De Cock en moord op termijn
- Автор: Баантье Альберт Корнелис
- Серия: Inspector De Cock #24
- Год: 1998
- Язык: голландский
- Год: De Fontein
- ISBN: 978-90-261-0219-4
- Жанр: Другие детективы
Электронная книга - «De Cock en moord op termijn». Краткое содержание книги:
De Cock grijnsde breed.
‘Een wijdverbreid misverstand.’ Het klonk uitermate cynisch. Hij boog zich iets naar haar toe. ‘Sprak Frans ook bedreigingen uit?’
Martha Hooglied zuchtte diep.
‘Ik heb die avond vele malen vurig gebeden dat Frans die advocaat nooit meer zou ontmoeten… althans de eerste jaren niet.’
‘U vreesde de gevolgen?’
‘Zeker. Frans verkeerde in een uiterst gevaarlijke, labiele toestand van geestelijke verwarring. Zijn intense haat jegens die man kon zich elk moment ontladen.’
‘U had hem een psychiater moeten aanraden.’
‘Dat heb ik gedaan,’ knikte Martha Hooglied heftig. ‘Maar Frans wilde daar niets van horen. Toen ik bleef aandringen, werd hij kwaad. “Wat denk je,” zei hij. “Ik ben niet gek.”’
De Cock trok zijn gezicht in een vriendelijke plooi.
‘Dat gewillig luisterend oor van u bracht u wel in de problemen.’
Ze schonk hem een moede glimlach.
‘Dat was het risico… een risico, waarvan ik mij reeds bewust was op het moment dat ik besloot om aan de oor-avonden van de kerk mee te doen.’
De Cock gebaarde in haar richting.
‘Uiteindelijk hebt u zich over hem… eh, ontfermd?’
Martha Hooglied aarzelde even.
‘Ja,’ knikte ze instemmend, ‘zo mag u het wel noemen. Ik was bezorgd, bezield met medelijden… zo’n grote sterke man en toch zo kwetsbaar. Ik heb een afspraak met hem gemaakt voor de volgende dag. Samen zijn we naar Amsterdam gereisd. Dat wilde Frans. Ik heb het buurtje gezien waarin hij was opgegroeid. En dat verklaarde veel. Te midden van dat Sodom en Gomorra.’
De Cock slikte even. Hij had een scherpe terechtwijzing op zijn tong, maar bedwong zich bijtijds. ‘Ik neem aan,’ sprak hij voorzichtig formulerend, ‘dat u die dag voortdurend hebt geprobeerd om Frans tot… eh, tot nobeler gedachten te brengen?’
Er kwam duidelijk kleur op haar wangen.
‘Natuurlijk heb ik dat geprobeerd,’ sprak ze emotioneel. ‘Misschien wel tot vervelens toe. Men laat iemand toch geen moordenaar worden.’
Die laatste opmerking trof De Cock. Hij laste een pauze in. Onderwijl hield hij haar scherp in het oog, lette op elke beweging… elke expressie van haar gelaat.
‘Meester Van Abbenes is dood,’ sprak hij hard, indringend. ‘Vermoord.’
Martha Hooglied liet haar hoofd zakken. Het donkerblonde haar viel als een gordijn voor haar gezicht.
‘Ik weet het…’ sprak ze snikkend. ‘Ik weet het… neergeslagen met een golfclub.’
10
In een lichte verwarring keek De Cock van Martha naar Vledder en weer terug. ‘Een golfclub?’ Het lukte hem niet om de spanning volledig uit zijn stem te bannen. ‘Zei je… een golfclub?’
Martha Hooglied keek met een betraand gezicht naar hem op en knikte.
‘Daarmee zou hij het doen.’
‘Frans van der Kraay.’
Ze knikte opnieuw.
‘Hij heeft het mij verteld… precies… wat hij had uitgedacht.’ Haar ogen vulden zich weer met tranen. ‘En nu heeft hij het gedaan ook.’
De Cock keek haar onderzoekend aan.
‘Dat weet je zeker?’
Met de rug van haar hand veegde ze de tranen uit haar ogen. ‘Ik las het in de krant… gisteren… Meester van Abbenes, bekend advocaat, vermoord gevonden in het portiek van zijn kantoor.’
‘Toen wist je dat Frans van der Kraay werkelijk had toegeslagen,’ sprak De Cock.
Martha Hooglied stond op, liep naar een van de peuterige kastjes en pakte daaruit een zakdoek. ‘Het had nooit zover mogen komen,’ sprak ze zacht. ‘Het is feitelijk mijn schuld.’ Ze ging weer in haar fauteuiltje zitten. ‘Ik had hem er beter van moeten overtuigen dat de wraak der mensen zondig is… dat God de onrechtvaardigen zelf wel zal straffen. In de Bijbel staat: Aan Mij komt de wrake, spreekt de Heere.’
De Cock kneep zijn lippen op elkaar.
‘Misschien wilde Frans daar niet op wachten,’ zei hij toen.
Ze keek hem niet-begrijpend aan.
‘Waarop niet?’
‘De wraak van de Heere.’
Ze veegde met het zakdoekje over haar gezicht. Haar mond trok strak. ‘U mag met het geloof niet spotten,’ sprak ze berispend.
De Cock schudde zijn hoofd. ‘Dat doe ik ook niet,’ reageerde hij kalm. ‘Maar voor ongeduldige mensen laat de hemelse gerechtigheid wel eens wat lang op zich wachten.’
Martha Hooglied toonde zich weer strijdvaardig. Er vonkte opnieuw wat vuur in haar ogen. ‘Gezien in het licht van de eeuwigheid…’
De Cock wuifde haar woorden weg. Hij had spijt van zijn opmerkingen. Het lag geenszins in zijn bedoeling om een godsdienstige discussie uit te lokken. Daarvoor was hij niet naar Utrecht getogen. Hij spreidde zijn beide handen.
‘Hoe luidde het plan van Frans?’
Ze dacht na.
‘Hij zou,’ begon ze voorzichtig, ‘die meester Van Abbenes onder een of ander voorwendsel ’s avonds na de gebruikelijke werkuren naar zijn kantoor lokken. Daar zou hij hem opwachten en hem met een golfclub neerslaan.’
‘Waarom met een golfclub?’
Er gleed een droevige grijns om haar lippen.
‘Die golfclub vond Frans een schitterend idee. Hij was er gewoon trots op.’
De Cock trok rimpels in zijn voorhoofd.
‘Trots… waarom?’
Ze stopte haar zakdoekje in de mouw van haar blouse en trok haar rug recht. ‘Frans wist,’ zo ging ze verder, ‘dat meester Van Abbenes een verwoed golfspeler was en veel tijd bij zijn golfclub doorbracht… met vrienden.’ Ze zweeg even. ‘Volgens Frans was golf een spel voor rijke mensen… die hadden er het geld voor. Die mensen hadden ook de beschikking over het materiaal dat bij het spel hoorde.’
‘Zoals golfclubs.’
Martha Hooglied knikte heftig.
‘Die dingen vind je niet bij gewone mensen. Daarom… als de politie zou ontdekken dat Van Abbenes met een echte golfclub was vermoord… zouden ze nooit aan Frans denken als dader.’
De Cock kneep zijn ogen half dicht. Frans kennende… was het een uiterst sluw plan. Hij beet zich peinzend op zijn onderlip. ‘Hoe kwam Frans aan dat moordwapen?’
‘Gewoon…. gekocht in een sportzaak.’
‘Heeft hij dat ding aan u laten zien?’
Martha Hooglied schudde haar hoofd.
‘Hij had die golfclub thuis, in zijn woning. En daar ben ik om principiële redenen nooit geweest.’
De Cock boog zich vertrouwelijk naar voren.
‘Als ik het goed heb begrepen,’ sprak hij nadenkend, ‘bent u gisteravond pas naar de politie gegaan… nadat u in de krant had gelezen dat de advocaat Van Abbenes was vermoord?’
Haar blik dwaalde weg.
‘Niet onmiddellijk… ik heb eerst met mijzelf een hevige strijd gevoerd… of ik het wel doen zou.’
De Cock veinsde verbazing.
‘U wilde een moordenaar vrijuit laten gaan?’
Martha Hooglied knikte traag.
‘Ik heb de consequenties van die oor-avonden overdacht. Frans had duidelijk de behoefte om met iemand over zijn moordplannen te spreken. Feitelijk fungeerde ik die avond als… eh, als zijn biechtvader.’
De grijze speurder hield zijn hoofd iets scheef.
‘U… eh, u dacht aan het biechtgeheim?’
‘Inderdaad. Dat speelde door mijn hoofd. De mededelingen werden mij toch vertrouwelijk gedaan.’
De Cock reageerde niet direct. Hij leunde wat achterover. Peinzend keek hij naar het serene gezichtje voor zich en opnieuw bekroop hem het gevoel dat hij haar verkeerd benaderde.
‘Toen Frans van der Kraay u van zijn plannen had verteld… hebt u toen meester Van Abbenes gewaarschuwd?’
Ze keek hem met grote verschrikte ogen aan.
‘Dat heb ik niet gedaan.’
De Cock kwam uit zijn fauteuil overeind. Vanuit de hoogte keek hij op haar neer. ‘Waarom niet?’ vroeg hij gewild vriendelijk. ‘U wist toch dat zijn leven gevaar liep. Misschien had u een moord kunnen voorkomen.’