De Cock en een variant op moord
- Автор: Баантье Альберт Корнелис
- Серия: Inspector De Cock #23
- Год: 2002
- Язык: голландский
- Год: De Fontein
- ISBN: 978-90-261-0194-5
- Жанр: Полицейские детективы
Электронная книга - «De Cock en een variant op moord». Краткое содержание книги:
'En Mr. Meturovski was weer moeilijk komen doen. Hij had, weliswaar, zijn aanklacht tegen ons ingetrokken, maar kon over ons gedrag toch niet erg tevreden zijn. Jij zou tegenover de goede heer Middelkoop ongefundeerde uitlatingen hebben gedaan en verholen bedreigingen hebben geuit.' De Cock knikte voor zich uit. 'Zo, zo,' grapte hij, 'dat is niet mis.' Vledder trok een ernstig gezicht.
'Op aandringen van de heren Van der Grauw en Middelkoop had hij onze Officier van Justitie dringend verzocht om de verdere behandeling van de affaire Vreedenbergh aan andere rechercheurs van het district op te dragen. Volgens Mr. Meturovski was onze integriteit op z'n minst discutabel… liet althans veel te wensen over. Uit ons gedrag bleek, dat we duidelijk waren bevooroordeeld.'
De Cock kneep zijn wenkbrauwen samen.
'Mr. Meturovski gaf dus toe, dat er een… affaire Vreedenbergh bestond.'
'Blijkbaar.'
Hij lachte. 'Dat is nieuw… pure winst. Tot nu toe was de houding van de top van de baggeronderneming bepaald star; de-heer-Vreedenbergh-is-met-vakantie-op-de-Bahama's… en daarmee uit. Ik heb het gelukkige gevoel, dat men wat onrustiger wordt.' Vledder snoof.
'Vind je het gek… met al dat gewroet van jou?' De Cocks gezicht betrok.
'Ik ben bang,' sprak hij somber, 'dat mijn 'gewroet' het leven van twee mensen heeft gekost.' Vledder schudde heftig zijn hoofd.
'Dat is pure onzin,' riep hij fel. 'Jij hebt ze toch niet vermoord? Jij hebt toch geen sjaal strak om hun nek getrokken? Die verantwoordelijkheid ligt niet bij jou, maar bij de man of vrouw, die er belang bij had dat ze voor eeuwig tot zwijgen werden gebracht.' De Cock staarde voor zich uit. Het afschrikwekkende gelaat van de dode Dr. Haanstra kwam hem voor de geest. Hij drukte het beeld weg.
'Als we straks in Amsterdam terug zijn,' sprak hij wat loom, 'ga dan even naar het Bevolkingsregister aan de Herengracht.' 'Persoonlijk?'
'Ja, dat lijkt mij veiliger, betrouwbaarder dan via de telefoon. Ik wil dat je alle familiebetrekkingen van Karel Koperman natrekt… compleet met grootouders, ooms, tantes, neven en nichten.' 'Wat wil je ermee?' De Cock zuchtte.
'Ik wil weten wie hem die baan als huisbewaarder op Thundering Heights in Zuid-Ierland heeft bezorgd. Volgens Smalle Lowietje had Mooie Karel familie in 'hogere' kringen.' 'En daar moet ik naar zoeken?'
De Cock maakte een onzeker gebaartje. 'Zo ongeveer.'
Een tijdlang spraken ze niet. Voorbij Bussum werd het zicht op de weg aanmerkelijk slechter. Slierten dichte mist verpakten de wereld in een grauwe deken. Vledder vloekte inwendig, schakelde de koplampen op 'grootlicht' en minderde snelheid. 'Is ze thuis?' vroeg hij nors. 'Wie?'
'Xaveria van Bree voorde.' De Cock knikte.
'Ik heb haar vanmorgen gebeld. Ik heb haar gezegd, dat ze niet weg mocht gaan, omdat ik een belangrijke mededeling voor haar had.'
'Heb je die?' 'Ja.'
Vledder drong niet verder aan. Plotseling tastte hij naar de binnenzak van zijn colbert.
'Dat was ik bijna vergeten. Er lag voor jou nog een brief bij de wachtcommandant. Die schijnt vannacht te zijn gebracht.' De Cock nam de verkreukelde enveloppe aan en bekeek de adressering. 'Aan resesseur De Cock', stond er in lange, onhandige hanepoten. Hij scheurde de enveloppe open en nam daaruit een blocnotevelletje.
'Beste De Cock', las hij
'Ut heb wel ejfe geduurt, maar nauw weet ik ut. Moie Karel is niet de stad uit. Hij sit in een renevitatie pandje aan de Zaanstraat naast het ouwe badhuisie van de Polanenstraat. Voor de deur staat een vuurroie BMW, die van hem is. Hij laat sein fasie beina niet sien. Ut sgeint dat hij nogal senewagtig is. Als je hem wil greipe, dan mag je wel opschieten, andes is de fogel geflogen.
Jou Lowie'
De Cock glimlachte vertederd en frommelde het briefje met de enveloppe in een van de zakken van zijn oude regenjas. Vledder bekeek de man naast zich. 'Goed nieuws?'
De Cock antwoordde niet. Hij zakte wat onderuit en schudde zijn hoofd. 'Ik denk,' sprak hij droevig, 'dat Smalle Lowietje tijdens de taalles toch te veel uit het raam heeft gekeken.'
Ze droeg dezelfde doorschijnende peignoir als tijdens hun eerste bezoek aan Amersfoort. Weer realiseerde De Cock zich hoe aantrekkelijk ze was, hoe opwindend. En hij begreep iets van de verslavende bekoring, die de heer Vreedenbergh moest hebben bevangen… telkens opnieuw, bij elke ontmoeting die hij met haar had.
Xaveria van Breevoorde keek de grijze speurder wat hautain aan. 'Ik schijn mij frequent in uw belangstelling te mogen verheugen.' Het klonk spottend. De Cock glimlachte beminnelijk.
'Gelooft u mij; als ik geen werkelijke reden had voor mijn komst, dan schiep ik alsnog een motief om u te kunnen bezoeken.' Ze glimlachte gevleid. 'Is dat een compliment?' De Cock knikte overtuigend.
'Een compliment voor uw schoonheid. Uw… eh, uw openhartigheid bekoort mij minder.' Er kwam een waakzame blik in haar ogen. 'Heb ik iets verzwegen?' De Cock gebaarde in haar richting.
'Waarom heeft u ons bij vorige gelegenheden niet verteld, dat u bij de dood van de heer Vreedenbergh zijn gehele vermogen erft?' Xaveria van Breevoorde spreidde haar handen in onschuld. 'U heeft er niet naar gevraagd.' De Cock tuitte zijn lippen.
'U had kunnen beseffen, dat het voor ons onderzoek van het grootste belang was om dit te weten.' Xaveria van Breevoorde schudde haar hoofd. 'Dat heb ik niet beseft. Echt niet. Mijn enige zorg… mijn ongerustheid.. gold en geldt nog steeds… de verdwijning van de heer Vreedenbergh. Het feit, dat ik universeel erfgename ben van zijn vermogen, speelt daarbij geen enkele rol.' De Cock keek haar schattend aan. 'Nee?' Het klonk ongelovig. De blik van Xaveria van Breevoorde verhardde. 'Luister, rechercheur De Cock,' sprak ze scherp. 'De heer Vreedenbergh veilig en gezond bij mij terug. Dat is het enige wat ik van u verlang.'
De grijze speurder negeerde de opmerking. 'Welke relaties heeft u met de heer Van der Grauw?' 'Geen enkele.'
De Cock bracht een valse grijns op zijn gezicht. 'Gisterenmorgen zagen wij hem hier uit uw woning komen.' Xaveria van Breevoorde knikte. 'Hij was hier,' reageerde ze kalm. 'Kort voordat u kwam, stond hij bij mij voor de deur.' 'U hebt hem binnengelaten?' 'Ja.'
'Wat wilde hij?'
Xaveria van Breevoorde liet haar hoofd iets zakken. 'Van der Grauw vertelde mij, dat hij van notaris Van Suchtelen uit Amsterdam een afschrift had ontvangen van het testament van de heer Vreedenbergh. Hij wilde met mij over de inhoud praten.'
'En?'
'Ik maakte hem duidelijk, dat het niet aan mij lag om over de inhoud te discussiëren. Het testament behelst de laatste wil van de heer Vreedenbergh. Als hij, Van der Grauw, om welke reden dan ook, iets in het testament gewijzigd wilde zien, dan diende hij zich daartoe met de heer Vreedenbergh in verbinding te stellen.' De Cock glimlachte geamuseerd. Hij kon de duidelijke stellingname van de jonge vrouw wel waarderen. 'Hoe reageerde Van der Grauw?'
'Woedend. Ik had het idee, dat hij danig in zijn wiek was geschoten. Hij klapte zijn koffertje dicht en verdween zonder groet.' De Cock wreef over zijn brede kin.
'Bij ons vorig bezoek,' sprak hij aarzelend, 'heeft u ons een kleine karakterschets van de heer Vreedenbergh gegeven. U heeft ons ook verteld van zijn vreemde gewoonte om in het buitenland met bankbiljetten van duizend dollar te wapperen.'
Xaveria van Breevoorde lachte.
'Dat heeft u goed onthouden.'
De Cock knikte traag.
'Zo'n gek hemd… zo'n hemd waarin hij de dollarbiljetten vervoerde, heeft u daar een exemplaar van?'
Xaveria van Breevoorde stond van haar stoel op en liep naar een hoge kast aan de wand. 'De nacht voor hij naar het Midden-Oosten vertrok,' sprak ze onderwijl, 'bracht Jean-Paul altijd bij mij door. Hij zei, dat hij dan een grotere weerstand had tegen de verleidingen van haremdames. Kort voor hij naar Schiphol reed, transformeerde hij zich tot een corpulent heertje.'
'U bedoelt met al die stapeltjes bankbiljetten om zijn lichaam.'