Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » De Herrezen Draak
De Herrezen Draak - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

De Herrezen Draak

Электронная книга - «De Herrezen Draak». Краткое содержание книги:

De Herrezen Draak
1 ... 5 6 7 8 9 10 11 12 13 ... 178
Перейти на страницу:

Een windvlaag wervelde door de kom, liet mantels flapperen en rimpelde de banier over de hele breedte uit. Heel even leek het schepsel op de banier in de wind op te vliegen. Een serpent met vier poten, blauwe en gouden schubben, gouden leeuwenmanen en aan iedere poot vijf gouden klauwen. Een legendarische banier. Een banier die veel mensen niet zouden kennen als ze hem zagen, maar zouden vrezen als ze wisten wiens banier het was.

Toen Perijn de kom inreed, maakte hij een gebaar dat alles omvatte. ‘Welkom in het kamp van de Herrezen Draak, vrouw Leya.’

2

Saidin

Onaangedaan staarde de Tuathaanse naar de banier die weer slap ging hangen. Vervolgens schonk ze de mensen rond het kookvuur haar aandacht. In het bijzonder de boeklezer, die anderhalf keer zo groot was als Perijn en tweemaal zo breed, ik zie een Ogier bij jullie. Ik had nooit gedacht...’ Ze schudde haar hoofd. ‘Waar is Moiraine Sedai?’ Het leek wel of wat haar betrof, de Drakenbanier in het geheel niet bestond. Perijn gebaarde naar de ruwhouten hut die aan de andere kant van de kom het hoogst op de helling stond. De blokhut had wanden en een schuin dak van ongeschaafde stammetjes en was de grootste, misschien net groot genoeg om het een hut te noemen en geen schuurtje. ‘Die is van haar. Van haar en Lan. Hij is haar zwaardhand. Als u iets warms hebt gedronken...’

‘Nee. Ik moet eerst met Moiraine praten.’

Hij was niet verbaasd. Alle bezoeksters hadden erop gestaan onmiddellijk met Moiraine te praten, en alleen. Het nieuws dat Moiraine dan verkoos met de anderen te delen, leek niet altijd zo belangrijk, maar de vrouwen waren even gespannen als een jager die het enige nog levende konijn voor zijn verhongerende gezin wilde vangen. De half bevroren bedelares had dekens en een bord met dampende stoofpot afgeslagen en was eerst op haar blote voeten door de neerdwarrelende sneeuw naar Moiraines hut geschuifeld. Leya gleed uit haar zadel en overhandigde Perijn de teugels. ‘Zorg je ervoor dat het paard wordt gevoerd?’ Ze gaf een klopje op de neus van de appelschimmel. ‘Piesa is niet gewend mij door zo’n woest land te rijden.’

‘Voer is schaars,’ vertelde Perijn haar, ‘maar hij zal krijgen wat we hebben.’

Leya knikte en haastte zich zonder verder iets te zeggen de helling op, waarbij ze haar felgroene rok ophield, en de vuurrode mantel die met blauw borduursel was afgewerkt, zwierde achter haar aan.

Perijn zwaaide zich uit het zadel en wisselde enkele woorden met de mannen die van het vuur kwamen aanlopen om de paarden over te nemen. Hij gaf zijn boog af aan de man die Stapper overnam. Nee, behalve die ene raaf hadden ze alleen maar bergen, dalen en de Tuathaanse gezien. Ja, de raaf was dood. Nee, ze had hun niets verteld over wat daar buiten de bergen gebeurde. Nee, hij had geen enkel idee of ze spoedig zouden vertrekken.

Of ooit? voegde hij er voor zichzelf aan toe. Moiraine had hen de hele winter hier gehouden. De Shienaranen vonden niet dat zij hier de bevelen gaf, maar Perijn wist dat Aes Sedai op de een of andere manier altijd haar zin wist door te drijven. Vooral Moiraine Sedai. Nadat de paarden naar de ruwhouten stal waren geleid, gingen de krijgslieden zich bij het vuur warmen. Perijn sloeg zijn mantel terug over de schouders en hield dankbaar zijn handen vlak bij het vuur. De grote ketel, zo te zien uit Baerlon, verspreidde een geur die hem al enige tijd had doen watertanden. Iemand had blijkbaar een goede jacht gehad en wilde wortels dwarrelden in het ziedende water rond en verspreidden een aroma als geroosterde knolletjes. Hij trok zijn neus op en richtte zijn aandacht op de stoofpot. Tegenwoordig wilde hij eigenlijk het liefst vlees.

Het meisje in mannenkleren staarde Leya na die net in Moiraines hut verdween.

‘Wat zie je, Min?’ vroeg hij.

Ze kwam bezorgd kijkend naast hem staan. Hij begreep niet waarom ze liever een broek droeg dan een rok. Misschien kwam het doordat hij haar kende, maar volgens hem zou iedereen haar als een mooi jong meisje herkennen en niet als een knappe jongeman. ‘Die vrouw van de ketellappers zal sterven,’ zei ze zachtjes terwijl ze de anderen rond het vuur in het oog hield. Er was niemand in de buurt die haar kon horen.

Hij stond nog steeds aan Leya’s zachtmoedige gezicht te denken. Ach, Licht! Ketellappers doen nooit iemand kwaad! Hij voelde zich koud ondanks de hitte van het vuur. Bloed en as, ik wou dat ik het nooit had gevraagd. Zelfs de paar Aes Sedai die van Mins gave wisten, begrepen niet wat ze deed. Soms zag ze beelden en aura’s rond mensen, en soms wist ze zelfs wat die betekenden.

Masema kwam met een lange kookspaan in de stoofpot roeren. De Shienaraan keek hen even aan, kruiste grijnzend twee opgestoken vingers en grijnsde nog breder toen hij weer wegliep.

‘Bloed en as!’ mopperde Min. ‘Hij heeft waarschijnlijk bedacht dat wij twee gelieven zijn die elkaar bij het kampvuur lieve woordjes toefluisteren.’

‘Denk je echt?’ vroeg Perijn. Ze keek hem met opgetrokken wenkbrauwen aan en hij voegde eraan toe: ‘Wat je over Leya zei.’

‘Heet ze zo? Ik wou dat ik het niet had geweten. Het maakt het altijd erger, als je het weet en niet in staat bent... Perijn, ik zag haar gezicht los boven haar schouder, onder het bloed en met lege ogen. Duidelijker beelden krijg ik nooit.’ Ze rilde en wreef haar handen stevig over elkaar. ‘Licht, ik wou maar dat ik meer blije dingen zag. Alle fijne dingen lijken te zijn verdwenen.’

Hij wilde net voorstellen Leya te waarschuwen, maar hield zich in. Er bestond nooit enige twijfel over wat Min zag en wist, of het goed of slecht was. Als ze zeker was, gebeurde het.

‘Bloed op haar gezicht,’ mompelde hij. ‘Houdt dat in dat ze een gewelddadige dood sterft?’ Hij schrok van het gemak waarmee hij dat zei. Maar wat kan ik doen? Als ik het tegen Leya zeg, als ik haar kan overtuigen, zal ze haar laatste dagen in vrees doorbrengen en het zal niets veranderen. Min knikte kort.

Als ze door geweld omkomt, kan dat een aanval op ons kamp inhouden. Maar iedere dag reden er verkenners uit en er stonden dag en nacht schildwachten. Bovendien had Moiraine gezegd dat ze een ban rond het kamp had gelegd, zodat geen enkel schepsel van de Duistere het kamp ongezien kon binnenkomen. Hij dacht aan de wolven. Nee! Wie tot het kamp wilde doordringen, zou door de verkenners gezien worden. ‘Ze moet een lange reis maken voor ze weer bij haar mensen is,’ zei hij, half tegen zichzelf. ‘De ketellappers zullen hun wagens niet verder gereden hebben dan de eerste heuvels van de Mistbergen. Tussen hier en hun kamp kan er van alles gebeuren.’ Min knikte bedroefd. ‘En we zijn met te weinigen om haar één man mee te geven. Zelfs als dat nut zou hebben.’

1 ... 5 6 7 8 9 10 11 12 13 ... 178
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)