Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » Een Kroon van Zwarden
Een Kroon van Zwarden - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

Een Kroon van Zwarden

Электронная книга - «Een Kroon van Zwarden». Краткое содержание книги:

Een Kroon van Zwarden
1 ... 172 173 174 175 176 177 178 179 180 ... 217
Перейти на страницу:

Hij wilde eigenlijk alleen dat ze naar hem toe zouden komen en dat het Zeevolk dat zou zien, maar ze zetten hun mokken zachtjes neer, rezen sierlijk op, zweefden naar hem toe en knielden naast hem neer. Ieder nam een hand in beide handen en drukte haar lippen op de rug. Boven op de glanzende drakenkop met de gouden manen die zich rond zijn onderarm slingerde. Hij slaagde er maar net in zijn geschoktheid te verbergen en bleef Harine strak aankijken. Haar gezicht werd wat grijs.

‘Aes Sedai dienen me en dat zal het Zeevolk ook doen.’ Hij wuifde de zusters terug naar hun stoel. Vreemd genoeg leken ze wat verbaasd. ‘Dat is wat de Jendai-voorspelling zegt. Het Zeevolk zal de Coramoor dienen. Ik bén de Coramoor.’

‘Zeker, maar we hebben nog de zaak van de Overeenkomst.’ Aan Harine te horen werd dit woord met een hoofdletter geschreven. ‘De Jendai-voorspelling zegt dat u ons roem zult brengen en dat alle zeeën van de wereld de onze zullen zijn. Wat wij u geven, moet u ons geven. Als ik de Overeenkomst niet goed sluit, zal Nesta me naakt aan mijn enkels aan de ra hangen en de Eerste Twaalf van de Shodein-clan bijeenroepen om een nieuwe golfvrouwe te kiezen.’ Terwijl ze deze woorden sprak, gleed er een blik van volkomen afgrijzen over haar gezicht, dat met elk woord ongeloviger stond. Haar windvindster keek haar met grote ogen aan en Derah en Taval probeerden dat juist angstvallig te vermijden; ze hadden hun ogen zo strak op het tafelblad gericht dat het leek of hun gezicht zou barsten.

Opeens begreep Rhand het. Ta’veren. Hij had de invloed gezien, de onverwachte ogenblikken waarop het minst waarschijnlijke plaatsvond, omdat hij in de buurt was, maar hij had pas geweten wat er zich afspeelde als het voorbij was. Hij maakte het zijn benen zo gemakkelijk mogelijk en steunde met zijn armen op de tafel. ‘De Atha’an Miere zullen me dienen, Harine. Dat is een gegeven.’

‘Ja, we zullen u dienen, maar...’ Harine kwam half uit haar stoel omhoog, daarbij thee morsend. ‘Wat doen jullie me aan, Aes Sedai!’ riep ze bevend. ‘Dit is geen eerlijke wijze van onderhandelen.’

‘Wij doen niets,’ merkte Merana kalm op. Ze slaagde er zelfs in een slokje thee te nemen zonder haar gezicht te vertrekken.

‘Jullie zijn in het bijzijn van de Herrezen Draak,’ voegde Rafela eraan toe. ‘Jullie voorspelling zegt jullie de Coramoor te dienen, naar ik aanneem.’ Ze zette een vinger tegen haar dikke wang. ‘U zei te spreken namens de Vrouwe der Schepen. Betekent dit dat uw woord bindend is voor de Atha’an Miere?’

‘Ja,’ fluisterde Harine schor en ze liet zich in haar stoel terugvallen. ‘Wat ik zeg, bindt elk schip en allen erop tot aan de Vrouwe der Schepen zelf.’ Leden van het Zeevolk konden onmogelijk wit wegtrekken, maar starend naar Rhand kwam ze er wel heel dichtbij. Hij glimlachte Min toe om dit ogenblik te vieren. Eindelijk kwam een volk achter hem staan zonder dat vooraf elke stap bevochten moest worden of dat het, zoals de Aiel, verdeeld raakte. Misschien meende Min dat hij haar hulp wenste om de zaken af te ronden of wellicht was het ta’veren, maar ze boog zich naar de Golfvrouwe toe. ‘U zult gestraft worden voor wat hier vandaag gebeurt, Harine, maar niet zo erg als u vreest, denk ik. En op een dag zult u de Vrouwe der Schepen zijn.’

Harine keek haar fronsend aan en wierp toen een blik op haar windvindster.

‘Ze is geen Aes Sedai,’ zei Shalon en Harine leek gevangen tussen opluchting en teleurstelling. Tot Rafela het woord nam.

‘Verscheidene jaren geleden hoorde ik verslagen van een meisje met een opmerkelijke aanleg om dingen te voorzien. Ben jij dat, Min?’ Min grimaste in haar mok en knikte toen aarzelend. Ze zei altijd dat hoe meer mensen van haar wisten, hoe minder goeds het bracht. Ze wierp een blik over de tafel op de Aes Sedai en zuchtte. Rafela knikte slechts, maar Merana staarde haar aan en haar nootbruine ogen fonkelden in een masker van plechtstatige rust. Ongetwijfeld rekende ze erop dat ze Min zo snel mogelijk apart kon nemen om uit te zoeken wat het was en hoe het werkte. Ongetwijfeld verwachtte Min dat eveneens en Rhand voelde een steek van ergernis. Ze hoorde te weten dat hij haar tegen dat lastig vallen zou beschermen. Een steek van ergernis, en een gevoel van warmte dat hij haar hier tenminste tegen beschermen kon.

‘U kunt vertrouwen op wat Min heeft gezegd, Harine,’ zei Rafela. ‘De verslagen die ik heb gehoord, zeggen dat wat zij ziet, altijd uitkomt. En al beseft ze het niet: ze heeft ook nog iets anders gezien.’ Ze hield haar ronde gezicht schuin en een glimlach krulde rond haar lippen. ‘Als u gestraft wordt voor wat hier gebeurt, dan moet het betekenen dat u met alle wensen van de Coramoor instemt.’

‘Tenzij ik nergens mee instem,’ tierde Harine. ‘Als ik geen Overeenkomst sluit...’ Haar handen op de tafel balden zich tot vuisten. Ze had reeds toegegeven dat ze die moest sluiten. Ze had toegegeven dat het Zeevolk moest dienen.

‘Wat ik van u eis, is geen zware last,’ zei Rhand. Hij had erover nagedacht sinds zijn besluit om hier te komen. ‘Wanneer ik schepen wil om mannen of voorraden te vervoeren, zal het Zeevolk die verschaffen. Ik wil weten wat er in Tarabon en Arad Doman en in de naburige landen gaande is. Uw schepen kunnen vernemen, zullen vernemen wat ik wil weten. Ze doen Tanchico en Bandar Eban aan, en honderden vissersdorpjes en stadjes ertussen. Uw schepen zeilen verder de zee op dan ieder ander. Het Zeevolk dient zo ver als zij op de Arythische Oceaan naar het westen kunnen zeilen, de wacht te houden. Er is een volk, de Seanchanen, dat aan de overkant van de Arythische Oceaan woont en op een dag zullen ze hierheen komen om ons te onderwerpen. Het Zeevolk moet me op de hoogte houden van hun komst.’

‘U eist veel,’ mompelde Harine verbitterd. ‘Wij kennen die Seanchanen die blijkbaar afkomstig zijn van de Eilanden van de Dood, vanwaar geen schip wederkeert. Enkele van onze schepen hebben de hunne ontmoet. Ze gebruiken de Ene Kracht als wapen. U eist meer dan u weet, Coramoor.’ Ditmaal was er geen hapering voor ze de titel gebruikte. ‘Een of ander duister kwaad is over de Arythische Oceaan gekomen. Al vele maanden is er geen enkel schip uit die richting teruggekeerd. Schepen die naar het westen zeilen, verdwijnen.’

Rhand voelde een rilling. Hij draaide de Drakenstaf om en om, gemaakt van een deel van een Seanchaanse speer. Waren ze al terug? Ze waren een keer verdreven, uit Falme. Hij droeg de speerpunt met zich mee ter herinnering dat er meer vijanden in de wereld waren dan hij kon zien. Desondanks was hij zeker geweest dat het de Seanchanen jaren zou kosten om hun nederlaag te boven te komen, nadat ze in zee waren teruggedreven door de Herrezen Draak en de dode helden die waren opgeroepen door de Hoorn van Valere. Lag de Hoorn nog steeds in de Witte Toren? Hij wist dat die erheen was gebracht.

Opeens kon hij de krappe ruimte van de kajuit niet meer verdragen. Hij rommelde aan de grendel op de armleuning. Die wilde niet open. Hij greep het gladde hout beet en trok met een forse ruk de leuning aan splinters. ‘We zijn overeengekomen dat het Zeevolk me zal dienen,’ zei hij, overeind komend. Door de lage zoldering moest hij zich bukken, waardoor hij dreigend over de tafel leek te buigen. De kajuit voelde echt kleiner aan. ‘Als er nog meer voor jullie Overeenkomst te regelen is, zullen Merana en Rafela hier dit verder met jullie bespreken.’ Hij wachtte niet op antwoord en draaide zich snel om naar de deur, waar Dashiva weer in zichzelf stond te mompelen.

Daar haalde Merana hem in, greep zijn mouw en zei zacht en sneclass="underline" ‘Mijn heer Draak, het zou veel beter zijn als u bleef. U hebt gezien wat er gebeurt als er een ta’veren aanwezig is. Indien u erbij bent, zullen ze volgens mij nog meer onthullen van wat ze willen verbergen en instemmen voor wij iets toegeven.’

‘Jullie zijn van de Grijze Ajah,’ beet hij haar toe. ‘Onderhandel! Dashiva, kom mee.’

Op het dek haalde hij diep adem. De wolkeloze lucht boven hem strekte zich eindeloos uit.

Het duurde even voor hij Bera en de andere twee zusters zag die hem vol verwachting aankeken. Flin en Narishma hielden zich bezig met wat zij geacht werden te doen. Een deel van hun blikken op het schip en verder op de rivieroevers, de stad aan de ene kant en de half afgebouwde graanpakhuizen op de andere oever. Een boot midden op de rivier was een kwetsbare plek om te zijn als een Verzaker wilde toeslaan. Maar eigenlijk was alles nu een gevaarlijke plaats. Rhand begreep niet waarom een van hen niet had getracht het hele Zonnepaleis met hem erin volkomen te verwoesten.

1 ... 172 173 174 175 176 177 178 179 180 ... 217
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)