Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » Een Kroon van Zwarden
Een Kroon van Zwarden - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

Een Kroon van Zwarden

Электронная книга - «Een Kroon van Zwarden». Краткое содержание книги:

Een Kroon van Zwarden
1 ... 153 154 155 156 157 158 159 160 161 ... 217
Перейти на страницу:

‘Geen enkele vrouw bleef erg lang,’ voegde Adeleas eraan toe. ‘Vijf jaar, misschien tien. Zo was het toen, en ik neem aan dat dat nu nog zo is. Als ze eenmaal beseffen dat hun kleine groep geen vervanging voor de Witte Toren is, trekken ze weg en worden dorpsgenezers of Wijsheden of zoiets. Soms vergeten ze gewoon de Kracht, geleiden niet meer, leren een ambacht of gaan de handel in. Hoe dan ook, ze verdwijnen, om het maar zo uit te drukken.’ Elayne vroeg zich af hoe iemand op een dergelijke manier de Ene Kracht kon vergeten; het verlangen om te geleiden, de verleiding van de Bron was er altijd, als je eenmaal geleerd had die te omhelzen. Maar de Aes Sedai leken inderdaad te geloven dat sommige vrouwen dat alles gewoon achter zich konden laten, als ze eenmaal hadden ontdekt geen Aes Sedai te kunnen worden.

Vandene nam de uitleg weer over. Vaak spraken de zusters beurtelings, waarbij de een soepel verderging waar de ander ophield. ‘De Toren heeft bijna vanaf het begin van de Kinne geweten, misschien zelfs al vanaf het eerste begin. Het leed geen twijfel dat de Trollok-oorlogen toen voorgingen. En al noemen zij zichzelf de Kinne, ze doen precies wat we van zulke vrouwen willen. Ze houden zichzelf en het feit dat ze kunnen geleiden verborgen, en willen geen enkele aandacht trekken. In al die jaren hebben ze zelfs doorgegeven – uiteraard in het geheim, heel zorgvuldig – wanneer een Kinsvrouw ontdekte dat een vrouw valselijk aanspraak op de stola maakte. Vroeg je iets?’

Elayne schudde haar hoofd. ‘Careane, zit er thee in die pot?’ Careane schrok op. ‘Ik geloof dat Adeleas en Vandene graag wat vocht voor hun keel wensen.’ De Domani vermeed nog net een blik naar de nog steeds zwijgende en starende Merilille, voor ze naar de tafel met de zilveren theepot en kommen liep. ‘Dat verklaart nog niet de geheimhouding,’ ging Elayne door. ‘Waarom is die kennis over hen zo’n groot geheim? Waarom zijn zij niet sinds lang over alle windstreken verspreid?’

‘Waarom? Vanwege de wegloopsters, natuurlijk.’ Adeleas liet het klinken als de gewoonste zaak ter wereld. ‘Andere groeperingen worden opgebroken zodra zij ontdekt worden – de laatste ongeveer tweehonderd jaar geleden – maar de Kinne houdt zich klein en rustig. Die laatste groep noemde zich de Dochters van de Stilte, hoewel ze nauwelijks stil waren. Het waren er slechts drieëntwintig in totaal, wilders die verzameld en min of meer opgeleid werden door een tweetal vroegere Aanvaarden, maar zij...’

‘Wegloopsters,’ herhaalde Elayne, en ze nam glimlachend een kom van Careane aan. Ze had er niet eens om gevraagd, maar besefte verstrooid dat de vrouw haar als eerste had bediend. Vandene en haar zuster hadden onderweg naar Ebo Dar heel wat over wegloopsters gesproken.

Adeleas knipperde met de ogen en nam het onderwerp weer op. ‘De Kinne helpt wegloopsters. Ze hebben altijd twee of drie vrouwen in Tar Valon die naar hen uitkijken. Ze benaderen bijvoorbeeld heel omzichtig bijna elke vrouw die uit de Toren wordt weggestuurd. Bovendien weten ze iedere wegloopster te vinden, of het nu een novice of een Aanvaarde is. Sinds de Trollok-oorlogen wist zonder hun hulp geen enkele vrouw van het eiland te komen.’

‘Inderdaad,’ zei Vandene, toen Adeleas zweeg om een kom van Careane aan te pakken. Die was eerst Merilille voorgehouden, maar de Aes Sedai zat ineengezakt met een lege blik in het niets te staren. ‘Als iemand erin slaagt om te ontsnappen, weten we onmiddellijk waar we moeten zoeken. Uiteindelijk belanden ze bijna altijd weer in de Toren, met de vurige wens dat hun voeten nooit hadden gekriebeld. Zolang de Kinne maar niet beseft dat wij het weten, tenminste. Als dat ooit gebeurt, keren we terug naar de dagen van vóór de Kinne, toen een vrouw elke kant op kon vluchten. Het waren er toen meer: Aes Sedai, Aanvaarden, novices én wegloopsters. Er waren jaren dat twee van de drie erin slaagden voor altijd te ontsnappen, soms zelfs drie van de vier. Door gebruik te maken van de Kinne halen we er nu gelukkig negen van de tien terug. Je begrijpt dat de Toren het geheim van de Kinne als een kostbaar juweel bewaart.’

Dat kon Elayne inzien. Een vrouw was pas klaar met de Witte Toren wanneer de Toren klaar met haar was. Bovendien deed het de mare van onfeilbaarheid geen kwaad als de Toren altijd zijn wegloopsters terughaalde. Bijna altijd. Nou, nu wist ze het.

Ze stond op en tot haar verbazing deden Adeleas en Vandene hetzelfde. De laatste wuifde Careanes aangeboden thee weg. Ook Sareitha stond op, en uiteindelijk zelfs Merilille. Ze keken haar allemaal afwachtend aan, zelfs Merilille.

Vandene merkte haar verrassing op en glimlachte. ‘Dit weet je misschien ook nog niet. Wij, Aes Sedai, zijn vaak twistziek. Ieder bewaakt jaloers haar plaats en voorrechten, maar als iemand boven ons geplaatst wordt, hebben we de neiging haar meestal behoorlijk gedwee te volgen. Al mopperen we misschien onder elkaar over haar beslissingen.’

‘Ja, dat doen we zeker,’ murmelde Adeleas gelukkig, alsof ze zojuist iets ontdekt had.

Merilille haalde diep adem en leek even geheel op te gaan in het gladstrijken van haar rok. ‘Vandene heeft gelijk,’ zei ze. ‘Vanuit jezelf sta je boven ons, en ik moet toegeven dat je kennelijk boven ons geplaatst bent. Als ons gedrag om bestraffing vraagt... Nou ja, je zal het ons wel zeggen als dat zo is. Waarheen moeten we je volgen? Als ik dat mag vragen?’ Er was geen spoor van spot te bekennen; haar toon was zelfs beleefder dan Elayne ooit eerder had gehoord.

Volgens haar zou iedere Aes Sedai uit elke eeuw er trots op zijn geweest haar gelaatstrekken zo te beheersen als zij nu deed. Zij had alleen maar gewild dat ze haar als een echte Aes Sedai zagen. Ze onderdrukte een plotselinge aandrang om te bekennen dat ze te jong en te onervaren was. ‘Je kunt de honing nooit meer terugstoppen in een raat,’ placht Lini te zeggen toen ze een meisje was. En Egwene was ook niet ouder.

Ze haalde adem en glimlachte warm. ‘Allereerst dienen we goed te beseffen dat wij allen zusters zijn, in de volle betekenis van het woord. We moeten samenwerken; de Schaal der Winden is veel te belangrijk.’ Ze hoopte dat ze allemaal geestdriftig zouden instemmen als ze hun ging vertellen wat Egwenes bedoeling was. ‘Misschien kunnen we beter weer gaan zitten.’ Ze wachtten op haar voor zij zich weer in hun stoelen lieten zakken. Ze hoopte dat het Nynaeve even goed verging, of maar een tiende. Als ze dit vernam, zou de schok Nynaeve doen flauwvallen, ‘Ik heb zelf ook iets over de Kinne te vertellen.’

Het duurde niet lang of Merilille leek elk ogenblik flauw te vallen van de schok, en zelfs Adeleas en Vandene waren daar niet ver van af. Maar ze bleven herhalen: ‘Ja, Elayne,’ en: ‘Als jij dat vindt, Elayne.’ Misschien zou alles vanaf nu gemakkelijker gaan.

De draagstoel deinde door de menigte feestvierders op de kade, toen Moghedien de vrouw zag. Ze werd bij een van de aanlegplaatsen uit een koets geholpen door een knecht in groen en wit. Een breed gevederd masker bedekte meer van haar gezicht dan bij Moghedien het geval was, maar ze zou die ferme loop overal hebben herkend. Ze zou die vrouw vanuit elke hoek en in elk soort licht hebben herkend. De handgesneden houten schermen die in een dichte draagstoel als venster dienden, hinderden haar dan ook helemaal niet. Twee kerels met zwaarden sprongen van het koetsdak af en volgden de gemaskerde vrouw.

Moghedien sloeg met een vuist tegen de zijkant van de koets en riep: ‘Stop!’ De dragers bleven zo snel stilstaan dat ze bijna naar voren vloog. De menigte drong langs de stoel. Sommigen schreeuwden verwensingen omdat de dragers de weg versperden, anderen waren beter gestemd. Hier bij de rivier was de mensenmassa niet zo opeengepakt, zodat ze ertussendoor kon kijken. De boot die zich van de kade losmaakte, was nogal opvallend; het dak van de lage kajuit was rood geschilderd. Dat kenmerk zag ze bij geen enkele andere boot langs de lange stenen kade.

1 ... 153 154 155 156 157 158 159 160 161 ... 217
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)