Ender wint [=De tactiek van Ender / Ender's Game - nl]
- Автор: Кард Орсон Скотт
- Год: 1989
- Язык: голландский
- Год: J.M. Meulenhoff
- ISBN: 90-290-4143-9
- Переводчик: M. K. Stuyter
- Жанр: Научная фантастика
Электронная книга - «Ender wint [=De tactiek van Ender / Ender's Game - nl]». Краткое содержание книги:
Nu hij het gevoel eenmaal had benoemd kon hij het in de hand houden. Hij ging op zijn rug liggen en deed ontspanningsoefeningen tot hij geen aandrang meer voelde om in tranen uit te barsten. Toen viel hij in slaap. Zijn hand lag vlak bij zijn mond. Hij lag aarzelend op zijn kussen alsof Erwt niet kon besluiten of hij op zijn nagels zou gaan bijten of op zijn duim zuigen. Zijn voorhoofd zat vol dikke rimpels en plooien. Zijn ademhaling ging vlug en ondiep. Hij was een soldaat en als iemand hem zou vragen wat hij wilde worden als hij groot was dan zou hij niet weten wat er bedoeld werd.
Tijdens de oversteek naar de pendel zag Ender voor het eerst dat majoor Anderson een ander insigne op zijn uniform had. ‘Ja, hij is nu kolonel,’zei Graff. ‘Majoor Anderson gaat zelfs vanaf vanmiddag het bevel over de Krijgsschool voeren. Ik heb een andere taak opgedragen gekregen.’
Ender vroeg hem niet wat voor andere taak.
Graff gespte zich in op een stoel aan de andere kant van het gangpad. Er was maar één andere passagier, een rustige man in burgerkleren die hem werd voorgesteld als generaal Pace. Pace had een aktentas bij zich, maar verder net zo weinig bagage als Ender. Ender putte op een of andere manier troost uit de gedachte dat Graff tenminste ook met lege handen de Krijgsschool verliet.
Tijdens de reis naar huis zei Ender maar één keer wat. ‘Waarom gaan we naar huis?’vroeg hij. ‘Ik dacht dat de Officiersopleiding ergens in de planetoïdengordel was.’
‘Dat is hij ook,’zei Graff. ‘Maar de Krijgsschool heeft geen aanlegfaciliteiten voor lange-afstandsschepen. Je krijgt dus een kort verlof op de grond.’
Ender wilde vragen of dat betekende dat hij zijn gezinsleden mocht opzoeken. Maar ineens vond hij de gedachte dat dat mogelijk zou zijn tamelijk angstaanjagend en hij vroeg het dus maar niet. Hij deed zijn ogen dicht en probeerde te slapen. Achter zijn rug zat generaal Pace hem nauwlettend op te nemen; Ender had er geen flauw idee van waarom.
Ze landden in Florida op een hete zomermiddag. Ender had al zo lang geen daglicht gezien dat de zon hem bijna verblindde. Hij kneep zijn ogen tot kleine spleetjes en niesde en wilde eigenlijk gelijk weer naar binnen. Alles was heel ver weg en plat; de grond die natuurlijk de opwaartse kromming van de Krijgsschool miste, leek wel omlaag te krommen zodat Ender op vlakke bodem het gevoel had alsof hij op een torentje stond. De zwaartekracht week ook af van wat hij gewend was en hij sleepte met zijn voeten onder het lopen. Hij vond het verschrikkelijk. Hij wilde naar huis terug, naar de Krijgsschool, de enige plaats in het heelal waar hij thuis was.
‘Gearresteerd?’
‘Nu ja, zo’n gekke gedachte is dat niet. Generaal Pace is het hoofd van de militaire politie. Er was uiteindelijk een dode op de Krijgsschool.’
‘Ze hebben me niet verteld of kolonel Graff bevorderd werd of voor de krijgsraad werd gesleept. Hij werd gewoon overgeplaatst en had orders om zich bij de Polemarch te melden.’
‘Is dat een goed teken of een slecht teken?’
‘Wie zal het zeggen? Aan de ene kant heeft Ender Wiggin het niet alleen overleefd, hij heeft ook de drempel genomen en is in verbijsterend goede vorm afgestudeerd, dat zal je de oude Graff toch moeten nageven. Maar aan de andere kant heb je die vierde passagier in de pendel. Die in een zak reist.’
‘Het is pas het tweede sterfgeval in de hele geschiedenis van de school. En het was dit keer tenminste geen zelfmoord.’
‘Wat vindt u beter aan moord, majoor Imbu?’
‘Het was geen moord, kolonel. We hebben het van twee camerastandpunten uit op een videoband. Niemand kan Ender iets verwijten.’
‘Maar ze zouden Graff iets kunnen verwijten. Als dit allemaal achter de rug is, kunnen de burgers onze dossiers gaan doorharken op goede en slechte beslissingen. Dan geven ze ons medailles als ze vinden dat we het goed hebben gedaan en nemen ons ons pensioen af en stoppen ons in de gevangenis als ze vinden dat we ernaast zaten. Ze zijn tenminste wel zo verstandig geweest om Ender niet te vertellen dat de jongen is gestorven.’
‘Trouwens al de tweede keer.’
‘Van Stilson hebben ze het hem ook niet verteld.’
‘Die jongen is om bang van te worden.’
‘Ender Wiggin is geen moordenaar. Hij wint gewoon — grondig. Als iemand bang voor hem moet zijn, dan zijn het de kruiperds.’
‘Je zou bijna medelijden met ze krijgen nu je weet dat Ender achter hen aan gaat.’
‘De enige met wie ik medelijden heb is Ender. Maar niet genoeg om voor te stellen dat ze hem moeten laten gaan. Ik heb net toegang gekregen tot materiaal dat tot nu toe alleen Graff mocht inzien. Over vlootbewegingen en dat soort dingen. Vroeger sliep ik altijd uitstekend.’
‘Raken we in tijdnood?’
‘Ik had er niet over moeten beginnen. Ik mag u geen niet vrijgegeven informatie doorgeven.’
‘Ik weet het.’
‘Laten we het zo stellen: ze hebben hem geen dag te vroeg naar de Officiersopleiding gestuurd. En misschien wel een paar jaar te laat.’
13. Valentine
‘Kinderen?’
‘Broer en zus. Ze hadden een vijfvoudige beveiliging opgebouwd in de netwerken — door voor bedrijven te schrijven die hun lidmaatschap betaalden, van dat soort dingen. Verduiveld moeilijk geweest om ze op te sporen.’
‘Wat hebben ze te verbergen?’
‘Alles is mogelijk. Maar het meest voor de hand liggende is hun leeftijd. De jongen is veertien, het meisje is twaalf.’
‘Wie van de twee is Demosthenes?’
‘Het meisje, de twaalfjarige.’
‘Neem me niet kwalijk, ik vind dit helemaal niet grappig, maar ik moet toch lachen. Al die tijd dat we ons grote zorgen hebben gemaakt, al die tijd dat we geprobeerd hebben de Russen over te halen om die Demosthenes toch niet al te ernstig te nemen! We hebben zelfs Locke erbij gesleept als bewijs dat de Amerikanen niet allemaal van die krankzinnige oorlogshitsers zijn. Broer en zus, nog niet eens echte pubers —’
‘En hun achternaam is Wiggin.’
‘Ach. Toeval?’
‘De Wiggin is een drietje. Zij zijn nummer één en twee.’
‘O, geweldig. Dat zullen de Russen helemaal nooit willen geloven —’
‘Dat Demosthenes en Locke niet net zo volledig onder onze invloed staan als de Wiggin.’
‘Is er soms echt een samenzwering? Staan ze onder iemands invloed?’
‘Wij hebben geen verband kunnen ontdekken tussen deze twee kinderen en enige volwassene die hen mogelijk zou kunnen opstoken.’
‘Dat houdt niet in dat niet iemand een manier bedacht kan hebben die jullie niet kunnen opsporen. Ik kan maar moeilijk geloven dat twee kinderen —’
‘Ik heb een gesprek gehad met kolonel Graff toen hij van de Krijgsschool aan land kwam. Naar zijn beste weten hebben deze kinderen nog nooit iets gedaan dat hun kunnen te boven gaat. Hun vaardigheden zijn praktisch gelijk aan die van — de Wiggin. Ze verschillen alleen in temperament. Maar wat hem wel verbaasde was de politieke opstelling van de twee personages. Demosthenes is zonder twijfel het meisje, maar Graff zegt dat zij voor de Krijgsschool werd afgewezen omdat ze te vredelievend was, te verzoeningsgezind, en vooral omdat ze zich te veel inleefde.’
‘Wat absoluut niet van Demosthenes gezegd kan worden.’
‘En de jongen heeft het karakter van een jakhals.’
‘Was het niet Locke die onlangs werd geprezen als “De enige waarlijk onbevooroordeelde geest in Amerika”?’
‘Het is moeilijk uit te maken wat er nou precies echt aan de hand is. Maar Graff heeft aanbevolen, en ik ben het met hem eens, om hen met rust te laten. Dat we niet moeten onthullen wie ze zijn. Dat we op dit moment niets anders rapporteren dan dat we hebben vastgesteld dat Locke en Demosthenes geen banden met het buitenland hebben en ook geen banden met een of andere binnenlandse groepering, behalve dan die in het openbaar op de netwerken bekend zijn gemaakt.’