Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » De Herrezen Draak
De Herrezen Draak - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

De Herrezen Draak

Электронная книга - «De Herrezen Draak». Краткое содержание книги:

De Herrezen Draak
1 ... 47 48 49 50 51 52 53 54 55 ... 178
Перейти на страницу:

‘Verin kon het niet,’ zei Elayne. ‘Moiraine en Verin samen konden het niet, en Moiraine had nog wel een angreaal. Nynaeve, als je te veel Ene Kracht put, kun je in as opgaan. Of opbranden als je geluk hebt. Als je dat geluk kunt noemen.’

Nynaeve trok haar schouders op. ‘Ze zeggen maar steeds tegen me dat ik aanleg heb om de sterkste Aes Sedai te worden sinds duizend jaar. Misschien wordt het tijd uit te vinden of ze gelijk hebben.’ Ze gaf een harde ruk aan haar vlecht.

Egwene zag duidelijk dat Nynaeve ondanks al haar dappere woorden bang was. Maar ze zal Mart niet laten sterven, zelfs als ze daarmee baar leven riskeert. ‘Ze blijven maar zeggen dat wij drieën zo verschrikkelijk sterk zijn – of zullen zijn. Misschien kunnen we de stromen onderling verdelen, als we het samen proberen.’

‘We hebben ooit eerder geprobeerd samen te werken,’ zei Nynaeve langzaam, ik weet niet zeker of ik weet hoe ik onze vaardigheden moet verweven. Proberen zou weleens even gevaarlijk kunnen zijn als te veel Kracht aantrekken.’

‘Nou, als we het gaan doen,’ zei Elayne, die van het bed afstapte, ‘laten we het dan meteen doen. Hoe langer we erover praten, hoe banger ik word. Mart is in het gastenverblijf, ik weet niet welk, maar dat heeft Sheriam zich laten ontvallen.’

Als een dikke punt achter haar woorden sloeg de deur open. Een Aes Sedai stapte naar binnen alsof het haar eigen kamer was en zij degenen waren die waren binnengedrongen.

Egwene zorgde ervoor dat ze een diepe kniebuiging maakte om haar wanhoop niet te tonen.

17

De Rode Aes Sedai

Elaida was meer een mooie dan een knappe vrouw en haar strenge trekken voegden volwassenheid toe aan haar leeftijdloze Aes Sedai-gezicht. Ze zag er niet oud uit, maar Egwene kon zich Elaida niettemin moeilijk als jong meisje voorstellen. De meeste Aes Sedai droegen alleen bij bijzonder formele gelegenheden de stola met het borduurwerk van ranken en bladeren, waarin op de rug de witte Vlam van Tar Valon was verwerkt, maar Elaida droeg ook nu de hare met de lange rode franje die haar Ajah aangaf. Haar gewaad van zachtgele zijde toonde rode strepen, en toen ze de kamer binnenstapte, waren onder haar rok nu en dan rode muiltjes te zien. Haar donkere ogen namen hen op zoals een vogel naar wormen loert.

‘Zo, de drie bij elkaar. Waarom verbaast me dat niet?’ Haar stem klonk niet gewichtig en ze gedroeg zich ook niet zo, maar zij had macht en was bereid die zo nodig te gebruiken. Ze wist meer dan degene die ze aansprak, of het nu een koningin of een Novice was. ‘Vergeef me, Elaida Sedai,’ zei Nynaeve, die opnieuw een kleine kniebuiging maakte, ‘maar ik stond op het punt weg te gaan. Ik moet nog veel lessen inhalen. Dus als u me wilt...’

‘Je studie kan wachten,’ zei Elaida. ‘Die is al zo lang blijven liggen dat dit er nog wel bij kan.’ Ze plukte de tas uit Nynaeves handen, maakte hem open, maar liet hem na een blik op de inhoud op de grond vallen. ‘Kruiden. Je bent geen Wijsheid in een dorp, kind. Als je probeert aan het verleden vast te houden, kom je niet ver.’

‘Elaida Sedai,’ zei Elayne, ‘Ik...’

‘Zwijg, Novice.’ Elaida’s stem klonk koud en zacht als in zijde gewikkeld staal. ‘Wellicht heb je een drieduizend jaar oude band tussen Tar Valon en Andor verbroken. Je praat als je wat gevraagd wordt.’ Elaynes ogen keken strak naar de vloer vlak voor haar voeten. Kleurige vlekjes brandden op haar wangen. Schuldgevoel of boosheid? Egwene was er niet zeker van.

Elaida negeerde hen en nam plaats in een stoel, waarna ze zorgvuldig haar rok schikte. Ze gaf niet aan dat de andere drie mochten gaan zitten. Nynaeves gezicht verstrakte en ze trok met felle rukjes aan haar vlecht. Egwene hoopte maar dat ze haar humeur voldoende in bedwang hield om niet ongevraagd de andere stoel te pakken. Toen Elaida naar genoegen was gezeten, bleef ze hen een tijdlang uitdrukkingsloos en zwijgend aankijken. Eindelijk zei ze: ‘Weten jullie dat er zusters van de Zwarte Ajah onder ons zijn?’ Egwene wisselde geschrokken blikken uit met Nynaeve en Elayne. ‘Dat werd ons verteld,’ zei Nynaeve behoedzaam. ‘Elaida Sedai,’ voegde ze er na een pauze aan toe.

Elaida trok een wenkbrauw hoog op. ‘Ja, ik dacht wel dat jullie ervan zouden weten.’ Egwene schrok van de toon, die veel meer inhield dan er werd gezegd en Nynaeve wilde al kwaad antwoorden, maar de vlakke blik van de Aes Sedai bracht hen tot zwijgen. ‘Jullie tweeën verdwijnen zomaar,’ ging Elaida achteloos verder, ‘en nemen de erfdochter van Andor mee – het meisje dat wellicht op een dag de koningin van Andor zal worden, als ik haar niet vil en haar huid aan een handschoenmaker verkoop. Zonder toestemming, zonder bericht, verdwijnen jullie spoorloos.’

‘Ik werd niet gedwongen,’ zei Elayne tegen de vloer. ‘Ik ging uit mezelf mee.’

‘Zul je me gehoorzamen, kind?’ Rond de Aes Sedai hing een gloed. De blik van de Aes Sedai was strak op Elayne gericht. ‘Moet ik je dat in deze kamer en op dit moment bijbrengen?’

Elayne hief het hoofd op en haar gezicht liet weinig te raden over. Boosheid. Ze keek Elaida lang recht in de ogen.

Egwenes nagels groefden zich in haar handpalmen. Het was om razend van te worden. Zijzelf, Elayne of Nynaeve kon Elaida ter plekke vernietigen. Als ze haar tenminste bij verrassing konden overvallen; de Aes Sedai was tenslotte volleerd. En als we iets meer nemen dan ze ons wil geven, gooien we alles weg. Vergooi het nu niet, Elayne. Elayne boog het hoofd. ‘Vergeef me, Elaida Sedai,’ mompelde ze. ‘Ik... ik vergat mezelf.’

De gloed verdween en Elaida snoof hoorbaar. ‘Waar deze twee jou ook heen hebben gevoerd, kind, je hebt er slechte gewoontes opgestoken, iets dat je je niet kunt veroorloven. Je zult de eerste koningin in Andor zijn die het tot Aes Sedai brengt. De eerste Aes Sedai-koningin sinds duizend jaar, in welk land dan ook. Je zult een van onze sterkste zusters zijn sinds het Breken van de Wereld, een zuster die de wereld openlijk kan zeggen dat ze Aes Sedai is. Leg dat alles niet in de waagschaal, kind, want je kunt nog steeds alles kwijtraken. Ik heb er te veel tijd in gestoken om dat te zien gebeuren. Begrijp je me?’

‘Ik denk het wel, Elaida Sedai,’ zei Elayne. Het klonk of ze het helemaal niet begreep. Egwene evenmin.

Elaida liet het onderwerp vallen. ‘Jullie verkeren wellicht in groot gevaar. Alledrie. Jullie verdwijnen en keren terug en in de tussentijd verlaten Liandrin en haar... metgezellen ons. Men zal ongetwijfeld het een met het ander verbinden. We weten zeker dat Liandrin en de anderen Duistervrienden zijn. Zwarte Ajah. Ik zou niet graag zien dat Elayne van hetzelfde werd beschuldigd en om haar te beschermen, lijkt me, moet ik jullie allemaal beschermen. Vertel me waarom jullie wegliepen en wat jullie in deze maanden hebben gedaan en ik zal zien wat ik kan doen.’ Haar ogen richtten zich op Egwene en hielden haar vast als enterhaken.

Egwene aarzelde, zoekend naar een antwoord dat de Aes Sedai zou bevredigen. Men zei van Elaida dat ze soms een leugen kon herkennen. ‘Het... het ging om Mart. Hij is heel ziek.’ Ze koos haar woorden heel zorgvuldig om geen onwaarheden te uiten en toch een indruk te geven die ver bezijden de waarheid was. Aes Sedai doen het voortdurend. ‘We gingen naar... We hebben hem teruggebracht om geheeld te worden. Als we dat niet hadden gedaan, was hij gestorven. De Amyrlin gaat hem helen.’ Hoop ik. Ze bleef de Aes Sedai bewust aankijken en dwong zichzelf niet schuldig met haar voeten te schuifelen. Aan Elaida viel niet te zien of ze haar geloofde.

‘Dat is genoeg, Egwene,’ zei Nynaeve. Elaida richtte haar felle ogen op haar, maar het leek geen invloed te hebben. Nynaeve beantwoordde de blik van de Aes Sedai onverstoorbaar. ‘Vergeef me dat ik tussenbeide kom, Elaida Sedai,’ zei ze gladjes, ‘maar de Amyrlin Zetel heeft gezegd dat we onze misstap achter ons moesten laten en vergeten. Het hoort bij een nieuw begin en we mogen er zelfs niet over praten. De Amyrlin zei dat het hoort te lijken alsof het nooit is gebeurd.’

1 ... 47 48 49 50 51 52 53 54 55 ... 178
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)