De Cock en de dansende dood
- Автор: Баантье Альберт Корнелис
- Серия: Inspector De Cock #13
- Год: 2005
- Язык: голландский
- Год: De Fontein
- ISBN: 90-261-0153-8
- Жанр: Другие детективы
Электронная книга - «De Cock en de dansende dood». Краткое содержание книги:
De Cock keek hem van terzijde aan. 'Je wilt zeggen dat Marianne aan alle kanten kan ontkomen.'
'Precies.'
De Cock knikte voor zich uit. 'Toch ben ik niet van plan,' bromde hij, 'om de mobile-eenheid op te roepen om een meisje met een kind te vangen.'
Ze staken de rijbaan over en liepen dicht tegen de gevels verder. Voor een ondiep portiek met een trapportaal zonder deur bleven ze staan. De Cock liet het licht van zijn zaklantaarn over de traptreden glijden. Er lag wat huisvuil en brokken puin. Voorzichtig stapte hij naar binnen. 'Pas op,' riep hij omkijkend. 'De trap heeft geen leuningen meer.' Vledder volgde. Behoedzaam, steunend aan de muur, gingen ze omhoog. Op de eerste verdieping bleven ze staan en duwden een deur open. De lange ovalen van hun zaklantaarns dansten door het vertrek. Ongeveer in het midden, op een stapel verpakkingskarton, sliep een jongeman. De Cock stapte naderbij, bukte zich en schudde aan een schouder. De jongeman reageerde niet. Hij sliep zwaar ronkend verder. De rechercheur streek de lange vieze haren opzij en scheen in het witte gezicht. Daarna drukte hij de oogleden een voor een omhoog. De pupillen gaven geen reactie. Ze bleven groot, verwijd.
De Cock kwam traag overeind. 'Stoned,' zei hij somber. 'Ik denk perfertine.'
Ze verlieten het vertrek en gingen verder de trap op. Uit een open kamer op de tweede verdieping scheen een gelig licht. De beide rechercheurs stapten erop af. Op de rand van een oud vies matras zat een meisje. De Cock schatte haar op vijftien, zestien jaar. Voor haar, op de kale houten vloer, stond een brandende kaars. Daarnaast lag een pakje shag en een homp brood, waaraan duidelijk was gebeten. Pas toen de schoenen van de mannen binnen de kring van het kaarslicht stonden, keek ze op. In haar ogen lag verbazing, noch verwondering. Ze liet na een enkele blik haar hoofd weer zakken en draaide verder aan een sigaretje. De Cock tastte in zijn broekzak naar zijn lucifers en hurkte bij haar neer. Toen ze haar shaggie had afgelikt, hield hij haar een vuurtje bij. Ze negeerde zijn aanbod, boog zich voorover naar het vlammetje van de kaars. De Cock zwaaide gelaten zijn lucifer uit. 'Is hier ergens een meisje met een kind?' vroeg hij vriendelijk. Ze keek hem aan, een blik vol onbegrip. 'Have you seen,'herhaalde hij in zijn beste Engels, 'a girl with a young child?'
Er gleed een glimlach over haar bleek gezicht. 'A young child… a baby.'Ze hield haar arm met sigaret omhoog.'Upstairs.'
De Cock drukte zich traag overeind. 'Thanks,' zei hij simpel, 'thanks a lot.'
Ze lieten het meisje met haar kaars alleen en slopen naar de derde verdieping. Het was er aardedonker. Ze luisterden gespannen. Er was geen geluid. Voorzichtig duwden ze de deur open en schenen in het vertrek. Er was niemand. In de hoek links, stond een zware balk schuin tegen een kastdeur. Vledder liet het licht er over spelen. 'Zou ze weer?' hijgde hij. De Cock liep haastig toe. Zijn hart bonsde bijna hoorbaar. Hij nam de zware balk weg en trok de deur open. Met een trillende hand scheen hij naar binnen. Laag, op de bodem van de kast, in een oude kartonnen doos met vodden, lag een kind. Het zwaaide met beide armpjes in de lucht, murmelde geluidjes en knipperde tegen het licht van de zaklantaarn.
De Cock bukte zich en nam het ventje uit de doos. 'Bonny.' Zijn stem klonk vreemd, hees. 'Arm kind.' Hij drukte het kereltje tegen zich aan, hield een stoppelige wang tegen het witte gezichtje. Toen gaf hij het kind over aan Vledder. 'Breng het weg.'
De jonge rechercheur keek naar hem op. 'En jij?'
De Cock streek over het grijze haar. 'Ik wacht tot ze komt.'
Hij zat in het donker op de vloer met zijn brede rug tegen de kastdeur en wachtte. Naast hem lag de zware balk en daarop, binnen handbereik, zijn zaklantaarn. Hij had de jonge Van Dijk gezegd driemaal te toeteren als er iemand het pand binnenging. Tot nu had hij niets gehoord. Hij voelde links aan zijn borst en bemerkte dat hij zijn schouderholster met pistool niet had omgedaan. Het verontrustte hem niet, hoewel hij wist dat de vrouw, op wie hij wachtte, twee moorden had gepleegd. Hij vroeg zich af, waarom het zo lang had geduurd? Waarom hij haar niet onmiddellijk had doorzien? Had hij ergens in het lange onderzoek een fout gemaakt? Of was hij te mild geweest… te mild jegens de jonge vrouw die hem van het eerste moment af had bekoord?
Midden in zijn overpeinzingen schrok hij op. Buiten toeterde iemand driemaal. Hij pakte zijn zaklantaarn van de balk en kwam moeizaam overeind. Voorzichtig sloop hij naar het portaal en luisterde. Er kwam iemand naar boven. Een lichte tred, een zacht geritsel, het schuifelen van voeten. Alles nauwelijks waarneembaar. Hij ging terug naar het vertrek. Naast de deuropening bleef hij staan en drukte zich tegen de muur. Gespannen wachtte hij op haar komst.
Ineens was ze er. Een lichte zucht schoof aan hem voorbij. Zijn ogen priemden door het duister van het vertrek. Hij wist dat ze daar stond, hoorde de cadans van haar ademhaling. De voetstappen gleden naar links, naar de kastdeur. Zonder te zien wist hij dat haar handen tastten naar een balk, die niet meer op zijn plaats stond. Hij hoorde hoe haar ademhaling versnelde en begreep haar angst. Hij deed een stap opzij en posteerde zich in de deuropening. Daarna deed hij zijn zaklantaarn aan en scheen in de richting van het geluid. Ze stond daar, zoals hij dat had verwacht.. gebogen, graaiend in een lege kast. Hij liet het licht van de lantaarn over zijn eigen gezicht spelen. 'Ik ben De Cock… Marianne… ik kom je halen. Je weet waarvoor.'
Ze kwam uit haar gebukte houding omhoog en liep langzaam op hem toe. Ze hield haar hoofd iets gebogen, zodat het lange zwarte haar voor haar gezicht viel. Plotseling, in een wilde krachtsexplosie, sprong ze op hem toe en sloeg de zaklantaarn uit zijn hand. Het ding bleef branden, rolde door het vertrek. De Cock greep haar vast. Ze vocht, wild, fel, verbeten, als een zwerfkat in het nauw. De Cock hield haar op een afstand, verplaatste zijn greep voor een beter houvast. Ze boog zich voorover en beet in de muis van zijn hand. Met een kreet van pijn liet hij los.
Ze vluchtte van hem weg, het portaal op, naar de trap. De Cock bukte naar zijn zaklantaarn en ging haar na. Hij hoorde haar gejaagde stappen op de trap. Ineens was er een gil, een klap… en stilte.
Verstijfd bleef hij staan en kneep zijn ogen dicht. In een flits begreep hij wat er was gebeurd. Leunend tegen de muur ging hij de trappen af.
Hij vond haar helemaal beneden, op de granieten vloer van het portaal. Ze lag met haar rok omhoog, de ogen gesloten, het lange haar als een zwarte waaier om het witte gezicht. De Cock knielde bij haar neer. Zijn vingertoppen gleden tastend langs haar hals, zochten naar het pulseren van het hart. Hij zag hoe haar lippen bewogen. Hij leunde over haar heen, hield zijn oor bij haar mond. 'Bonny,' fluisterde ze,'mijn Bonny.'
Een golf van medelijden overspoelde hem. Het kwam van zijn borst omhoog. Er stak iets in zijn keel, een groot onverteerbaar brok. Zijn ogen brandden, vulden zich met tranen. Hij slikte, probeerde die prop kwijt te raken, de tranen terug te drukken. Het lukte niet. Ze drupten op haar wang, gleden langs haar bleke lippen. Plotseling bemerkte hij dat er iemand achter hem stond.
Hij keek omhoog en ontmoette het gezicht van Robert Antoine. Hij wierp nog een blik op Marianne, trok met een devoot gebaar de veelkleurige rok over haar knieën en stond op.
'Waarschuw de Geneeskundige Dienst.' Zijn stem klonk wat beverig. Hij draaide zich om, waggelde weg, het portaal uit, de donkere straat in.
20
Met zijn rechterhand in het verband deed De Cock de deur van zijn woning open. Voor hem, op de stoep, stond Vledder. Hij lachte wat verlegen. In zijn linkerhand bungelde een bos fraaie rode rozen. 'Hoe… eh, hoe is het?'