Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » Een Kroon van Zwarden
Een Kroon van Zwarden - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

Een Kroon van Zwarden

Электронная книга - «Een Kroon van Zwarden». Краткое содержание книги:

Een Kroon van Zwarden
1 ... 119 120 121 122 123 124 125 126 127 ... 217
Перейти на страницу:

‘Ze heeft ons je wensen overgebracht, baas Cauton,’ zei Elayne vormelijk. Zo moest het voelen als je voor het schavot van de beul stond. Er zat niets anders op dan haar hoofd hoog te houden en trots tegemoet te treden wat er zou gebeuren, ik wil je van ganser harte bedanken dat je me gered hebt uit de Steen van Tyr.’ Zo, ze had het gezegd, en het had haar geen kwaad gedaan. Niet veel.

Nynaeve stond stil en nijdig te kijken en hield haar lippen stijf op elkaar. Dat mens zou het haar niét alleen laten opknappen. Zonder verder nadenken omhelsde Elayne de Bron en geleidde een dunne stroom Lucht die als een knippende vinger Nynaeves oorlel aantikte. Nynaeve drukte een hand tegen haar oor en keek haar woest aan, maar Elayne wendde zich koeltjes naar baas Cauton en wachtte af.

‘Ik dank je eveneens,’ mompelde Nynaeve eindelijk, en met tegenzin, ‘met heel mijn hart.’

Onwillekeurig schoten Elaynes ogen naar het plafond. Nou ja, hij had gevraagd om wat zachter te praten. En hij leek het gehoord te hebben. Vreemd genoeg trok hij verlegen zijn schouders op.

‘O, dat. Dat was niets. Waarschijnlijk hadden jullie jezelf zonder mijn hulp een paar tellen later toch wel bevrijd.’ Zijn hoofd zonk in zijn handen en hij drukte opnieuw de vochtige lap tegen zijn ogen. ‘Als jullie naar buiten gaan, zou je Caira willen vragen om wat vruchtenwijn te brengen? Dat slanke meisje, ze ziet er leuk uit, met lieve ogen.’

Elayne trilde. Niets? De man eiste een verontschuldiging, ze vernederde zichzelf om dat te doen, en nu was het niets} Hij verdiende geen medeleven, geen enkel medelijden! Ze hield nog steeds saidar vast en overwoog om hem een oplawaai te verkopen met een veel dikkere stroom dan bij Nynaeve. Al werkte dat niet zolang hij die vossenkop droeg. Maar nu hing die los, zonder zijn huid te raken. Zou het zegel dezelfde bescherming bieden als het niet...?

Nynaeve verstoorde haar bespiegelingen door met gekromde vingers op hem af te springen. Elayne kon zich nog net tussen hen in wringen en de ander bij haar schouders pakken. Ze waren niet even lang, maar stonden bijna neus aan neus. Uiteindelijk ontspande Nynaeve zich met een vertrokken gezicht, en meende Elayne haar veilig los te kunnen laten.

Mart had, onbewust van dit alles, nog steeds zijn hoofd gebogen. Of het zegel hem nou beschermde of niet, ze kon zijn vechtstaf uit de hoek grissen en hem bewerken tot hij het uitschreeuwde. Ze voelde hoe haar wangen warmer werden. Ze had Nynaeve tegengehouden, zodat ze niet alles zou verpesten, maar wilde nu op haar beurt alles verknoeien. Erger nog, aan Nynaeves vuile, genoegzame glimlachje wist ze heel goed wat er in haar hoofd rondspeelde.

‘Er is meer, baas Cauton,’ verkondigde ze, en ze rechtte haar schouders. De glimlach verdween van Nynaeves gezicht. ‘Wij willen ons ook verontschuldigen omdat we zolang gewacht hebben met het uitspreken van de dank die je rijkelijk verdiend hebt. En we verontschuldigen ons... nederig’ – daar had ze wat moeite mee – ‘voor de manier waarop we je sindsdien behandeld hebben.’ Nynaeve stak bezwerend haar hand op, wat ze negeerde. ‘Om de grootte van onze spijt aan te geven, beloven we je het volgende.’ Aviendha had gezegd dat een verontschuldiging slechts het begin was. ‘We zullen je op geen enkele manier kleineren of vernederen, je nooit meer toeschreeuwen, of... proberen je bevelen te geven.’ Nynaeve kromp in elkaar. Elayne kreeg ook een zuinig mondje, maar ze viel niet stil. ‘We erkennen je terechte zorg voor onze veiligheid, en daarom zullen wij het paleis niet verlaten zonder jou te zeggen waar we heen gaan, en we zullen naar je raad luisteren.’ Licht, ze wenste geen Aiel te worden, of dit allemaal te doen, maar ze wilde Aviendha’s achting. ‘Als je... als je vindt dat we...’ Niet dat ze van plan was om een zustervrouw te worden – het idee alleen al was ongepast! – maar ze hield echt van haar. ‘... ons in nodeloos gevaar begeven...’ Het was niet Aviendha’s schuld dat Rhand zowel haar hart als dat van Aviendha bezat. En dat van Min. ‘... zullen we lijfwachten aanvaarden die je uitkiest...’ Het lot, ta’veren, of wat dan ook, maar zo was het. Ze hield van beide vrouwen alsof het haar zusters waren. ‘... en we zullen ze zo lang mogelijk bij ons houden.’ Drakenvuur voor de man die haar dit aandeed! Ze doelde niet op Mart Cauton. ‘Dit zweer ik bij de Leeuwentroon van Andor.’ Ze hijgde of ze een span had gehold. Nynaeves gezicht leek op een in de hoek gedreven das.

Zijn hoofd draaide zich heel langzaam naar hen toe, en hij liet de lap net genoeg zakken om een bloeddoorlopen oog te onthullen. ‘Het klinkt of u een ijzeren staaf in de keel hebt, vrouwe,’ zei hij spottend. ‘U heeft mijn toestemming me Mart te noemen.’ Vreselijke man. Hij wist niet wat beleefdheid was, al werd hij erdoor in zijn neus gebeten! Het rode oog keek haar schuins aan. ‘En jij, Nynaeve? Ik heb een heleboel “wij” van haar gehoord, maar geen enkel woord van jou.’

‘Ik zal niet meer naar je schreeuwen,’ schreeuwde Nynaeve. ‘En al dat andere doe ik ook. Ik beloof je... jij...!’ Ze slikte verwoed en leek zich bijna in haar tong te verslikken bij het besef dat ze hem niet mocht uitschelden, al verdiende hij het, zonder al meteen haar belofte te breken. Maar het gevolg van haar geschreeuw was zeer welkom.

Met een kreet liet hij de lap vallen, begon te beven en omvatte met beide handen zijn hoofd. Zijn ogen puilden uit. ‘Die bloedstenen,’ klaagde hij, of zoiets. Het kwam ineens bij Elayne op dat hij een voortreffelijke bron van krachttermen kon zijn. Staljongens en dat soort mensen leken hun tong altijd in bedwang te houden zodra hun blik op haar viel. Ze had zichzelf weliswaar voorgenomen Mart op te voeden, zodat hij bruikbaar voor Rhand kon zijn, maar dat stond kennis van zijn taalgebruik niet in de weg. Ze besefte dat er in feite heel wat niet beloofd was. Als ze dat Nynaeve duidelijk kon maken, zou die behoorlijk kalmeren.

Na een lange stilte sprak hij dof verder. ‘Dank je, Nynaeve.’ Hij hield op en slikte krachtig. ‘Heel even dacht ik dat jullie tweeën iemand anders in vermomming moesten zijn. Aangezien ik nog steeds blijk te leven, kunnen we net zo goed de rest afhandelen. Blijkbaar heeft Birgitte gezegd dat jullie willen dat ik iets ga zoeken. Wat is dat dan?’

‘Jij kunt het niet vinden,’ zei Nynaeve ferm. Nou ja, misschien meer luid dan ferm, maar Elayne wilde haar er niet op aanspreken. Hij verdiende elke rilling. ‘Jij gaat met ons mee, en wij zullen het vinden.’

‘Je komt al op je woorden terug, Nynaeve?’ Hij slaagde er op de een of andere manier in het spottend en minachtend te laten klinken. Afschuwelijk, vooral met die ogen. ‘Je hebt daarnet beloofd om te doen wat ik zeg. Als je een tamme ta’veren aan een halsbandje wilt, vraag dan Rhand of Perijn maar, en kijk welk antwoord je krijgt.’

‘We hebben zoiets niet beloofd, Martrim Cauton,’ snauwde Nynaeve, weer opverend. ‘Dat heb ik niet beloofd!’ Ze wilde opnieuw op hem afvliegen. Zelfs haar vlecht scheen te knetteren.

Elayne hield haar boosheid beter in bedwang. Ze zouden nergens komen als ze hem overschreeuwden. ‘We zullen naar je raad luisteren en hem aanvaarden als die redelijk is, baas... Mart,’ zei ze hem vriendelijk. Hij nam toch zeker niet aan dat zij beloofd hadden om... Maar toen ze naar hem keek, zag ze dat hij dat wel degelijk deed. O Licht! Nynaeve had gelijk. Hij zou écht moeilijkheden opleveren.

Ze bedwong zich. Ze geleidde opnieuw en bracht zijn jas over van de stoel naar de juiste plaats, dus aan een muurhaak. Nu kon ze gaan zitten met een rechte rug, waarna ze haar rok zorgvuldig schikte. Het zou moeilijk worden om haar beloften aan baas Cauton – Mart – en zichzelf te houden, maar ze ging ervoor zorgen dat hij haar niet op de kast kreeg. Nynaeve keek scheefjes naar de enige andere zitplek, een houten voetenbankje, en bleef staan. Een hand kroop naar haar vlecht, voordat ze haar armen over elkaar sloeg. Haar voet begon dreigend te tikken.

1 ... 119 120 121 122 123 124 125 126 127 ... 217
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)