Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » De Grote Jacht
De Grote Jacht - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

De Grote Jacht

Электронная книга - «De Grote Jacht». Краткое содержание книги:

De Grote Jacht
1 ... 149 150 151 152 153 154 155 156 157 ... 203
Перейти на страницу:

‘Natuurlijk zul je dat,’ zei ze kalmerend. Ze nam zijn gezicht in haar handen en hij haalde diep adem, opeens hersteld van wat hem bezighield. Al bleef de herinnering in zijn ogen zichtbaar. ‘Zo,’ zei ze, ‘dat is voor jou genoeg. Ik ga eens kijken wat ik voor de anderen kan doen. We kunnen de Hoorn misschien nog terughalen, maar ons pad is niet gemakkelijker geworden.’

Toen ze de anderen ging helpen en kort bij ieder bleef stilstaan, liep Rhand naar zijn vrienden. Toen hij Mart aanraakte, schrok die op, staarde hem aan en greep met beide handen Rhands mantel vast. ‘Rhand, ik zou nooit iemand iets zeggen over... over jou. Ik zou je niet verraden. Dat moet je geloven.’ Hij zag er zieker uit dan ooit, maar Rhand dacht dat het voornamelijk vrees was. ‘Dat doe ik,’ zei Rhand. Hij vroeg zich af welke levens Mart had geleefd en wat hij had gedaan. Hij moet het iemand verteld hebben, anders zou hij er niet zo bang voor zijn. Hij kon hem geen verwijt maken. Dat was een andere Mart geweest, niet deze Mart. Bovendien, als hij bedacht welke andere levens hij had geleid... ik geloof je. Perijn?’

De jongeman met de krullen liet met een zucht zijn handen zakken. Rode lijnen tekenden zijn voorhoofd en wangen, waar hij zijn nagels in had gezet. Zijn gele ogen verborgen zijn gedachten. ‘Eigenlijk hebben we maar weinig keus, nietwaar, Rhand? Wat er ook gebeurt, wat we ook doen, sommige dingen zijn bijna altijd hetzelfde.’ Weer slaakte hij een diepe zucht. ‘Waar zijn we? Is dit een van die werelden waarover jij en Hurin hebben verteld?’

‘Dit is de Kop van Toman,’ vertelde Rhand. ‘In onze wereld. Dat zegt Verin tenminste. En het is herfst.’

Mart keek bezorgd. ‘Hoe is dat...? Nee. Ik wil niet weten hoe het is gebeurd. Maar hoe kunnen we Fajin en de dolk nu nog vinden? Hij kan inmiddels overal zitten.’

‘Hij is hier,’ verzekerde Rhand hem. Hij hoopte dat hij gelijk had. Fajin had alle tijd gehad om zich in te schepen naar elke plaats waar hij heen wilde. Tijd om naar Emondsveld te rijden. Of naar Tar Valon. Alsjeblieft, Licht, laat hem geduld hebben om te wachten. Als hij Egwene kwaad heeft gedaan of iemand in Emondsveld, zal ik... Licht brande me, ik heb geprobeerd op tijd te komen. ‘De grotere steden op de Kop van Toman liggen allemaal westelijk van hier,’ deelde Verin zo luid mee dat allen het hoorden, ledereen stond weer, behalve Rhand en zijn twee vrienden. Verin kwam aanlopen en legde al pratend haar handen op Marts hoofd. ‘Niet dat er hier veel dorpen groot genoeg zijn om ze stad te noemen. Als we een spoor van de Duistervrienden willen vinden, moeten we in het westen beginnen. En ik denk dat we geen daglicht moeten verknoeien door hier te blijven zitten.’

Toen Mart ogenknipperend opstond, zag hij er nog wel ziek uit, maar hij bewoog zich fit. Verin legde haar handen op Perijn, maar toen ze het bij Rhand wilde doen, stapte hij achteruit. ‘Wees geen dwaas,’ zei ze hem.

‘Ik wil je hulp niet,’ zei hij kalm. ‘Van geen enkele Aes Sedai.’ Haar lippen krulden zich. ‘Zoals je wilt.’

Ze stegen meteen op, reden naar het westen en lieten de Portaalsteen achter. Niemand had bezwaar, Rhand het minst van allen. Licht, laat het nog niet te laat zijn.

38

Oefening

Terwijl ze in haar witte gewaad in kleermakerszit op het bed zat, vormde Egwene drie kleine ballen van licht die in allerlei vormen boven haar handen dansten. Ze werd niet geacht dit zonder toezicht van ten minste een Aanvaarde te doen, maar Nynaeve, die woest kijkend voor de kleine open haard ijsbeerde, droeg per slot van rekening de serpentring van een Aanvaarde en het witte kleed met de kleurenbanden, ook al mocht zij nog niemand scholen. En Egwene had de laatste dertien weken gemerkt dat ze zich niet kon bedwingen. Ze wist nu hoe gemakkelijk het was saidar aan te raken. Ze kon het altijd voelen, op haar wachtend en lokkend als de geur van een reukwater of het gevoel van zachte zijde. En als het haar eenmaal raakte, kon ze amper ophouden met geleiden. Het geleiden mislukte haar even vaak als het haar lukte, maar dat spoorde haar slechts aan vol te houden. Het joeg haar vaak angst aan. Hoe graag ze ook wilde, het geleiden maakte haar bang. Als ze niet geleidde, voelde ze zich loom vergeleken met wanneer ze dat wel deed. Ze wilde het allemaal opnemen, ondanks de waarschuwingen dat ze zichzelf opbrandde, en dat verlangen bezorgde haar de grootste vrees. Soms wilde ze maar dat ze nooit naar Tar Valon was gekomen. Maar de vrees was niet sterk genoeg om er een lange tijd mee te stoppen, net zo min als de vrees door een Aes Sedai of door een Aanvaarde, Nynaeve uitgezonderd, betrapt te worden. Hier in haar eigen kamer was het echter veilig genoeg. Min was er en zat op een driepootkrukje toe te kijken, maar ze kende Min nu goed genoeg om te weten dat Min haar nooit zou aangeven. Ze dacht dat ze zich gelukkig mocht prijzen twee goede vriendinnen na haar komst in Tar Valon te hebben gevonden. Het was een klein, vensterloos kamertje, zoals alle Novicekamertjes.

In drie kleine stappen was Nynaeve van de ene gewitte muur bij de andere. Nynaeves kamer was veel groter, maar aangezien zij met niemand van de Aanvaarden vriendschap had gesloten, kwam zij naar Egwenes kamer als ze behoefte had met iemand te praten, en zelfs als ze helemaal niet wilde praten, zoals nu. Het kleine vuur in de smalle haard hield de eerste kilte van de naderende herfst buiten, hoewel Egwene er haast zeker van was dat het niet echt zou helpen in de winter. Een tafeltje voor haar studie en haar bed waren de enige meubelstukken en haar eigendommen hingen netjes aan een rij haken of lagen op de korte plank boven het tafeltje. Novices werden gewoonlijk zo beziggehouden dat ze amper enige tijd in hun kamers door konden brengen, maar vandaag had ze vrij. Pas de derde vrije dag nadat zij en Nynaeve in de Witte Toren waren aangekomen. ‘Else zat vandaag met die grote kalfsogen naar Galad te kijken terwijl hij met de zwaardhanden aan het oefenen was,’ vertelde Min, die op twee krukpoten zat te wippen.

De kleine ballen haperden even boven Egwenes handen. ‘Ze mag kijken waar ze wil,’ zei ze terloops, ik kan me niet voorstellen waarom ik daar belangstelling voor zou moeten hebben.’

‘O, helemaal nergens om, denk ik. Hij is verschrikkelijk knap, als je het niet erg vindt dat hij zo stijf is. Heel knap om te zien, zeker als hij zijn hemd uit heeft.’

De ballen tolden woedend rond. ‘Ik heb absoluut niet de wens naar Galad te kijken. Met of zonder hemd.’

‘Ik zou je niet zo mogen plagen,’ zei Min berouwvol. ‘Het spijt me. Maar je kijkt wel graag naar hem – grijns niet zo naar me! – en datzelfde doet bijna iedere andere vrouw in de Witte Toren, behalve een Rode Ajah. Ik heb de Aes Sedai daar beneden bij de oefenvelden zien staan wanneer hij de zwaarddans beoefent, vooral de Groenen. Ze zeggen dat ze hun zwaardhanden willen zien, maar als Galad er niet is, zijn er lang zoveel niet. Zelfs de kokkinnen en meiden komen buiten naar hem kijken.’

De ballen hingen doodstil en heel even bleef Egwene er strak naar kijken. Ze verdwenen. Opeens giechelde ze. ‘Hij ziet er echt knap uit, nietwaar? Zelfs als hij loopt, lijkt het op dansen.’ De kleur van haar wangen werd feller, ik weet dat ik hem niet zo moet aanstaren, maar ik kan het niet helpen.’

‘Ik ook niet,’ zei Min, ‘en ik zie nog wel hoe hij is.’

‘Maar als hij een goed...’

‘Egwene, Galad is zo goed dat je voor hem je haren uit zou willen rukken. Hij zou iemand kwaad kunnen doen, maar alleen omdat hij een groter goed wil bereiken. Hij zou zelfs niet eens merken wie gewond zou raken, omdat hij helemaal in dat andere goede op zou gaan. Maar als hij het wel zou opmerken, dan verwacht hij begrip van ze dat hij het goede en juiste deed.’

1 ... 149 150 151 152 153 154 155 156 157 ... 203
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)