Ender wint [=De tactiek van Ender / Ender's Game - nl]
- Автор: Кард Орсон Скотт
- Год: 1989
- Язык: голландский
- Год: J.M. Meulenhoff
- ISBN: 90-290-4143-9
- Переводчик: M. K. Stuyter
- Жанр: Научная фантастика
Электронная книга - «Ender wint [=De tactiek van Ender / Ender's Game - nl]». Краткое содержание книги:
Toen Ender Bonzo’s houding zag, zonk de moed hem in de schoenen. Bonzo had ook een cursus handgemeen gedaan. En waarschijnlijk korter geleden dan Ender. Zijn armen waren langer, hij was sterker en hij haatte Ender als de pest. Hij zou niet zachtzinnig te werk gaan. Hij heeft het op mijn kop gemunt, dacht Ender. Hij zal in de eerste plaats proberen om mijn hersens te beschadigen. En als dit gevecht lang gaat duren, wint hij het ook wel. Hij is zoveel sterker dat hij me makkelijk aankan. Als ik hier levend vandaan wil komen zal ik snel en definitief moeten winnen. In zijn herinnering voelde hij weer de misselijk makende manier waarop Stilsons botten het begeven hadden. Maar dit keer zullen het mijn botten zijn die bezwijken, tenzij ik hem meteen te grazen kan nemen.
Ender deed een stap achteruit, kantelde de douchekop zodat hij naar voren wees en draaide de hete kraan wijd open. Bijna onmiddellijk begonnen dikke wolken stoom op te stijgen. Toen draaide hij de volgende kraan open en de volgende.
‘Ik ben niet bang voor heet water,’zei Bonzo. Zijn stem klonk zacht.
Maar het was Ender niet om het hete water te doen. Het ging hem om de hitte. Zijn hele lijf zat nog onder de zeep en dat werd nu weer nat doordat hij begon te zweten, zodat zijn lijf glibberiger zou worden dan Bonzo zou verwachten.
Ineens klonk er een stem uit de deuropening. ‘Hou op daar!’Even dacht Ender dat het een leraar was die een eind aan de strijd kwam maken, maar het was alleen Dink Meeker maar. Bonzo’s vrienden grepen hem bij de deur en hielden hem tegen. ‘Hou op, Bonzo!’riep Dink. ‘Doe hem niks!’
‘Waarom niet?’vroeg Bonzo en hij lachte voor het eerst. Aha, dacht Ender, hij vindt het heerlijk als iemand erkent dat hij de boel onder controle heeft, dat hij de macht in handen heeft.
‘Omdat hij de beste is, daarom! Wie moet er anders tegen de kruiperds vechten! Dat is het enige dat belangrijk is, stomme idioot, de kruiperds!’
Bonzo lachte niet langer. Dat was precies wat hij onverdraaglijk vond aan Ender, dat Ender voor andere mensen echt belangrijk was en Bonzo eigenlijk niet. Die woorden doen me de das om, Dink. Bonzo wil niet horen dat ik misschien de wereld kan redden.
Waar zijn de leraren? dacht Ender. Beseffen ze dan niet dat de eerste treffer in dit gevecht gelijk goed raak kan zijn? Dit is wel even wat anders dan het gevecht in de strijdzaal, daar kon niemand kracht genoeg zetten om een ander ernstig letsel toe te brengen. Maar hier is er zwaartekracht en de vloer en de wanden zijn hard en zitten vol metalen uitsteeksels. Als er nu geen eind aan gemaakt wordt hoeft het niet meer.
‘Als je hem wat doet ben je een smerige kruiperd vriend!’riep Dink. ‘Je bent een verraaier, als je hem wat doet verdien je de doodstraf!’Ze ramden Dinks kop tegen de deur en hij viel stil.
De stoom van de douches maakte het schemerig in het washok en het zweet stroomde langs Enders lijf. Nu, voor de zeep van me afspoelt. Nu, nu ik nog te glibberig ben om goed grip op me te krijgen.
Ender deed een stap achteruit en liet de angst die hij voelde in zijn ogen doorschemeren. ‘Bonzo, doe me niks,’zei hij. ‘Alsjeblieft.’
Dat was precies waar Bonzo op stond te wachten, erkenning dat hij de macht in handen had. Voor andere jongens was het misschien genoeg geweest dat Ender zich had vernederd; voor Bonzo was dat alleen maar een teken dat hij de overwinning kon binnenslepen. Hij zwaaide zijn been naar achteren alsof hij Ender een schop wilde verkopen, maar veranderde die beweging op het laatste moment in een sprong. Ender zag dat hij zijn gewicht verplaatste en zakte dieper door zijn knieën zodat Bonzo wat meer uit evenwicht zou raken als hij Ender probeerde vast te grijpen voor een worp.
Bonzo’s gespierde harde ribben smakten tegen Enders gezicht en zijn handen kletsten tegen Enders rug waar ze houvast probeerden te vinden. Maar Ender draaide zich om en Bonzo’s handen glibberden weg. Een tel later stond Ender andersom, nog steeds tussen Bonzo’s armen. Op zo’n moment zou de klassieke zet zijn om Bonzo met zijn hiel een trap in zijn kruis te verkopen. Maar wilde zo’n schop enig effect hebben dan moest hij wel goed raak zijn en Bonzo rekende er al op. Hij stond al op zijn tenen en drukte zijn heupen naar achteren om zijn kruis buiten het bereik van Enders voet te brengen. Zonder hem te kunnen zien, wist Ender dat dat zijn gezicht dichterbij zou brengen, bijna in Enders haar; dus gaf hij hem geen schop maar sprong hij recht omhoog van de vloer, met de krachtige afzet van een soldaat die tegen een wand kaatst, en gaf Bonzo een kopstoot midden in zijn gezicht.
Ender draaide zich vliegensvlug om en zag nog net Bonzo achteruit wankelen met een bloedende neus en hijgend van schrik en pijn. Ender wist dat hij op dit moment uit het washok zou kunnen weglopen en zo een eind aan het gevecht kon maken. Zoals hij ook uit de strijdzaal was weggegaan nadat er bloed was gevloeid. Maar dan zou het gevecht gewoon weer overnieuw gevoerd moeten worden. En nog een keer en nog een keer tot het uiteindelijk afgelopen was met de vechtlust. De enige manier om definitief een eind aan het gesodemieter te maken was om Bonzo zo te bezeren dat zijn angst voortaan zijn haat zou overtreffen.
En dus liet Ender zich met zijn rug tegen de wand zakken, sprong vervolgens op en duwde zich af met zijn armen. Zijn voeten troffen Bonzo’s buik en borst. Ender draaide zich om in de lucht en landde op handen en voeten; hij maakte een koprol en schoof door tot onder Bonzo’s staande gestalte. Deze keer was zijn schop in Bonzo’s kruis hard en raak.
Bonzo gaf geen kik. Hij reageerde helemaal niet, alleen zijn lijf wipte een klein stukje omhoog. Het leek wel of Ender een schop tegen een meubelstuk had gegeven. Bonzo zakte in elkaar, viel opzij en belandde languit onder het hete water van de douche. Hij deed geen enkele poging om onder de gloeiend hete straal vandaan te komen.
‘Sodeju!’schreeuwde iemand. Bonzo’s vrienden kwamen aanrennen om de kranen dicht te draaien. Ender krabbelde langzaam overeind. Iemand duwde hem een handdoek in zijn handen. Het was Dink. ‘Kom mee, weg hier,’zei Dink. Hij trok Ender mee. Achter hun rug hoorden ze de zware voetstappen van volwassenen die kwamen aanrennen over een ladder. Nu zouden de leraren komen. De medische staf. Om de wonden van Enders vijand te verzorgen. Waar waren ze vóór het gevecht? Dan hadden er misschien helemaal geen wonden hoeven zijn.
Ender was er nu volkomen zeker van. Hij zou nimmer ergens hulp vinden. Waarvoor hij zich ook gesteld zou zien, nu of later, niemand zou hem ervoor behoeden. Peter was misschien een klootzak, maar Peter had wel gelijk, had altijd gelijk; de macht om pijn te doen is de enige macht die telt, de macht om te doden en te vernietigen, want als je niet kunt doden ben je altijd onderworpen aan mensen die dat wel kunnen en niets en niemand zal je ooit redden.
Dink bracht hem naar zijn kamer en zei dat hij op zijn brits moest gaan liggen. ‘Heb je ergens pijn?’vroeg hij. ‘Je hebt hem finaal gesloopt. Ik dacht dat je er geweest was, zoals hij op je af kwam. Maar je nam hem verschrikkelijk te grazen. Als hij nog langer weerstand had geboden had je hem vermoord.’
‘Hij wilde mij vermoorden.’
‘Ik weet het. Ik ken hem. Niemand kan zo haten als Bonzo. Maar dat is afgelopen. Als ze hem hiervoor niet koudzetten en naar huis sturen dan durft hij je nooit meer aan te kijken. Jou of iemand anders. Hij is een kop groter dan jij en bij jou vergeleken leek hij wel een kreupele koe die haar pruim stond te herkauwen.’
Maar Ender bleef maar voor zich zien hoe Bonzo eruit zag toen Ender hem die schop in zijn kruis gaf. Die lege, dode blik in zijn ogen. Toen was het al met hem gedaan. Toen was hij al bewusteloos. Zijn ogen waren wel open maar hij dacht niet meer en bewoog niet meer, hij had alleen die dooie, domme trek op zijn gezicht, die afschuwelijke blik in zijn ogen, net zoals Stilson eruitzag toen ik met hem had afgerekend.
‘Maar ze zetten hem wel koud hoor,’zei Dink. ‘Iedereen weet dat hij is begonnen. Ik zag hem opstaan en de bevelhebbersmess uitlopen. Duurde even een paar seconden voor ik besefte dat jij er ook niet was en toen nog een minuutje om uit te vissen waar je kon zijn. Ik had toch gezegd dat je nooit alleen mocht zijn.’