ zei hij buiten adem tegen niemand in het bijzonder, ik moet hem vinden.’ Rhand schrok op. Mart had er zo gezond uitgezien dat hij bijna helemaal vergeten was waarom hij erbij was. Om de dolk te vinden. Ingtar mag de Hoorn houden. Ik wil alleen de dolk, voor Mart. ‘We zullen hem vinden, Mart.’

1 ... 50 51 52 53 54 55 56 57 58 ... 203
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)