Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » De Herrezen Draak
De Herrezen Draak - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

De Herrezen Draak

Электронная книга - «De Herrezen Draak». Краткое содержание книги:

De Herrezen Draak
1 ... 158 159 160 161 162 163 164 165 166 ... 178
Перейти на страницу:

De herbergier had hun simpele aanwijzingen gegeven, maar toen ze de poort bereikten en de modder in de Maule zagen, was Man bijna omgedraaid om te vragen of de man een andere Wijzevrouw kende. Er moesten er toch meer zijn in een stad van deze grootte. Het gepiep uit Thoms keel gaf de doorslag. Met een vies gezicht stapte Mart de modder in, waarbij hij de speelman verder droeg.

Volgens de aanwijzingen in de herberg moesten ze, toen ze die eerste avond van de haven naar de stad liepen, langs het huis van de Wijzevrouw gekomen zijn. Toen hij het lange smalle huis zag, met bosjes kruiden in de vensters en vlak naast een pottenbakker, wist hij het weer. Lopar had iets gezegd over aankloppen aan de achterdeur, maar hij had schoon genoeg van alle modder.

En van die visstank, dacht hij, terwijl hij met gefronste blikken naar de mannen keek die met de manden op de rug op hun blote voeten voortmodderden.

Er stonden ook afdrukken van paardenhoeven in de modder, die door de voeten en ossenwagens al enigszins begonnen te verdwijnen. Een paard-en-wagen, of misschien een koets. Hij had in Tyr alleen nog maar karren of wagens gezien die door ossen werden getrokken. De adel en kooplui waren trots op hun mooie huisdieren en ze zouden er nooit een opofferen aan echt zwaar werk, maar nu hij buiten de stadswallen was, zag hij ook geen enkele koets meer. Hij bande elke gedachte aan paarden en karrensporen uit zijn hoofd en sleepte Thom mee naar de voordeur, waar hij aanklopte. Een tijdje later klopte hij opnieuw. Toen opnieuw. Hij wilde het net opgeven en naar De Witte Maansikkel terugkeren, ondanks Thoms gehoest bij zijn schouder, toen hij het geschuifel van naderende voeten opving. De deur ging op een klein kiertje open en een flinke grijsharige vrouw gluurde naar buiten. ‘Wat willen jullie?’ vroeg ze vermoeid. Mart mat zich zijn beste glimlach aan. Licht, ik word langzamerhand zelf ziek van al die mensen die praten alsof er geen enkele hoop meer bestaat. ‘Moeder Guenna? Mijn naam is Mart Cauton. Cavan Lopar heeft me gezegd dat u misschien iets aan de hoest van mijn vriend kon doen. Ik kan u goed betalen.’

Ze nam hem enkele ogenblikken op, scheen naar Thoms gierende ademhaling te luisteren en zuchtte toen. ‘Ik neem aan dat ik dat tenminste nog wel kan doen. Je kunt maar beter binnenkomen.’ Ze zwaaide de deur open en slofte alweer terug naar de achterkant van het huis voor Mart in beweging kwam.

Haar tongval leek zo verschrikkelijk veel op die van de Amyrlin dat hij huiverde, maar hij volgde haar terwijl hij Thom meedroeg. ‘Nergens... voor nodig,’ klonk het piepend van de speelman. ‘Vervloekte drankjes... smaken altijd naar stront.’

‘Hou je mond, Thom.’

Ze ging hen helemaal voor naar de keuken, waar de forse vrouw in een van haar kasten zocht en er mompelend een aantal kleine stenen potjes en pakjes met kruiden uithaalde.

Mart zette Thom neer op een van de stoelen met hoge rug en wierp een blik door het raam vlak bij hem. Buiten stonden drie mooie paarden vastgebonden. Het verbaasde hem dat de Wijzevrouw er drie bezat, één was al bijzonder. Hij had in Tyr geen ruiters gezien, behalve edellieden en de rijken, en deze dieren leken hem echt wel duurder dan een paar zilveren munten. Weer paarden. Het kan me nu niet schelen, wel of geen paarden!

Moeder Guenna brouwde een of andere sterke thee met een smerige geur en dwong Thom die op te drinken door zijn neus dicht te knijpen toen hij wilde klagen. Mart dacht dat ze minder vet aan haar lijf had dan hij eerst had gedacht, door de wijze waarop ze het hoofd van de speelman in de kromming van haar arm klemde terwijl ze de zwarte drank in hem goot, hoe hard hij ook probeerde haar tegen te houden.

Toen ze de beker wegnam, hoestte Thom en veegde even fel zijn mond af. ‘Bhaaa! Vrouw... ik weet niet... of je me... wilde verdrinken... of doden... met die smaak! Je zou... een vervloekte smid moeten zijn.’

‘Je neemt dit tweemaal per dag, tot dat geblaf verdwenen is,’ zei ze ferm. ‘Bovendien heb ik een zalf die je iedere avond op je borst moet smeren.’ Iets van de vermoeidheid verdween uit haar stem toen ze hem toesprak met de vuisten op haar brede heupen. ‘Die zalf stinkt even erg als deze thee smaakt, maar je wrijft hem er goed en grondig op, anders neem ik je als een magere karper in een net mee naar boven en bind ik je met mantel en al aan het bed vast. Ik heb nog nooit een speelman bij me gekregen en de eerste laat ik zich niet doodhoesten.’ Thom keek woest en blies zijn snor hoestend naar buiten, maar hij leek haar dreigement ernstig te nemen. Hij zei gelukkig niets terug, maar hij keek of hij de thee en de zalf recht in haar gezicht wilde teruggooien.

Hoe meer deze moeder Guenna sprak, hoe meer ze volgens Mart op de Amyrlin leek. Door de zure gelaatsuitdrukking van Thom en haar ferme blik besloot hij dat hij iedereen beter wat kon kalmeren, voor de speelman haar middeltjes weigerde en zij besloot hem te dwingen. ‘Ik heb een vrouw gekend die net als u praatte,’ zei hij. ‘Had het ook steeds over vissen en netten en zo. Klonk ook net als u. Dezelfde tongval bedoel ik. Ik neem aan dat ze ook uit Tyr kwam.’

‘Misschien.’ Opeens klonk de grijsharige vrouw weer vermoeid en staarde ze naar de vloer. ‘Ik kende enkele meisjes die net zo praten als jij. Twee van hen in ieder geval.’ Ze zuchtte diep. Mart voelde zijn hoofdhuid kriebelen. Zoveel geluk kan ik met hebben. Maar hij zou er ook geen twee koperstukken om willen verwedden dat er nog twee vrouwen uit Tweewater in Tyr verbleven. ‘Drie meisjes? Jonge vrouwen? Die Egwene, Nynaeve en Elayne heten? Die laatste heeft haren als de zon en blauwe ogen.’ Ze keek hem met diepe rimpels in het voorhoofd aan. ‘Dat waren niet de namen die ze mij noemden,’ zei ze langzaam, ‘maar ik vermoedde al dat ze niet hun echte namen hadden genoemd. Ze zouden er wel een reden voor hebben, dacht ik toen. Een van de drie was een lief meisje met lichtblauwe ogen en roodgouden haar tot op de schouders.’ Ze beschreef Nynaeve met haar vlecht en ook Egwene met haar grote donkere ogen en snelle glimlach. Drie knappe vrouwen die toch ook sterk van elkaar verschilden. ‘Ik merk dat jij deze drie kent,’ besloot ze. ‘Het spijt me, jongen.’

‘Waarom spijt het u? Ik ben al dagen naar ze op zoek!’ Licht, de eerste avond ben ik vlak langs dit huis gelopen! Vlak langs ze heen! Ik wilde toeval. Wat kan er toevalliger zijn dan waar een schip op een regenachtige avond aanmeert en waar je oog toevallig tijdens een bloed-bliksemflits op valt! Ik mag branden! Bloedvuur! ‘Zeg me waar ze zijn, moeder Guenna.’

De grijsharige vrouw staarde vermoeid naar de kachel, waar haar fluitketel stond te stomen. Ze bewoog haar lippen, maar zei niets. ‘Waar zijn ze?’ wilde Mart weten. ‘Het is belangrijk. Ze zijn in gevaar als ik ze niet gauw vind.’

‘Je begrijpt het niet,’ zei ze zachtjes. ‘Jij bent een vreemdeling. De hoogheren...’

‘Die hoogheren kunnen me niks...’ Mart knipperde met zijn ogen en keek naar Thom. De speelman fronste diep, maar zat zo hard te hoesten dat Mart er niet zeker van kon zijn. ‘Wat hebben de hoogheren te maken met mijn vriendinnen?’

‘Je begrijpt gewoon niet...’

‘Zeg me niet dat ik het niet begrijp. Ik zal u voor die inlichtingen betalen.’

Moeder Guenna keek hem boos aan. ‘Ik neem geen geld aan voor...!’ Ze vertrok haar gezicht tot een woeste grimas. ‘Je vraagt me dingen te vertellen waarvan mij gezegd werd dat ik ze nooit mocht vertellen. Weet je wat er met mij zal gebeuren als ik het wel doe en jij mijn naam fluistert? Om te beginnen verlies ik mijn tong. Daarna raak ik andere delen van mijn lichaam kwijt, tot de hoogheren me laten ophangen om mijn laatste uren vol te krijsen, als herinnering aan het lot van mensen die niet gehoorzamen. Het zal die jonge vrouwen trouwens niet helpen of ik iets zeg en sterf.’

1 ... 158 159 160 161 162 163 164 165 166 ... 178
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)