Het veelkleurig land [The Many-Colored Land - nl]
- Автор: Мэй Джулиан
- Год: 1986
- Язык: голландский
- Год: Het Spectrum
- ISBN: 90-274-0547-6
- Переводчик: Wim Gijsen
- Жанр: Научная фантастика
Электронная книга - «Het veelkleurig land [The Many-Colored Land - nl]». Краткое содержание книги:
‘Weg,’ bevestigde Fitharn. Hij ging op de rand van het koninklijke platform zitten en trok een laars uit. Hij haalde er een kiezelsteentje uit te voorschijn. ‘Ah, jij kleine rotzak!’ ‘Toon alsjeblieft enig respect,’ snauwde Yeochee. ‘Ik had het tegen die steen in mijn schoen, Schrikbarende. Wel, wat denken we ervan?’
‘Riskant, riskant.’ De koning begon heen en weer te lopen, de handen op zijn rug. ‘Jammer dat we het niet zonder die vervloekte lui kunnen en onze zaakjes zelf regelen.’ Fitharn zei: ‘Die verachtelijke halsringdragers moeten wel vaak dezelfde gedachten hebben. Ook zij zijn gevaarlijk afhankelijk van mensen. Maar er is voor ons geen andere weg, Afschrikwekkende. De mensen zijn slimmer dan wij en sterker bovendien, op bepaalde terreinen. Zou het ons ooit lukken na al die tijd een vliegtuig weer operationeel te maken? Of de Speer? We hebben veertig jaar de tijd gehad om na te denken over manieren om onze Aartsvijanden ten onder te brengen en het enige wat we hebben gedaan is snotteren boven ons bier. Ik ben net zo weinig op die geduchte Guderian gesteld als u, Koning. Maar ze is een machtig persoon. Of we haar aardig vinden of verachten, zij kan ons helpen.’
‘Maar we kunnen mensen niet vertrouwen!’ jammerde Yeochee. ‘Voelde je die golf van woede van die Felice toen ze ons vertelde dat we aardig tegen haar moesten zijn? En zo een zouden we een gouden halsring moeten geven? Ik zou nog eerder met mijn koninklijke pik een gat boren in de lavaprop van een vulkaan!’
‘We kunnen Felice onder controle houden. Pallol en Sharn-Mes hebben daarover nagedacht. Zelfs wanneer ze een gouden halsring bij het Scheepsgraf vindt, dan nog heeft ze even tijd nodig ermee te leren omgaan. Ze vliegen bovendien direct terug en die Felice zal popelen van verlangen om Finiah te lijf te gaan. We zullen haar aan de zorg van onze krijger Ogresses toevertrouwen ...’
(Té’s tieten!’ zei de koning blasfemerend. .. en Ayfa of Skathe kunnen haar ombrengen bij het minste teken van verraad. Wanneer Felice de aanval op Finiah overleeft, kunnen we haar naar het zuiden sturen naar de Veldslag. Dat lijkt in overeenstemming te zijn met dat beroemde plannetje van Guderian. Maak u geen zorgen, Koning. We zullen Felice en al die anderen in ons eigen voordeel gebruiken… Sharn en Pallol zullen een passend en heldhaftig overlijden weten te bedenken voor onze menselijke medestanders. Wanneer we dit op de goede manier spelen, kunnen de Firvulag in het bezit komen van zowel de Speer als het Zwaard, heersers over de Tanu en de Minderen! En dan betekent het werkelijk iets wanneer u zichzelf Onbetwistbaar Heerser over de Bekende Wereld noemt.’ Yeochee gaf hem een verschrikkelijke blik. ‘Wacht maar af tot het jouw beurt is. We zullen zien hoe jij het ervan afbrengt...’
De bediende kwam springend uit de gang te voorschijn, een blad dragend waar de damp van af sloeg, samen met een fles, gevuld met een lichtbruine vloeistof. ‘Het is klaar, Afschrikwekkende! En heet, heet, heet! Geen ordinaire salamandersaus, maar iets heel nieuws! De kok Mariposa beweert dat je ballen ervan gaan tintelen!’
Yeochee boog zich over het blad om de geur op te snuiven van het wielvormige gebak. Tussen de spaken sudderden verrukkelijke lagen van romig wit en rood.
‘Vraag excuus, Koning,’ probeerde Fitharn. ‘Maar wat is dat voor de duivel?’
De koning nam het blad en de fles bier over en begon gelukkig in de richting van de kristallen grot te lopen. ‘Dit is het speciale gerecht van ene senora Mariposa de Sanchez, afkomstig van de Krelix Plantage, daarvoor werkzaam in de Chichen Itza Pizza Eettent, Merida in Mexico… Laat ons alleen, Fitharn. Ga mee met die verdomde Minderen en houd ze in de gaten.’ ‘Zoals u beveelt, Afschrikwekkende.’
Eindelijk werd het weer stil in de grote grot. Yeochee stak zijn hoofd om de hoek van de kristallen kamer. De kaarsen brandden laag en twee fascinerende ogen keken hem aan vanuit de stapel donkere vachten.
‘Joe-hoe,’ kweelde hij, ‘tijd voor wat lekkers!’ Lulo rolde zo charmant mogelijk in zijn richting. ‘Grruum. Yumyumyum!’
Hij gaf een kreet van verrukking. ‘Kijk uit! Laat me dit eerst even neerzetten, jij gekke verleidster! Oh, dit zul je verrukkelijk vinden. Mijn allernieuwste lekkernij. Half kaas, half hagedis!’
3
‘De eenhoorn! De eenhoorn! De eenhoorn!’ Martha bleef dat woord eindeloos herhalen terwijl ze huilde boven het verscheurde lichaam van Stefanko dat midden op het moerassige pad lag. Grote cipressen rezen aan weerskanten uit poelen bruinig water omhoog. Waar het morgenlicht door de bomen scheen, waren wolken dansende muggen en waterjuffers te zien. Een grote rivierkreeft, misschien aangetrokken door het bloed dat in het water druppelde, kwam langzaam tegen de ondiepe oever opgeklauterd waar het pad net boven de moerassen van de Rijn uitkwam.
peopeo Moxmox Burke zat tegen een bemoste boomstam, kreunend van pijn terwijl Claude en Madame Guderian zijn herteleren hemd en een van de pijpen van zijn broek wegsneden. ‘De hoorn lijkt je ribben maar net geraakt te hebben, mon petit peaurouge. Maar ik zal het toch moeten hechten. Claude, geef hem een verdoving.’
‘Zorg eerst voor Steffi,’ pleitte de Commandant met opeengeklemde tanden.
Claude schudde alleen maar met zijn hoofd. Hij haalde een Herendorfer spuit te voorschijn en drukte die tegen de slapen van Burke.
‘Oh, God. Dat is al beter. Hoe is mijn been? Ik kon de tanden van die rotzak tot op het bot voelen gaan.’
‘Je kuitspieren zijn allemaal doorgesneden,’ zei Claude, ‘en reken maar dat die slagtanden tot aan de wortels vol zaten met giftige bacteriën. Er is geen enkele manier waarop we dit hier goed voor elkaar krijgen, Peo. Je enige kans is professionele zorg, terug bij Amerie.’
Zachtjes vloekend legde Burke zijn grote, grijze hoofd tegen de cipres en sloot zijn ogen. ‘Eigen schuld. Stomme lui. Ik had al mijn aandacht bij het verbergen van ons spoor door ons dwars door die stinkende kruiden heen te laten lopen. Ik keek uit naar beerhonden, sporen van hoorndragers en dan worden we te grazen genomen door zo’n verdomd varken!’ ‘Houd je stil, jongen,’ beval Madame. ‘Je brengt mijn naaiwerk in de war.’
‘Het was geen gewoon varken,’ zei Claude. Hij verpakte het been van Burke in porofilm nadat hij de wonden met antibiotische gelei had behandeld. De spalk van decamole was al opgeblazen en klaar om gebruikt te worden. ‘Ik denk dat het ondier dat hier aan het werk was niets anders was dan de Kubanochoerus, het reusachtige, eenhoornige Kaukasische zwijn. Iedereen dacht dat die in het Plioceen was uitgestorven.’
‘Huh! Ga dat Steffi maar vertellen, die arme schlemiel.’ Madame zei: ‘Ik ga wel verder met Peo, Claude. Let jij op Martha.’
De paleontoloog liep naar de hysterisch geworden ingenieur, bekeek een ogenblik haar panische en verwilderde reacties en begreep toen wat er gedaan moest worden. Hij greep haar bij een van haar polsen en trok haar ruw overeind. ‘Wil je je bek houden, meid! Je stomme geschreeuw brengt ons alle soldaten op de nek! Denk je dat Steffi dat zou willen?’ Martha stikte van woede en haalde met één arm uit om de oude man te slaan. ‘Hoe weet jij wat Steffi zou willen? Je kende hem niet eens! Maar ik wel. Hij was vriendelijk en goed, hij zorgde voor me toen mijn verdomde darmen ... toen ik ziek was. En kijk nou eens. Kijk naar hem!’ Ze barstte opnieuw in tranen uit, haar eens mooie gezicht vertrokken in wanhoop. Haar tegen Claude gerichte woede verdween en ze liet haar arm zakken. ‘Steffi, oh, Steffi,’ fluisterde ze en viel toen tegen de stevige oude man aan. ‘Het ene ogenblik liep hij nog naast me, hij glimlachte tegen me over zijn schouder en toen ...’ Het grijze monster was zonder enige waarschuwing vooraf uit een dicht rietveld te voorschijn gekomen, recht op hen afstormend. Het had Stefanko in de lucht geworpen en was bezig hem af te slachten toen het gedwongen werd Peo aan te vallen die met getrokken machete die slachtpartij probeerde te stopppen. Fitharn had een vurige illusie veroorzaakt en daarmee het zwijn teruggedreven in het moeras terwijl Felice en Richard er met getrokken bogen achteraan gingen, het aan de anderen overlatend om de gewonden te helpen. Maar Stefanko kon niet meer geholpen worden.