De Cock en de moord in seance
- Автор: Баантье Альберт Корнелис
- Серия: Inspector De Cock #17
- Год: 1998
- Язык: голландский
- Год: De Fontein
- ISBN: 978-90-261-0167-8
- Жанр: Полицейские детективы
Электронная книга - «De Cock en de moord in seance». Краткое содержание книги:
Annette van Leeuwenhoek streek het lange grijze haar uit haar gezicht en blikte naar De Cock op.
‘U komt mij toch ook niet beschuldigen van de moord op Jennifer Jordan?’
De Cock antwoordde niet. Haar directe vraag had hem wat overrompeld. Hij trok diepe denkrimpels boven zijn neus. ‘Op het moment dat ik u beschuldig,’ sprak hij na enige tijd plechtig, ‘heb ik de bewijzen van uw schuld achter de hand.’ ‘Die hebt u dus niet.’
De Cock schudde zijn hoofd.
‘Nóg niet,’ merkte hij fijntjes op, ‘maar als ik u was, zou ik niet wanhopen. Het is in mijn carrière meer gebeurd dat het lang duurde voor ik over deugdelijke bewijzen beschikte.’ Annette van Leeuwenhoek klemde haar lippen op elkaar. Er kwam een blos op haar bleke wangen.
‘Ik voel er weinig voor,’ sprak ze geagiteerd, ‘om met u een soort kat- en muisspel te spelen. Ik zeg u nog eens in alle duidelijkheid… ik heb mijn eerste man niet vermoord… ik heb mijn schoonzuster Sjaan niet van kant gemaakt… en ik ben niet verantwoordelijk voor de moord op Jennifer Jordan.’
De Cock boog zich iets naar haar toe.
‘Hoe vaak was u op het tuincomplex Nut en Genoegen in het tuinhuisje van de zusters Van Keulen?’
Annette van Leeuwenhoek zuchtte diep. ‘Agatha van Keulen is een gemene intrigante. Ze is duivels en geslepen… veel duivelser en geslepener dan de faam die ik geniet. Gelooft u mij… haar hetze tegen mij is een handige zet… richt de schijnwerper op een ander en niemand heeft nog aandacht voor jou.’ Ze schudde traag haar hoofd. ‘Ik heb dat vergif niet uit dat kastje genomen.’
De Cock keek haar verrast aan.
‘Hoe weet u dat uit dat kastje vergif is verdwenen?’ Annette van Leeuwenhoek trok achteloos haar schouders op. ‘Wie weet? Misschien hebben wij wel dezelfde informatrice.’ De Cock klemde zijn lippen samen. In zijn gedachten sloop een vrouw met een omvangrijke boezem in een wijde slobbertrui. ‘Bobette van Zon.’
Annette van Leeuwenhoek grinnikte vreugdeloos.
‘Een dik dom leuterwijf… als u begrijpt wat ik bedoel. Ze kletst en roddelt over alles en iedereen. Ze zal ook tegen u wel hebben gezegd dat het geheim onder ons moest blijven.’
De Cock liet zijn hoofd zakken en deed zijn ogen even dicht. De klap die hij te incasseren kreeg, dreunde nog in zijn hersens na.
‘Dan weet u inmiddels ook,’ sprak hij onzeker, ‘dat wij Harry Donkervliet hebben vrijgelaten?’
Annette van Leeuwenhoek knikte voor zich uit.
‘Dat wist ik al voordat Bobette van Zon mij vanmorgen in alle vroegte belde.’
De Cock fronste zijn wenkbrauwen.
‘Hoe?’
Annette van Leeuwenhoek leunde achterover in haar leren fauteuil. Om haar dunne lippen zweefde een hautain lachje. ‘Hij was gisteravond bij mij.’
‘Harry Donkervliet?’
‘Ja, de neef van Jennifer. De man, die door het onzalig gekonkel van Mathilda werd gearresteerd.’
De Cock trok zijn gezicht in een ernstige plooi. ‘Waarom bezocht hij u?’
Annette van Leeuwenhoek antwoordde niet direct. Ze speelde met de ketting van haar medaillon. Een mysterieuze glimlach danste om haar mond. Ze genoot zichtbaar van de intense aandacht, die De Cock haar gaf.
‘Om met mij te praten,’ sprak ze hees. ‘Harry had duidelijk problemen.’
‘Waarmee?’
Ze gebaarde vaag. ‘Hij was tijdens zijn verblijf bij jullie in de Warmoesstraat niet erg openhartig geweest. Daar maakte hij zich zorgen over. Hij was bang dat hem dat later kwalijk zou worden genomen. Hij had dingen verzwegen.’
‘Zoals?’
‘De affaire van de ring.’
‘Wat voor een ring?’
Annette van Leeuwenhoek streek met haar pink een lok haar achter haar rechteroor. De geheimzinnige lach om haar mond was verdwenen.
‘Een gifring.’
De Cock keek haar gespannen aan.
‘Een gifring?’ herhaalde hij verrast.
Annette van Leeuwenhoek knikte. ‘Volgens Harry, een ring met een verborgen ruimte, die door een druk op een palletje kon worden geopend. Het moet een zeldzaam exemplaar zijn, heel oud, bezet met rode saffiertjes. Hij behoorde tot de vele sieraden die Jennifer van haar man had geërfd.’
De Cock kon zijn ongeduld niet helemaal bedwingen. ‘Wat is er met die ring?’ vroeg hij snauwerig.
Annette van Leeuwenhoek likte aan haar lippen.
‘Harry wist dat er zo’n ring was. Na de gifmoord op Zwarte Sophie is hij gaan kijken.’
‘En?’
‘Verdwenen.’
‘De gifring?’
Annette van Leeuwenhoek knikte even.
‘Uit de bijouteriekast van Jennifer.’
14
Ze reden de Jan Toebacklaan in Bussum uit. Het was gaan regenen. Vledder, aan het stuur, zette de ruitenwissers aan. De Cock keek ernaar. De heen en weer zoevende bewegingen hadden op hem een vreemde invloed. Als hij er zich niet sterk tegen verzette, brachten ze hem in een bijna hypnotische slaap. Vledder blikte hem van opzij aan.
‘Het is mijn schuld niet,’ sprak hij verontschuldigend. ‘Ik heb Harry Donkervliet wel een paar maal verhoord, maar hij heeft mij nooit iets van die ring gezegd. Annette van Leeuwenhoek had gelijk, Harry was niet erg openhartig. Ik heb steeds het gevoel gehad dat hij iets voor mij verzweeg.’
De Cock trok zijn schouders op.
‘We zullen hem in verband met die ring toch nog een keer moeten verhoren. Misschien heeft hij wel een verklaring voor zijn zwijgzaamheid.’ Hij glimlachte. ‘Overigens vind ik het een interessant aspect. Ik heb mij steeds afgevraagd op welke manier het gif in de koffie werd gedaan.’
‘Bestaan er van die ringen?’
De Cock knikte overtuigend.
‘Zeker. Ze werden door de Borgia’s gebruikt. En zelfs allang daarvoor. Maar ik ben ze nog nooit tegengekomen. En ik moet je eerlijk bekennen dat ik ook in deze zaak nog niet op het idee van een gifring was gekomen.’
Vledder schudde zijn hoofd.
‘Het is alleen jammer. Het brengt ons niet veel verder. De bijouteriekast van Jennifer Jordan was volgens Annette van Leeuwenhoek nooit afgesloten en stond bovendien in dezelfde kamer als waar de seances werden gehouden. Dat betekent dat in feite elk lid van de spiritistische kring de ring in een onbewaakt ogenblik kan hebben weggenomen.’
De Cock knikte. ‘We weten ook niet hoe lang de ring al weg is. Het is net als bij het vergif in Agatha’s tuinhuisje. Harry Donkervliet is pas na de moord op Zwarte Sophie naar de ring gaan kijken. Maar het is best mogelijk dat hij al maanden weg was.’ Ze reden een tijdje zwijgend verder. Vledder keek strak voor zich op de weg. De Cock zakte wat onderuit en dacht nog eens na over het hoe en waarom van alles en begon vaag wat contouren te zien.
Vledder stootte hem aan.
‘De moordenares moet de ring tijdens de moordseances hebben gedragen.’
De Cock kwam iets omhoog.
‘Vermoedelijk droeg ze hem nog toen wij arriveerden.’ Hij keek naar Vledder op. ‘Kun jij je herinneren wie van de dames een ring droeg met rode saffiertjes?’
Vledder haalde hulpeloos zijn schouders op.
‘Ik heb daar niet zo op gelet. Ik meen dat alle dames sieraden droegen.’
‘Zo zie je dat je nooit alert genoeg kan zijn.’ Het klonk wat wrang. ‘Misschien hadden we de moordenares zo uit het groepje kunnen pikken.’
Vledder reed de auto de Oudebrugsteeg in en parkeerde op de houten steiger achter het politiebureau. Vandaar slenterden ze naar de Warmoesstraat. De Cock blikte opzij.
‘Wanneer verricht dokter Rusteloos de sectie op het lichaam van Jennifer Jordan?’
‘Vanmiddag om drie uur.’
‘Ga jij?’
Vledder knikte traag.
‘Jij zult er wel geen zin in hebben.’
De Cock lachte.