Бесплатная библиотека
Читайте книгу на сайте или телефоне
READ-E-BOOK » Фэнтези » De Draken van de Winternacht
De Draken van de Winternacht - Читать Любимую Русскую Полную Книгу 👉 Read-E-Book.com

De Draken van de Winternacht

Электронная книга - «De Draken van de Winternacht». Краткое содержание книги:

Onze vrienden zoeken hun toevlucht in de dwergenhoofdstad Thorbardin, waar ze de dwergen de hamer van Kharas aanbieden, een legendarische oorlogshamer, ooit eigendom van de dwergenheid Kharas die lang geleden zijn toevlucht zocht in de dwergenstad. Maar hun verblijf in Thorbardin is van korte duur.
Om uit handen te blijven van de Drakenheer Canaillaard, gaan de vrienden op weg naar Tarsis, een mythische stad aan zee. Eenmaal in de buurt komen ze tot de ontdekking dat de kaart van Tas die ze bij zich hebben gedateerd is: Tarsis is geen havenstad meer omdat de zee waaraan hij ooit lag verdwenen is tijdens de Catastrofe. Als het de vrienden toch lukt Tarsis via een andere weg binnen te komen, wordt de stad aangevallen door draken en volledig verwoest. Tot overmaat van ramp raken de vrienden van elkaar gescheiden...
1 ... 69 70 71 72 73 74 75 76 77 ... 112
Перейти на страницу:

Lang geleden zouden het drietal aan de Riddertafel, zoals voorgeschreven door de Maatstaf, hebben bestaan uit de Grootmeester, de Hogepriester en de Hogerechter. Op dat moment was er echter geen Grootmeester. Een Hogepriester was er al sinds de tijd van de Catastrofe niet meer. En hoewel de Hogerechter heer Alfred MarKenin — wel aanwezig was, was zijn positie allerminst zeker. Zodra er een nieuwe Grootmeester werd aangesteld, zou die het gezag hebben om hem te vervangen.

De ridders konden echter niet wachten tot het Hoofd van de Orde volledig was. Hoewel hij niet sterk genoeg was om beslag te kunnen leggen op de felbegeerde positie van Grootmeester, was heer Gunthar Uth Wistan sterk genoeg om als zodanig te fungeren. Daarom was hij hier vandaag, aan het begin van het Midwinteravondseizoen, aanwezig om recht te spreken over deze schildknaap, Sturm Zwaardglans. Rechts van hem zat heer Alfred, en links van hem de jonge heer Michael Johansson, die dienstdeed als Hogepriester.

Tegenover hen, in de Grote Zaal van het Uth Wistan-kasteel, zaten twintig andere ridders van Solamnië die in allerijl uit alle uithoeken van Sancrist bijeen waren gebracht om als getuigen te dienen voor het Ridderoordeel — ook weer zoals voorgeschreven door de Maatstaf. Die schudden nu mompelend het hoofd terwijl hun leiders overlegden.

Aan de tafel die zich recht voor die van de drie Ridders van de Rechtspraak bevond, stond heer Derek op om een buiging te maken naar heer Gunthar. Zijn getuigenis was ten einde. Nu restten nog het Antwoord van de Ridder en het Oordeel zelf. Derek keerde terug naar zijn plaats te midden van de andere ridders, waar hij ging zitten lachen en praten.

Slechtséén persoon in de zaal zweeg. Sturm Zwaardglans was uiterlijk onbewogen blijven zitten terwijl Derek Kroonwacht zijn vernietigende beschuldigingen uitte. Hij werd beschuldigd van insubordinatie, weigering om bevelen op te volgen, het zich voordoen als ridder, en al die tijd was er geen geluid over zijn lippen gekomen. Zijn gezicht was zorgvuldig uitdrukkingsloos gebleven en hij hield zijn handen gevouwen voor zich op tafel.

Heer Gunthar keek Sturm recht aan, zoals hij vanaf het begin van het Ridderoordeel had gedaan. Hij begon zich af te vragen of de man nog wel leefde, zo star en wit was zijn gezicht en zo stram zijn houding. Gunthar had Sturm slechtséén keer ineen zien krimpen. Toen hij van lafheid werd beschuldigd, rilde hij over zijn hele lichaam. En dat gezicht van hem... Gunthar kon zich slechts één gelegenheid herinneren waarbij hij een man zo had zien kijken, en dat was toen die door een speer werd doorboord. Maar Sturm herstelde zich snel.

Gunthar zat zo geïnteresseerd naar Sturm te kijken dat hij bijna de draad kwijtraakte van het gesprek dat de andere twee ridders aan weerszijden van hem voerden. Hij ving alleen het eind van het antwoord van heer Alfred op.

‘... geen toestemming voor een Antwoord van de Ridder.’

‘Waarom niet?’ vroeg heer Gunthar scherp, zij het op gedempte toon. ‘Dat is zijn goed recht volgens de Maatstaf.’

‘Een dergelijke zaak hebben we nog nooit behandeld,’ verklaarde heer Alfred, ridder van het Zwaard, zonder omhaal. ‘Als er voorheen een schildknaap voor de Raad werd gebracht om tot ridder te worden geslagen, waren er altijd getuigen, vele getuigen. Dan krijgt hij de gelegenheid om zijn daden te verantwoorden. Dat hij die daden heeft verricht, lijdt nooit enige twijfel. Maar het enige wat Zwaardglans ter verdediging aanvoert...’

‘... is dat Derek liegt,’ maakte heer Michael Johansson, ridder van de Kroon, de zin af. ‘En het is ondenkbaar dat we het woord van een schildknaap laten prevaleren over dat van een ridder van de Roos.’

‘Desondanks mag de jongeman zijn zegje doen,’ zei heer Gunthar met een strenge blik op ieder van de mannen. ‘Dat is de wet volgens de Maatstaf. Wensen jullie die in twijfel te trekken?’

‘Nee...’

‘Nee, natuurlijk niet. Maar...’

‘Goed dan.’ Heer Gunthar streek zijn snor glad, boog naar voren en tikte zachtjes op de tafel met het gevest van het zwaard — Sturms zwaard — dat erop lag. De andere twee ridders wisselden achter zijn rug een blik, de een met opgetrokken wenkbrauwen, de ander met een licht schouderophalen. Gunthar was zich daarvan bewust. Hij wist van al het stiekeme gekonkel dat inmiddels wijdverbreid was onder de ridders. Hij verkoos er geen aandacht aan te besteden.

Gunthar was nog niet sterk genoeg om de positie van Grootmeester voor zich op te eisen, maar hij was de sterkste en machtigste van de ridders die op het moment deel uitmaakten van de Raad. Toch was hij gedwongen veel te negeren wat hij onder andere omstandigheden zonder enige aarzeling de kop zou hebben ingedrukt. Hij had erop gerekend dat Alfred MarKenin hem zou afvallen, want die ridder maakte al heel lang deel uit van Dereks kamp, maar over Michael, van wie hij dacht dat die trouw aan hem was, was hij verbaasd. Kennelijk had Derek hem ook bewerkt.

Gunthar hield Derek Kroonwacht in de gaten toen de ridders naar hun plaats terug keerden. Derek was de enige rivaal met voldoende geld en steun om de positie van Grootmeester te kunnen opeisen. In de hoop nog wat extra stemmen te winnen, had Derek gretig aangeboden om de gevaarlijke zoektocht naar de legendarische drakenbollen op zich te nemen. Gunthar had weinig keus; hij moest er wel mee instemmen. Als hij had geweigerd, zou hij de indruk hebben gewekt dat Dereks groeiende macht hem angst inboezemde. Derek was onmiskenbaar het meest geschikt, als je blind op de Maatstaf afging. Maar Gunthar, die Derek al heel lang kende, zou hem ervan hebben weerhouden als hij had gekund: niet omdat hij de ridder vreesde, maar omdat hij hem oprecht niet vertrouwde. De man was een snoeverige machtswellusteling, en als het erop aankwam, was Derek slechtséén man trouw — zichzelf.

En nu leek het erop dat Derek met zijn triomfantelijke terugkeer, mét een drakenbol, het pleit had beslecht. Daardoor hadden zich vele ridders achter hem geschaard die toch al geneigd waren zijn kant te kiezen, en hadden zelfs enkele leden van Gunthars eigen factie zich laten weglokken. De enigen die zich nog steeds tegen hem verzetten waren de jongere ridders uit de laagste orde: die van de Kroon.

Die jongemannen hadden weinig op met de strikte, rigide interpretatie van de Maatstaf, die het levensbloed vormde van de oudere ridders. Ze drongen aan op hervormingen, en waren daarvoor stevig op de vingers getikt door heer Derek Kroonwacht. Sommigen waren bijna hun riddertitel kwijt geraakt. Die jonge ridders stonden pal achter heer Gunthar. Helaas waren het er niet veel en beschikten ze over het algemeen over meer loyaliteit dan geld. Inmiddels hadden de jonge ridders zich alséén man achter Sturm geschaard.

Maar dit was de meesterzet van Derek Kroonwacht, dacht Gunthar verbitterd. Metéén zwaardslag zou Derek zich niet alleen ontdoen van een man die hij haatte, maar ook van zijn belangrijkste rivaal.

Het was wijd en zijd bekend dat heer Gunthar goed bevriend was met de familie Zwaardglans, en dat de vriendschap tussen de twee families generaties terugging. Het was Gunthar geweest die Sturm had gesteund toen de jongeman vijf jaar geleden uit het niets was opgedoken, op zoek naar zijn vader en zijn erfenis. Met behulp van brieven van zijn moeder kon Sturm bewijzen dat hij aanspraak mocht maken op de naam Zwaardglans. Een enkeling had geïnsinueerd dat dit aan de verkeerde kant van de lakens was bewerkstelligd, maar die geruchten had Gunthar snel de kop ingedrukt. De jongeman was duidelijk de zoon van zijn oude vriend; dat was aan zijn gezicht te zien. Door Sturm te steunen zette de heer echter veel op het spel.

Gunthars blik dwaalde af naar Derek, die tussen de ridders doorliep, glimlachend en handen schuddend. Ja, in dit Ridderoordeel werd hij, heer Gunthar Uth Wistan, neergezet als een dwaas.

Maar het ergste was nog, dacht Gunthar bedroefd terwijl hij zijn blik weer op Sturm richtte, dat dit waarschijnlijk het einde zou betekenen van de loopbaan van iemand die naar zijn mening een voortreffelijk man was, een meer dan waardig opvolger van zijn vader.

1 ... 69 70 71 72 73 74 75 76 77 ... 112
Перейти на страницу:
0
Сюжет
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Атмосфера
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Главный герой
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
0
Общее впечатление
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
Итоговая оценка: 0.0 из 10 (голосов: 0 / История оценок)