De Grote Jacht
- Автор: Джордан Роберт
- Серия: Het Rad des Tijds #2
- Год: 2005
- Язык: голландский
- Переводчик: Jo Thomas
- Жанр: Фэнтези
Электронная книга - «De Grote Jacht». Краткое содержание книги:
Turak raakte even een van de houten onderzetters aan en het meisje plaatste die midden op de tafel. Op aanwijzing van de man met de vlecht draaiden de mannen de stoel zo dat die tegenover de tafel stond. Het haar van de lagere dienaren hing tot op hun schouders. Ze schuifelden zo diep buigend naar buiten dat hun hoofd bijna hun knieën raakte.
Turak zette de Hoorn op de standaard zodat hij rechtop stond, legde de dolk ervoor en ging in de stoel zitten. Fajin kon zich niet langer bedwingen. Hij reikte naar de dolk. De blonde man pakte zijn pols in een ijzeren greep. ‘Ongeschoren hond! Weet dat de hand die ongevraagd het eigendom van de hoogheer aanraakt, wordt afgehakt.’
‘Hij is van mij,’ grauwde Fajin. Geduld! Zo lang. Turak leunde achterover en hief een blauwgelakte vingernagel op. Fajin werd opzij getrokken, zodat de hoogheer de Hoorn ongehinderd kon bekijken.
‘Van jou?’ zei Turak. ‘In een kist die je niet kon openmaken? Als je voldoende belangstelling in me wekt, geef ik je misschien de dolk. Zelfs als die uit de Eeuw der Legenden stamt, stel ik er geen belang in. Allereerst moet je een vraag van mij beantwoorden. Waarom heb je de Hoorn van Valere naar mij gebracht?’
Fajin keek nog even verlangend naar de dolk, rukte toen zijn pols los en wreef erover terwijl hij boog. ‘Opdat u hem laat schallen, hoogheer. Dan kunt u dit hele land veroveren, zo u wenst. De hele wereld. U kunt de Witte Toren breken en de Aes Sedai tot stof vermalen, want zelfs hun macht kan die helden uit het graf niet tegenhouden.’
‘Ik moet de Hoorn laten schallen.’ Turaks stem klonk vlak. ‘En de Witte Toren breken. Opnieuw: waarom? Je zegt te gehoorzamen, te wachten en te dienen, maar dit is een land van eedbrekers. Waarom geef je jouw land aan mij? Heb jij soms een persoonlijke vete met deze... vrouwen?’
Fajin probeerde overtuigend te klinken. Geduldig, als een worm die binnenin boort. ‘Hoogheem mijn familie heeft een traditie doorgegeven van geslacht op geslacht. Wij dienden de Hoge Koning, Artur Paendrag Tanreall, en toen hij door de heksen van Tar Valon werd omgebracht, hielden wij onze eed gestand. Toen anderen oorlog voerden en uiteenscheurden wat Artur Haviksvleugel had opgebouwd, hielden wij ons aan onze eed. Wij hebben erdoor geleden, maar wij houden ons er nog steeds aan. Dat is onze traditie, hoogheer, doorgegeven van vader op zoon, en van moeder op dochter, al die jaren na de moord op de Hoge Koning. Wij wachtten op de terugkeer van de legers die Artur Haviksvleugel over de Arythische Oceaan heeft gestuurd; wij wachtten op de terugkeer van het bloed van Artur Haviksvleugel om de Witte Toren te vernietigen en terug te nemen wat de Hoge Koning behoorde. En als het bloed van Haviksvleugel is weergekeerd, zullen wij dienen en raad geven, zoals wij de Hoge Koning hebben gediend. Hoogheer, afgezien van de rand is de wapperende banier op uw dak de banier van Luthair, de zoon die door Artur Paendrag Tanreall met zijn legers over de oceaan is gestuurd.’ Fajin viel op zijn knieën neer en deed alsof hij overweldigd was. ‘Hoogheer, ik wens het bloed van de Hoge Koning slechts te dienen en raad te geven.’
Turak was zo lang stil dat Fajin zich begon af te vragen of hij nog meer overtuigd diende te worden. Hij was er klaar voor om meer te geven, zoveel als maar nodig was. Maar ten slotte sprak de hoogheer. ‘Je schijnt te weten wat niemand, hoog noch laag, heeft uitgesproken sinds wij dit land zagen. De mensen hier hebben het over een gerucht, een van vele, maar jij weet het. Ik kan het in je ogen zien, in je stem horen. Ik zou bijna denken dat je werd gezonden om mij in de val te lokken. Maar wie zou met de Hoorn van Valere in zijn bezit, deze zo gebruiken? Geen van het Bloed die met de Hailene kwamen, kan de Hoorn bij zich hebben gehad, want de legende zegt dat hij in dit land was verborgen. En voorzeker zou elke heer in dit land hem eerder tegen mij gebruiken dan hem in mijn handen te leggen. Hoe kwam je in het bezit van de Hoorn van Valere? Maak je aanspraak op het heldendom, zoals in de legende? Heb je dappere daden bedreven?’
‘Ik ben geen held, hoogheer.’ Fajin waagde een nederige glimlach, maar Turaks gezicht veranderde niet en zijn glimlach verdween. ‘De Hoorn werd in de verwarring na de dood van de Hoge Koning door mijn voorvader gevonden. Hij wist hoe hij de kist moest openen, maar dat geheim stierf met hem in de Oorlog van de Honderd Jaren, die Artur Haviksvleugels rijk uiteenreet. Wij die na hem kwamen, wisten enkel dat de Hoorn erin lag en dat we hem veilig moesten bewaren tot het bloed van de Hoge Koning weerkeerde.’
‘Bijna zou ik het kunnen geloven.’
‘Geloof het, hoogheer. Als u eenmaal de Hoorn hebt gestoken...’
‘Bederf nu niet het weinige waarvan je mij hebt overtuigd. Ik zal de Hoorn van Valere niet steken. Als ik naar Seanchan terugkeer, zal ik hem als mijn belangrijkste zegeteken aanbieden aan de keizerin. Misschien zal de keizerin zelf de Hoorn steken.’
‘Maar, hoogheer,’ protesteerde Fajin, ‘u moet...’ Het volgende ogenblik lag hij met een bonzend hoofd op zijn zij op de vloer. Pas toen zijn hoofd weer helder was, zag hij de man met de blonde vlecht over zijn knokkels wrijven en besefte hij wat er was gebeurd. ‘Sommige woorden,’ zei de man zachtjes, ‘worden nimmer tegen de hoogheer gezegd.’
Fajin besloot hoe de man zou sterven.
Turak keek kalm van Fajin naar de Hoorn alsof hij niets had gezien. ‘Misschien zal ik jou, samen met de Hoorn van Valere, aan de keizerin geven. Ze zou vermaak in je kunnen scheppen. Een man die beweert dat zijn familie vasthield aan waarden toen alle anderen hun geloften braken of vergaten.’
Fajin verborg zijn plotselinge opwinding door overeind te komen. Hij had niet eens geweten dat er een keizerin bestond, tot Turak haar had genoemd. Opnieuw toegang tot een heerser... dat opende nieuwe paden, riep om nieuwe plannen. Toegang tot een heerser met macht over de Seanchanen en de Hoorn van Valere in haar handen. Dat was veel beter dan deze Turak tot een Grote Koning te maken. Rustig. Ik mag hem niet laten merken hoe sterk ik ernaar verlang. Na zo’n lange tijd kan nog wat meer geduld geen kwaad. ‘Zoals de hoogheer wenst,’ zei hij en probeerde het te laten klinken als een man die slechts wilde dienen.
‘Je schijnt het te begeren,’ zei Turak, en Fajin kon nauwelijks voorkomen dat hij ineenkromp. ‘Ik zal je zeggen waarom ik de Hoorn van Valere niet zal steken of zelfs maar zal behouden. Mogelijk zal dat je genezen van jouw begeerte. Ik wens niet dat een geschenk van mij door zijn doen en laten de keizerin beledigt. Als jouw begeerte niet genezen kan worden, zal die nooit worden bevredigd, want je zult deze kust nimmer verlaten. Weet je dat de blazer van de Hoorn van Valere er daarna mee verbonden is? Dat hij dan voor ieder ander, zolang hij of zij leeft, niet meer is dan een gewone hoorn?’ Het klonk niet alsof hij een antwoord verwachtte; hij praatte trouwens gewoon door. ‘Ik ben twaalfde in de lijn van opvolging voor de Kristallen Troon. Als ik de Hoorn van Valere zou behouden, zouden allen tussen mij en de troon denken dat ik hierna de eerste wil zijn. Hoewel de keizerin wenst dat wij ons met elkander meten, opdat de sterkste en slimste haar zal opvolgen, geeft zij tegenwoordig de voorkeur aan haar tweede dochter, en een bedreiging voor Tuon zou haar niet welgevallig zijn. Als ik de Hoorn steek, zelfs als ik deze landen aan haar voeten leg en elke vrouw in de Witte Toren beteugel, zou de keizerin, zij leve in eeuwigheid, zeker aannemen dat ik meer wil zijn dan slechts haar opvolger.’
Fajin hield zichzelf nog net op tijd in. Anders had hij voorgesteld hoe dat met behulp van de Hoorn kon worden klaargespeeld. Iets in de stem van de hoogheer verried – hoe moeilijk Fajin het ook kon geloven – dat hij zijn heilwens voor haar werkelijk meende. Geduld. Een worm in de wortel.