De Cock en de ontluisterende dood
- Автор: Баантье Альберт Корнелис
- Серия: Inspector De Cock #37
- Год: 1995
- Язык: голландский
- Год: De Fontein
- ISBN: 978-90-261-0503-6
- Жанр: Полицейские детективы
Электронная книга - «De Cock en de ontluisterende dood». Краткое содержание книги:
Voor de mensen die haar nog nooit hebben ontmoet, moet ik zeggen, dat Ranske Rauward een opvallende schoonheid is, met een bijna magische uitstraling, die haar voor iedere man, van welke leeftijd ook, aantrekkelijk en begeerlijk maakt. Bovendien bezit ze het vermogen om bij iedere man een gevoel van intimiteit op te wekken… zo ook bij Hans Boschgraed.
In vertrouwelijke gesprekken vertelde de knappe Ranske Rauward aan de gevoelige leraar Nederlands hoe haar man haar reeds vanaf het begin van hun huwelijk had gekleineerd en vernederd… hoe ze diep gebukt ging onder de schandalen, waarin haar man voortdurend was gewikkeld.
Mede uit een gevoel van medelijden, groeide bij Hans Boschgraed voor de knappe Ranske Rauward een diepe genegenheid. Uit die lange vertrouwelijke gesprekken met haar trok Hans Boschgraed bovendien een verkeerde conclusie… hij meende, dat Ranske Rauward oprecht verliefd op hem was en alleen geen verbintenis met hem wilde aangaan… omdat ze eens met Minnertsga een huwelijk was aangegaan.' Vledder zwaaide voor zich uit.
'Bouke Anne Minnertsga,' riep hij begrijpend, 'was het struikelblok voor zijn geluk… een belemmering voor zijn liefde.' De Cock knikte.
'In de gedachten van Hans Boschgraed groeide het plan om de gekwelde Ranske Rauward… en daarmee ook zichzelf… van die belemmering te bevrijden.' Vledder zuchtte.
'De aanloop tot de eerste moord.' De Cock streek met zijn hand over zijn grijze haren. 'Hans Boschgraed bestudeerde het gedrag van zijn collega Minnertsga en ontdekte, dat de leraar klassieke talen als plek voor zijn amoureuze escapades steeds gebruik maakte van de parkeerplaats aan de Oosterdokskade.
Op een avond, een paar dagen geleden, was… als je het zo noemen mag… het lot hem gunstig gezind. Agneet van den Heuvel, de dochter van Rooie Betsy, kreeg een hooglopende ruzie met Minnertsga en vluchtte zijn wagen uit. Toen Minnertsga haar achterna kwam, trof hij Hans Boschgraed op zijn pad. De jonge leraar Nederlands stak hem een paar maal in zijn borst en buik en… sneed hem zijn penis af.'
Vledder boog zich met een ruk naar voren.
'Waarom?'
De Cock liet zijn hoofd iets zakken.
'Als symbool,' antwoordde hij zacht. 'Hans Boschgraed was van mening, dat al het leed… al de vernederingen die Ranske Rauward van haar echtgenoot had ondergaan, te wijten waren aan de ongebreidelde geslachtsdrift van Bouke Anne Minnertsga.' Vledder knikte begrijpend.
'En zijn penis gold voor hem als een symbool… exponent van die tomeloze geslachtsdrift.' De Cock ademde diep.
'Hans Boschgraed beschouwde, zo vertelde hij mij, het afsnijden van de penis ook als een daad van vernedering. Daarom vind ik het zo treffend, dat jij in een van je rapporten deze zaak betitelde als de ontluisterende dood. Het idee van ontluistering was inderdaad aan zijn daad gekoppeld.'
'En dat briefje onder de revers van het slachtoffer?' De Cock leunde iets achterover.
'Van Ranske Rauward had Hans Boschgraed gehoord, dat haar man Minnertsga van zijn mannelijke leerlingen dikwijls dreigbrieven ontving. Dat bracht hem op het idee om een briefje bij het lijk achter te laten met een tekst, die een valse aanwijzing gaf in de richting van een mannelijke leerling als dader van de moord.' Om de mond van de oude rechercheur gleed een glimlach. 'Dat hetzelfde briefje mij er uiteindelijk toe bracht om Hans Boschgraed zelf als moordenaar te verdenken, heeft hij vermoedelijk niet beseft… en ik heb hem dat ook niet verteld.' Vledder stak zijn beide handen naar voren. 'Dat begrijp ik niet.' De Cock glimlachte opnieuw.
'Ik heb er aanvankelijk ernstig rekening mee gehouden, dat Roeland van leperen zijn leraar klassieke talen had vermoord. Roeland had naar mijn gevoel een motief… een steekhoudend motief voor een jongeman van zijn karakter. De aanhoudende… steeds weerkerende vernederingen van de leraar Minnertsga… altijd voor het front van de klas en in het bijzijn van zijn vriendinnetje Caroline Hoogwoud… zouden gemakkelijk hebben kunnen leiden tot diepe wraakgevoelens met moord als uiteindelijk gevolg.' De grijze speurder zwaaide.
'Iedereen op het Bartholinus Gymnasium… zowel de leerlingen als de leerkrachten… was de mening toegedaan, dat Roeland van leperen zijn leraar Minnertsga had vermoord. Bovendien wees dat briefje in zijn richting. Hij immers maakte dezelfde spel- en taalfouten.. hetgeen later nog eens door een verklaring van Gerard Koster werd bevestigd.'
De Cock zweeg even; veranderde daarna van toon. 'Na de identieke moord op Guillaume du Bartas,' ging hij verder, 'heb ik Roeland van leperen als mogelijke dader geschrapt.' Vledder grinnikte vreugdeloos. 'Geschrapt… maar dat briefje?' De Cock strekte zijn hand naar hem uit.
'Dat briefje kon inderdaad door Roeland van Ieperen zijn geschreven… hij maakte dezelfde fouten. Maar als hij dat briefje, zo overwoog ik, nu eens niet had geschreven… hoe konden dan dezelfde fouten ontstaan? Wel, heel simpel, wanneer het briefje was geschreven door iemand, die exact wist welke taal- en spelfouten Roeland gewoonlijk maakte.'
Vledder klapte zijn handen tegen zijn gezicht.
'Zijn leraar Nederlands.'
De Cock knikte gelaten.
'Zijn leraar Nederlands,' herhaalde hij dof.
Er viel een stilte. De Cock schonk nog eens in. De lange uiteenzetting had hem vermoeid. Hij nam een slok van zijn cognac en liet het vocht langs zijn dorstige keel glijden. Mevrouw De Cock legde haar hand op zijn arm. 'Waarom die moord op de leraar Frans… Guillaume du Bartas?' De Cock keek haar aan.
'Je hebt gelijk,' sprak hij hoofdknikkend. 'De moord op Bouke Anne Minnertsga kan men in de visie van Hans Boschgraed nog enigszins als zinvol aanmerken. Hij wilde voor zijn geliefde Ranske en hemzelf de weg vrij maken voor een gelukkig leven.' De oude rechercheur stak zijn beide handen naar voren en drukte de vingertoppen tegen elkaar.
'Je moetje even proberen in te leven,' sprak hij gedragen, 'in wat er in de gedachtenwereld van Hans Boschgraed gebeurde toen zijn geliefde Ranske Rauward, tijdens een samenkomst van de leerkrachten van het Bartholinus Gymnasium, luchtigjes openbaarde, dat ze al ruim twee jaar een verhouding had met Guillaume du Bartas, de leraar Frans… en dat ze die verhouding nu… na de dood van haar man… niet meer voor anderen behoefte te verbergen.'
Mevrouw De Cock knikte voor zich uit. 'Zijn wereld stortte ineen.' De grijze speurder reageerde heftig.
'Precies. Zijn daad… de moord op Minnertsga… was voor niets geweest. Het had hem niet nader tot zijn geliefde gebracht. Integendeel, ze was in zijn gedachten nog verder van hem verwijderd dan ooit.'
De Cock tastte met zijn handen naar zijn voorhoofd. 'De moord op Sjoerd Sierkema in Sneek,' verzuchtte hij, 'verraste mij volkomen. Ik was het spoor even volkomen bijster. De moord op Sjoerd Sierkema… identiek aan de moorden op Bouke Anne Minnertsga en Guillaume du Bartas… paste niet in het gedachtenpatroon dat ik bij Hans Boschgraed vermoedde.
Totdat… totdat de oud-leraar Foppe van Harinxma ons in Bolsward vertelde, dat diezelfde Sjoerd Sierkema, op een middelbare school in Sneek, leerling en… een jonge minnaar van Ranske Rauward was geweest.'
Het gezicht van mevrouw De Cock versomberde. 'Hans Boschgraed vernietigde en ontluisterde in zijn passie alle mannen die toegang tot zijn geliefde Ranske Rauward hadden verkregen.. een toegang, die hijzelf zo begeerde.' De Cock keek zijn vrouw vertederd aan. 'Dat heb je mooi geformuleerd.' In zijn stem trilde bewondering. Fred Prins stak zijn hand omhoog om aandacht. 'Waarom probeerde hij dan die Engelse leraar te vermoorden?' De Cock glimlachte.
'Ik denk, dat de gehele Nederlandse advocatuur wel over mij heen zal vallen… het was uitlokking… pure uitlokking. Toen ik van Ranske Rauward vernam, dat Hans Boschgraed haar vroegere verhouding met de leerling Sjoerd Sierkema kende… een voorwaarde die ik niet over het hoofd mocht zien… vroeg ik haar om medewerking… medewerking om een verder bloedvergieten te voorkomen. Ik vertelde haar van mijn angst, dat elke volgende man in haar leven mogelijk eenzelfde lot zou ondergaan als Minnertsga, Du Bartas en de jonge Sierkema.