De Cock en het roodzijden nachthemd
- Автор: Баантье Альберт Корнелис
- Серия: Inspector De Cock #44
- Год: 1995
- Язык: голландский
- Год: De Fontein
- ISBN: 978-90-261-0832-7
- Жанр: Другие детективы
Электронная книга - «De Cock en het roodzijden nachthemd». Краткое содержание книги:
De Cock knikte berustend.
‘Kortom… u wilt mij uw zegsman niet noemen.’
Pieter van Vlietland spreidde zijn beide handen.
‘Het is van mij geen onwil,’ sprak hij kalm. ‘U moet mij geloven; ik ken mijn informant niet. Ik kom u alleen vragen of zijn informatie juist is.’
De Cock schudde zijn hoofd. ‘Het is een loos gerucht,’ sprak hij pertinent. ‘De informatie die hij u heeft verstrekt, is niet juist.’
Pieter van Vlietland keek hem ongelovig aan.
‘De beide vrouwen werden niet vermoord?’
Ten teken dat hij het onderhoud als beëindigd beschouwde, kwam De Cock overeind. Zijn gezicht stond strak als een stalen masker. ‘Ze pleegden zelfmoord.’
Toen De Cock de volgende morgen de grote recherchekamer binnenstapte, zat Vledder achter zijn elektronische schrijfmachine. De jonge rechercheur zag er vermoeid uit.
De Cock ging achter zijn bureau zitten en keek hem onderzoekend aan.
‘Slecht geslapen?’
Vledder knikte.
‘Ik kon de slaap niet vatten. De moorden op die beide vrouwen bleven door mijn hoofd spoken. Ik heb vannacht ook een paar dingen overdacht.’
De Cock glimlachte.
‘Laat eens horen?’
Vledder ademde diep.
‘De moordenaar heeft angst dat er bij de vrouwen papieren of bescheiden achter blijven. Ook in de woning van Sarah Harreveld heb ik geen velletje papier kunnen vinden.’
‘Dat betekent?’
Vledder stak zijn wijsvingers omhoog.
‘Simpel, de vermoorde vrouwen bezaten bescheiden… brieven, documenten… die mogelijk in de richting van de dader wezen… in ieder geval belastend voor hem waren.’
De Cock knikte hem bemoedigend toe.
‘Heel goed.’
Vledder gebaarde voor zich uit.
‘Ook Marjolein Ridderspoor heeft vijfentwintigduizend gulden op de rekening van Sabrine Achterbroek gestort. Ik overdacht, dat ook zij mogelijk bescheiden in haar bezit heeft, die voor de moordenaar belastend zijn. Zij kan ons ook vertellen waarvoor die vijfentwintigduizend gulden dienden.’
De Cock lachte.
‘Het was voor jou weliswaar een slapeloze, maar wel een vruchtbare nacht. Ik ben het volkomen met je eens. We zullen Marjolein Ridderspoor zo snel mogelijk moeten benaderen.’
Vledder knikte.
‘Daar ben ik vanmorgen al mee bezig geweest.’
‘En?’
Het gezicht van Vledder betrok.
‘Het lijkt alsof ze is gevlucht. Ze is sinds gisteravond spoorloos. Ik heb ook Bob Verhagen gebeld. Hij maakt zich grote zorgen. Hij heeft sinds dat tweede telefoontje van haar van alles geprobeerd om haar te pakken te krijgen. Ze is vanmorgen ook niet op haar kantoor verschenen.’
‘Alarmerend.’
Vledder knikte.
‘Wat mij ook erg dwars zit… Hoe komt die ellendige journalist aan zijn informatie? De enige mogelijkheid die ik zie, is dat Van der Stek zijn mond voorbij heeft gepraat.’
De Cock trok zijn schouders op.
‘Van der Stek is een goed collega.’
Vledder klapte een paar maal met zijn vuist op zijn bureau.
‘Iemand moet toch hebben gekletst. Buiten ons beiden wist alleen Van der Stek dat de verhanging van Sarah Harreveld een camouflage was voor moord.’
De Cock zuchtte.
‘Als Van der Stek aan de Lijnbaansgracht de juiste toedracht in het dagelijks rapport heeft vermeld, dan kan een lek gauw ontstaan. Dat dagelijks rapport is vrijwel een open boek.’
Vledder schudde zijn hoofd.
‘Van der Stek is toch niet zo stom om…’ De jonge rechercheur stokte. Op het bureau van De Cock rinkelde de telefoon. Vledder nam de hoorn op en luisterde. Na enkele seconden legde hij de hoorn op het toestel terug.
De Cock keek hem vragend aan.
‘Wie was dat?’
Vledder duimde over zijn schouder.
‘De commissaris. Je moet onmiddellijk bij hem komen.’
10
Commissaris Buitendam, de lange statige chef van het bekende politiebureau aan de Amsterdamse Warmoesstraat, wenkte met een slanke hand.
‘Kom binnen, De Cock,’ sprak hij geaffecteerd, ‘en ga zitten.’
De grijze speurder trok zijn gezicht in een onwillige plooi. ‘Als het u hetzelfde is… ik blijf liever staan.’
De commissaris verschoof iets op zijn stoel.
‘Zo je wilt.’ Hij kuchte. ‘Ik… eh, ik neem aan dat je vanmorgen het ochtendblad hebt gelezen.’
De Cock schudde zijn hoofd.
‘Ik heb nog geen krant gezien.’
Over de vale wangen van de commissaris zwiepte een zenuwtrek. ‘Ik wel.’ Hij trok de lade van zijn bureau open en hield een krant omhoog.
‘Ervaren rechercheur door moordenaar misleid.’
De Cock las de kop hardop.
Buitendam liet de krant zakken.
‘Weet jij wie die ervaren rechercheur is?’
De Cock knikte met een grijns op zijn gezicht.
‘Ik.’
Commissaris Buitendam snoof.
‘Jij hebt twee moorden over het hoofd gezien?’ brieste hij. ‘Jij hebt je als een leerling door een moordenaar om de tuin laten leiden?’
De Cock schudde zijn hoofd.
‘De kop van dat artikel deugt niet.’
Buitendam keek hem ongelovig aan.
‘Deugt niet?’
De Cock schudde opnieuw zijn hoofd.
‘Ik neem aan dat er verder in dat artikel staat, dat ik twee moorden, die als zelfmoord werden gepresenteerd, niet als moord heb onderkend?’
‘Inderdaad.’
De Cock zuchtte.
‘Dat heb ik wel.’
Commissaris Buitendam leunde op zijn bureau voorover.
‘Jij wist dat die twee vrouwen in werkelijkheid waren vermoord?’
De Cock knikte.
‘Ik wilde de moordenaar in de waan laten dat ik zijn camouflage niet had doorzien.’
Buitendam slikte.
‘Waarom weet ik daar niets van?’
De Cock kauwde even op zijn onderlip.
‘Mijn probleem is,’ sprak hij traag, ‘dat ik als hoogste chef een commissaris heb die weinig van het recherchevak begrijpt.’
Commissaris Buitendam kwam van zijn stoel overeind. Er lagen blosjes op zijn vale wangen en zijn neusvleugels trilden. Met een gebaar van ingehouden woede strekte hij zijn rechterarm naar de deur.
‘Eruit!’
De Cock ging.
Vledder leunde geamuseerd in zijn stoel achterover.
‘Was het weer zover?’
De Cock ging achter zijn bureau zitten.
‘Buitendam had braaf de pest in.’
‘Wat was er nu weer?’
De Cock plooide zijn breed gezicht in een smartelijke trek. ‘We zullen straks een krant moeten kopen.’
‘Waarom?’
‘Daarin staat een uitgebreid artikel over ons onderzoek naar de dood van Sabrine Achterbroek en Sarah Harreveld. Pieter van Vlietland koos voor zijn artikel als kop: Ervaren rechercheur door moordenaar misleid.’
Het gezicht van Vledder betrok.
‘Wat een smeerlap,’ riep hij verontwaardigd.
De Cock gebaarde nonchalant voor zich uit.
‘Het is zijn vak.’
‘Om zijn lezers valselijk voor te lichten?’
De Cock schudde zijn hoofd.
‘Om een sensationeel en prettig leesbaar artikel te brengen. Daar wordt hij voor betaald.’
‘Hoe reageerde Buitendam op dat artikel?’
De Cock zuchtte.
‘Ik zei aclass="underline" hij had braaf de pest in. Hij vroeg of het waar was dat ik mij had laten misleiden. Toen ik hem zei dat het artikel niet deugde en dat ik de moord op de beide vrouwen wel degelijk had doorzien, werd hij kwaad, omdat ik hem daarover niet had ingelicht.’
Vledder glimlachte.
‘Hij had gelijk. Jij houdt die man overal buiten. Als ik commissaris was, dan plaatste ik jou over naar een ander bureau.’
De Cock frunnikte gniffelend aan zijn neus.