Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » De Herrezen Draak
De Herrezen Draak - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

De Herrezen Draak

Электронная книга - «De Herrezen Draak». Краткое содержание книги:

De Herrezen Draak
1 ... 156 157 158 159 160 161 162 163 164 ... 178
Перейти на страницу:

‘Waarom ben je zo zenuwachtig? Je hebt toch niet laten merken waar je belangstelling voor hebt, hè?’ zei ze scherp. ‘Waar ben je zo bang voor?’

‘Nee! Nee, vrouw, ik... ik heb mezelf niet blootgegeven.’ Zijn ogen schoten weer rond en hij kwam wat dichterbij staan, terwijl zijn stem nog zachter werd, een ademloos, dringend gefluister. ‘Die vrouwen die u zoekt, ze zijn in de Steen! Gasten van een hoogheer. Hoogheer Samon! Waarom heb u gezegd dat het dieven waren? Hoogheer Samon zelf!’ piepte hij bijna. Er stond zweet op zijn gezicht. In de Steen! Bij een hoogheer! Licht, hoe kunnen we ze dan te pakken krijgen? Met moeite onderdrukte ze haar ongeduld. ‘Rustig,’ zei ze sussend. ‘Kalmeer een beetje, baas Sandar. We kunnen alles tot je tevredenheid uitleggen.’ Ik hoop dat we dat kunnen. Licht, als hij op een holletje naar de Steen rent om die hoogheer te vertellen dat wij naar hen op zoek zijn... ‘Ga mee naar moeder Guenna. Joslyn, Caryla en ik zullen alles uitleggen. Echt. Kom.’

Hij knikte kort en ongerust en liep naast haar mee. Hij paste zijn snelheid aan zodat ze hem op haar klompen kon bijhouden. Het leek of hij het liefst zou hollen.

Bij het huis van de Wijzevrouw haastte ze zich achterom. Niemand gebruikte ooit de voordeur, was haar opgevallen, zelfs moeder Guenna niet. De paarden waren nu vastgezet aan een bamboeleuning, op ruime afstand van Alhuins nieuwe vijgen en haar moestuin. Zadels en tuig waren binnen neergelegd. Ditmaal bleef ze niet staan om Gaidin op zijn neus te kloppen en hem te zeggen dat hij de beste was, veel verstandiger dan zijn naamgenoot. Sandar bleef staan om met de onderkant van zijn stok de modder van zijn klompen te schrapen, maar Nynaeve snelde naar binnen.

Alhuin Guenna zat in een van haar hoge stoelen. De stoel was naar het midden van de kamer geschoven en haar armen hingen slap omlaag. De ogen van de grijsharige vrouw puilden uit van boosheid en angst en ze worstelde verwoed, zonder een spier te bewegen. Nynaeve hoefde het subtiele weefsel van Lucht niet te voelen om te weten wat er was gebeurd. Licht, ze hebben ons gevonden! Bloedvuur, Sandar!

Razernij stroomde door haar heen en spoelde de muren weg die haar gewoonlijk van de Ene Kracht scheidden. Terwijl het mandje uit haar handen viel, was ze de witte bloem van een zwartdoornstruik, die zich opende om saidar te omhelzen, zich opende... Het leek of ze op een andere muur botste, een muur van helder glas. Ze kon de Ware Bron voelen, maar de muur hield alles regen, behalve haar smachten naar de Ene Kracht.

De mand viel op de vloer en achter haar ging de deur open en stapte Liandrin naar binnen, gevolgd door een zwartharige vrouw met een witte lok boven haar linkeroor. Ze droegen lange, kleurige zijden gewaden die hun schouders onbedekt lieten en de gloed van saidar hing om hen heen.

Liandrin streek haar rode gewaad goed en glimlachte met haar pruilende rozenknopmond. Haar poppengezicht was een en al vermaak. ‘Je begrijpt het, hè wilder,’ begon ze, ‘je hebt geen...’ Nynaeve stompte haar op de mond, zo hard ze maar kon. Licht, ik moet zien weg te komen. Ze gaf Rianna zo’n harde duw dat de zwartharige vrouw grommend op haar met zijde bedekte achterste viel. Ze moeten de anderen te pakken hebben gekregen, maar als ik buiten kan komen, als ik zover weg kan komen dat ze me niet kunnen afschermen, kan ik iets doen. Ze gaf Liandrin een duw, schoof haar weg van de deur. Nu alleen aan hun schild ontsnappen en daarna zal ik... Van alle kanten regenden slagen als van vuisten en stokken op haar neer. Noch Liandrin, uit wier grimmige mond bloed druppelde, noch Rianna, met haar haren evenzeer in de war als haar kleren, leek iets te doen. Nynaeve kon voelen hoe de stromen Lucht zich om haar heen weefden, evenals de slagen zelf. Nog steeds bleef ze worstelen om bij de deur te komen, maar ze besefte dat ze nu op haar knieën lag en dat de onzichtbare slagen niet ophielden. Onzichtbare stokken en vuisten troffen haar rug en buik, haar hoofd en zij, haar schouders, borsten, benen en hoofd. Kreunend viel ze op haar zij en rolde zich op tot een bal in een vergeefse poging om zichzelf te beschermen. O, Licht, ik heb het geprobeerd. Egwene! Elayne! Ik heb het geprobeerd! Ik ga niet schreeuwen! Bloedvuur, je kunt me doodslaan, maar ik ga niet schreeuwen!

De slagen hielden op, maar Nynaeve bleef rillen en huiveren. Het voelde alsof ze van top tot teen onder de blauwe plekken en wonden zat. Liandrin hurkte naast haar neer, de armen rond de knieën, zijde ruisend tegen zijde. Ze had het bloed van haar mond geveegd. Haar donkere ogen stonden hard en op haar gezicht was geen enkel vermaak meer te lezen. ‘Misschien ben je te stom om te weten dat je verslagen bent, wilder. Je hebt bijna even woest gevochten als dat andere dwaze kind, die Egwene. Die werd bijna waanzinnig. Jullie moeten leren je te onderwerpen. Jullie zullen leren je te onderwerpen.’

Nynaeve huiverde en reikte weer naar saidar. Niet dat ze er echt op rekende, maar ze moest iets. Ze dwong de pijn opzij, reikte... en raakte weer dat onzichtbare schild. Liandrin had weer die vermaakte blik in haar ogen, de grimmige vrolijkheid van een gemeen kind dat vliegjes de vleugels uittrekt.

‘Haar kunnen we in ieder geval niet gebruiken,’ zei Rianna, die naast Alhuin stond, ik zet haar hart stil.’ Alhuins ogen rolden bijna uit haar hoofd.

‘Nee.’ Liandrins honingkleurige vlechtjes zwaaiden toen ze snel omkeek. ‘Je doodt altijd te snel, en alleen de Grote Heer kan de doden gebruiken.’ Ze glimlachte naar de vrouw die door onzichtbare boeien aan de stoel was geketend. ‘Je hebt de soldaten gezien die ons vergezelden, oude vrouw. Je weet wie er in de Steen op ons wacht. Hoogheer Samon. Hij zal het niet prettig vinden als je rondvertelt wat hier is gebeurd. Als je je mond houdt, blijf je leven, zodat je hem misschien op een goede dag weer kunt dienen. Als je spreekt, zul je alleen de Grote Heer van het Duister dienen, vanuit het graf. Wat kies je?’ Opeens kon Alhuin haar hoofd bewegen. Ze schudde haar grijze krullen en bewoog de spieren van haar mond. ‘Ik... ik hou mijn mond,’ zei ze verslagen. Ze keek Nynaeve beschaamd en verlegen aan. ‘Wat heeft het voor zin als ik praat? Een hoogheer kan me op het schavot plaatsen door een wenkbrauw op te trekken. Wat kan ik doen, meisje? Wat?’

‘Het is in orde,’ zei Nynaeve vermoeid. Aan wie zou ze het moeten zeggen? Ze kan alleen vermoord worden, ik weet dat je zou helpen als je kon.’ Rianna gooide haar hoofd in de nek en lachte. Alhuin zakte in elkaar, volledig vrij, maar ze bleef enkel naar haar handen in haar schoot staren.

Samen trokken Liandrin en Rianna Nynaeve overeind en duwden haar naar de voorkant van het huis. ‘Bezorg ons last, wat dan ook,’ zei de zwartharige vrouw kil, ‘en ik laat je helemaal villen, waarna ik op je botten zal dansen.’

Nynaeve moest er bijna om lachen. Welke last kan ik nog veroorzaken? Ze was afgeschermd van de Ware Bron. Haar pijnlijke plekken deden zo’n pijn dat ze amper kon staan. Alles wat zij nog kon, zouden deze vrouwen afhandelen als de toeval van een lastig kind. Maar mijn verwondingen zullen genezen, bloedvuur, en jullie maken nog wel een fout! En dan...

In de voorkamer van het huis waren anderen, onder wie twee grote soldaten met ronde kamhelmen en glanzende borstplaten over hun rode jassen. De mannen stond het zweet op het voorhoofd en hun donkere ogen waren even angstig als de hare. Amico Nagoyin was erbij, slank en mooi. Met haar lange hals en bleke huid zag ze er even onschuldig uit als een meisje dat bloemen plukt. Joiya Byir had een vriendelijk gezicht, ondanks die gladde kalmte van een vrouw die al heel lang met de Kracht werkte. Met dat hartelijke uiterlijk leek ze bijna op een grootmoeder, hoewel haar haren ondanks haar leeftijd nog geen spoortje grijs vertoonden en haar huid rimpelloos was. Haar grijze ogen leken echter meer op die van de stiefmoeder uit een speelmansverhaal, de stiefmoeder die de kinderen uit het vorige huwelijk van haar man vermoordt. Beide vrouwen waren gehuld in de gloed van de Ene Kracht.

1 ... 156 157 158 159 160 161 162 163 164 ... 178
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)