Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » De Herrezen Draak
De Herrezen Draak - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

De Herrezen Draak

Электронная книга - «De Herrezen Draak». Краткое содержание книги:

De Herrezen Draak
1 ... 133 134 135 136 137 138 139 140 141 ... 178
Перейти на страницу:

‘Het heeft geen zin nog langer te wachten,’ zei hij tegen Thom. ‘Ik breng de brief onmiddellijk weg.’ Hij keek naar de draagstoelen en de koetsen die zich een weg door de menigte baanden, naar de winkels met hun uitgestalde koopwaar. ‘Een man kan in deze stad goed geld verdienen, Thom, als hij een stel dobbelaars of kaartspelers kan vinden.’ Hij had met kaarten minder geluk dan met de stenen, maar afgezien van de edelen en rijken werd er weinig gekaart. Nou, dan zou ik eens met dat slag moeten spelen.

Thom keek hem gapend aan en trok zijn speelmansmantel dicht alsof het een deken was. ‘We hebben de hele nacht doorgereden, kerel. Laten we tenminste eerst iets te eten vinden. De Koninginnezegen heeft een goede keuken.’ Hij gaapte weer. ‘En goede bedden.’

‘Dat weet ik nog,’ zei Mart langzaam. En dat was ook zo. De herbergier was een dikke man met grijzend haar, baas Gil. Moiraine had Rhand en hem hier in Caemlin gevonden, toen hij had gedacht dat ze haar kwijt waren. Ze speelt haar spel nu met Rhand. Dat is mijn zaak niet. Niet meer. ik zie je daar wel, Thom. Ik zei dat ik deze brief binnen de kortste keren kwijt wil, en daar wil ik me aan houden. Ga maar vast.’ Thom knikte. Hij keerde zijn paard en riep al gapend over zijn schouder: ‘Verdwaal niet, kerel. Caemlin is een grote stad.’ En een rijke. Ondanks de drukte spoorde Mart zijn paard aan. Verdwaald’. Ik vind mijn eigen weg wel. De ziekte scheen een deel van zijn geheugen te hebben gewist. Hij kon naar een herberg kijken waarvan de bovenste verdiepingen uitstaken en naar het door de wind piepende uithangbord, en zich herinneren dat hij de herberg eerder gezien had, maar hij kon zich er dan verder niets meer van herinneren. Een stuk straat van honderd pas lang kon opeens in zijn geheugen opkomen, terwijl de stukken ervoor en erna net zo onbekend waren als dobbelstenen in een beker.

Zelfs met al die leegtes in zijn herinnering wist hij zeker dat hij nog nooit in de Binnenstad of het koninklijk paleis was geweest – Dat had ik nooit kunnen vergeten! - maar hij hoefde zich de weg niet te herinneren. De straten van de Nieuwe Stad – ineens wist hij die naam weer; het was het gedeelte van Caemlin dat nog geen tweeduizend jaar oud was – waren een doolhof, maar de grote wegen leidden allemaal naar de Binnenstad. De poortwachters deden geen enkele poging iemand tegen te houden.

Binnen die witte muur zag hij gebouwen die bijna in Tar Valon hadden kunnen staan. De straten liepen in een bocht over heuvels en openbaarden smalle torens met betegelde muren die in wel honderden kleuren het zonlicht weerkaatsten, of boden de hoger staande toeschouwer een uitzicht over prachtig aangelegde parken, of over de hele stad tot aan de golvende vlakten en wouden in de verte. Het maakte niet echt uit welke straat hij koos. Ze kronkelden allemaal naar wat hij zocht: het koninklijk paleis van Andor.

Na enige tijd bevond hij zich op het enorme plein voor het paleis. Hij reed het plein over naar de grote, vergulde poorten. Het felwitte paleis van Andor zou zeker niet hebben misstaan tussen de wonderen van Tar Valon, met zijn slanke torens en gouden, in het zonlicht glanzende koepels, zijn hoge balkons en fraaie metselwerk. Van het verguldsel op zo’n koepel kon hij een jaar in overdaad leven. Er waren minder mensen op het plein dan elders, alsof het alleen bij belangrijke gelegenheden werd gebruikt. Voor de gesloten poorten stond een tiental gardisten en ze hielden hun boog allemaal precies even schuin voor hun glimmende borstkuras. Hun gezichten waren verborgen achter de stalen spijlen van het glimmende vizier. Een zwaargebouwde officier, wiens teruggeslagen mantel een gouden kwast op zijn schouder onthulde, liep langs de rij op en neer en bekeek iedere man alsof hij dacht dat hij ergens stof of roest zou vinden. Mart trok de teugels aan en toonde een glimlach. ‘Goedemorgen, heer kapitein.’

De officier draaide zich om en staarde hem door de spijlen van zijn vizier met diepliggende kraaloogjes aan, als een dikke rat in een kooitje. De man was ouder dan hij verwacht had – zeker oud genoeg om meer dan één rangkwast te dragen – en eerder dik dan gedrongen. ‘Wat moet je, boer?’ vroeg hij grof.

Mart haalde diep adem. Laat het goed klinken. Maak indruk op deze dwaas zodat hij me niet de hele dag laat wachten. Ik wil niet met dat papier van de Amyrlin hoeven zwaaien om te voorkomen dat ik moet wachten, ik kom van Tar Valon, van de Witte Toren, met een brief van...’

‘Jij komt van de Witte Toren, boer?’ De dikke buik van de officier schudde van het lachen, maar toen werd zijn lachen als met een mes afgekapt, en keek hij Mart dreigend aan. ‘Wij willen geen brieven van de Witte Toren, boef, als je al zoiets hebt. Onze goede koningin – moge het Licht op haar schijnen! – wil geen woord van de Witte Toren horen tot haar erfdochter is teruggekeerd. Ik heb nog nooit gehoord van een boodschapper van de Toren in boerenkleren. Ik maak eruit op dar je een of ander plannetje hebt. Misschien wil je met je komst een paar munten in de wacht slepen door te beweren brieven te hebben. Pas maar op dat je niet in een kerker eindigt. Als je echt van de Witte Toren komt, mag je omkeren en de Toren zeggen dat ze onze erfdochter terug moeten geven voordat we haar komen halen! Als je een oplichter bent die op zilver jaagt, verdwijn dan uit mijn ogen voor ik je lens laat slaan. Hoe dan ook, stomme sukkel, verdwijn!’ Mart had voortdurend geprobeerd ertussen te komen. Snel zei hij: ‘De brief is van haar, man. Van de...’

‘Zei ik niet dat je weg moest wezen, schurk?’ brulde de dikzak. Zijn gezicht liep net zo rood aan als zijn jas. ‘Uit mijn ogen, geteisem! Als je niet weg bent voor ik tot tien heb geteld, laat ik je in de boeien slaan omdat je het plein met je lijf en je knol bevuilt! Eén! Twee!’

‘Kun je wel tot zoveel tellen, bolle nar?’ snauwde Mart. ‘Ik zeg je dat Elayne een...’

‘Wacht!’ Het gezicht van de officier liep paarsrood aan. ‘Grijp deze man, hij is een Duistervriend!’

Mart aarzelde even; hij geloofde niet dat iemand zo’n beschuldiging ernstig kon nemen. Maar de gardisten sprongen op hem af, de tien mannen met hun borstkurassen en helmen, en hij keerde zijn paard en galoppeerde voor hen uit, begeleid door het gebrul van de dikke man. De ruin was niet snel, maar hij liet de mannen te voet gemakkelijk achter zich. Mensen in de rond lopende straten sprongen opzij, schudden hun vuist en vloekten al net zo erg als de officier. Dwaas, dacht hij, en bedoelde de officier, en zei het nogmaals tegen zichzelf. Ik had met haar bloednaam moeten beginnen. ‘Elayne, de erfdochter van Andor, zendt deze brief aan haar moeder, koningin Morgase. ’ Licht, wie had gedacht dat ze zo over Tar Valon dachten? Van wat hij zich van zijn laatste bezoek herinnerde, stonden Aes Sedai en de Witte Toren, na koningin Morgase, bij de garde hoog aangeschreven. Vervloekt Elayne, dat had je me best eens kunnen zeggen. Met tegenzin voegde hij eraan toe: Ik had er ook naar kunnen vragen.

Voor hij de hoogpoort van de Nieuwe Stad bereikte, hield hij in en reed stapvoets verder. Hij dacht niet dat de paleisgarde hem nog steeds achterna zou zitten en het had geen zin om de aandacht van de poortwachters te trekken door erdoorheen te galopperen, maar ze letten even weinig op hem als toen hij naar binnen was gereden. Toen hij onder de brede boog door reed, verscheen er een glimlach op zijn gezicht en keerde hij bijna om. Hij had zich opeens iets herinnerd, een idee dat hem veel meer aansprak dan de paleispoort in te lopen. Zelfs als die dikke officier niet op wacht had gestaan, zou het veel leuker zijn, dacht hij.

1 ... 133 134 135 136 137 138 139 140 141 ... 178
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)